TWEE SOORTEN WIJSHEID
Doch wij hebben niet ontvangen de geest der wereld, maar de Geest, Die uit God is, opdat wij zouden weten de dingen, die ons van God geschonken zijn. 1 KORINTHE 2:12
Als de apostel Paulus zijn oor te luisteren legt bij de gemeente van Korinthe, dan hoort hij daar roemen. Daar kan geen bezwaar tegen gemaakt worden: een gemeente die roemt. Maar, hoe mooi het ook lijkt, het is er in dit geval lelijk naast.
Men roemt namelijk niet in de Heere, maar in mensen, gaven en krachten. Dat is de wereldgelijkvormigheid van de gemeente. Daarin noemt Paulus haar vleselijk.
Over menselijke wijsheid berispt de apostel hen. Want menselijke wijsheid kwam er niet aan te pas, toen God hen tot de kennis van de waarheid bracht. Is het Evangelie niet het tegendeel van deze wijsheid, is het geen dwaasheid? Laten we niet roemen in de wijsheid der wereld, zij heeft afgedaan. De gemeente heeft toch de geest der wereld niet ontvangen? Over die geest van de wereld moeten wij niet gering denken. De geest der wereld doorvorst de dingen steeds verder en steeds grondiger. Wat komt de wetenschap al niet te weten, en wat speelt ze samen met de techniek in deze eeuw. Wie kan het nog overzien, de wijsheid raakt haast zoek in de vakkennis. Ontegenzeggelijk, wij weten verschrikkelijk veel. Soms halen we dat ‘veel’ lovend naar voren. Soms dempen we onze stem, en valt de klemtoon op ‘verschrikkelijk’. De geest der wereld kan verwoestend bezig zijn, terwijl wij haar nog bewonderen.
IN DE GEMEENTE
Met Pinksteren roemen wij volstrekt niet in de geest der wereld en al wat ze ons leert, omdat dit in hoge mate ontoereikend is. Wij worden door de geest der wereld niet wijzer, als het over God gaat. Het is kenmerkend voor haar dat zij God uitschakelt. Zodoende werpt ze ons op onszelf terug met al onze noden en angsten. En, wat het ergste is, wij hebben overal verstand van, maar Godskennis is er niet bij.
Wij hebben niet ontvangen de geest der wereld, maar de Geest, Die uit God is. Hier duizelt het ons: de Geest hoort thuis bij God. Pinksteren betekent: God komt tot ons over. Die Geest, Die uit God is, komt bij God vandaan. Hij komt om in Zijn gemeente te wonen en bij haar te blijven. Daarin mag die gemeente dan terecht roemen.
Wij hebben ontvangen. Dat geldt voor de gemeente als geheel. Wij kunnen geen scheiding maken tussen de Geest en de gemeente. In haar midden werd Hij uitgestort. Wel mogen wij vragen: Waar zijn de krachten, de vruchten, de gaven van die Geest? Lopen wij geen gevaar Hem uit te blussen, door Hem aanhoudend te bedroeven en te wederstaan?
Wij komen met onze wijsheid niet verder, wij komen ermee aan het eind
SCHIPBREUK
Om God te kennen zijn we op Zijn Geest aangewezen. Wij kennen God niet dankzij de ontplooiing van onze geest, als wij ons geestelijke inspanning getroosten. Wij kennen God dankzij Zijn eigen Geest. En daaraan herkennen wij de Geest, Die uit God is: Hij weet ons kennis van God bij te brengen, die hart en leven raakt. Wij ontvangen de Geest, Die uit God is, altijd in een weg van verlegenheid en verslagenheid. Wij komen met onze wijsheid niet verder, wij komen ermee aan het eind. Wij lijden schipbreuk met onze hoog opgetuigde geest, we klemmen ons niet langer aan wat wrakhout vast om drijvende te blijven. ‘O God, ik weet er niets meer van. Ik ken U niet, al werd mij het een en ander van U verteld. Wie zijt Gij? Schenk mij Uw Geest.’
LEVENSLANG LEREN
Wij ontvangen de Heilige Geest, opdat wij zouden weten. Dat is een weten van geheel eigen aard en orde. Het is de ware wijsheid tegenover de wijsheid van de wereld. Het is geen zaak van onze rede, maar het hart wordt erin gemoeid. Dit weten is het eeuwige leven: dat zij U kennen. Het is geloven, de Heilige Geest werkt het geloof. Hij verlicht het verstand, tot een geheiligd verstaan. Dan gaan we roemen: Ik weet het. Ik weet wat nodig is om zalig te leven en te sterven. Maar nooit zo dat we zeggen: Nu weet ik het wel. Het weten wordt vernieuwd in een levenslang leren. De Heilige Geest wil bij ons blijven opdat wij zouden weten de dingen, die ons van God geschonken zijn.
Ds. L. Kievit (1918-1990) was achtereenvolgens predikant van de hervormde gemeenten te Schoonrewoerd, Putten, Woerden, Putten, Leiden en Gouda. Deze meditatie is een ingekorte versie van de meditatie die ds. Kievit op 27 mei 1971 in ons blad publiceerde.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 juni 2016
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 juni 2016
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's