BOEKBESPREKING
Bert de Leede & Herman Paul (red.) Discipelschap. Een theologische peiling. Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer; 144 blz.; € 14,90.
Discipelschap hangt in de lucht. Sommigen denken bij discipelschap aan de vraag: ‘Wat moet ik als discipel doen?’ Anderen vragen zich af: ‘Wie ben ik als discipel van de Heere Jezus?’ De antwoorden op deze vragen lopen uiteen. Discipelschap vraagt daarom om theologische doordenking.
De bundel Discipelschap. Een theologische peiling bevat een zestal artikelen. De schrijvers nemen hun uitgangspunt niet in de activiteit, maar in de identiteit van een discipel: een discipel is door het geloof een levend lidmaat van Christus. Het accent ligt veel meer op Gods grote daden dan op ons handelen.
Dr. Stephen Cherry schrijft over ‘Discipelschap en nederigheid’. Nederigheid zet ons op onze plaats en wordt geleerd van de Heere Jezus. Nederigheid geeft zicht op onze sterfelijkheid en gaat aan wijsheid vooraf. Het artikel van dr. Brian Brock luidt: ‘Discipelschap: waarom het volgen van Jezus betekent dat ik mijzelf moet vergeten.’ Hij gebruikt daarbij het woord ‘zelfvergetelheid’: wij vergeten onszelf als wij onze blik richten op de Heere Jezus Christus en op Zijn grote daden. Hij belicht dit begrip aan de hand van de visies van Hauerwas, Luther en Bonhoeffer. Hij komt tot de conclusie dat ‘zelfvergetelheid’ voortkomt uit de oproep van de Heere Jezus ‘Volg Mij’. Niet ‘wij maar Hij’ moet in het middelpunt staan.
‘Vrees niet: discipelschap als improvisatie’ is de titel van het artikel van dr. Herman Paul. Wij leven in een wereld vol angst. De vraag dringt zich aan ons op: ‘Hoe kunnen wij hoopvol leven in een wereld vol angst?’ Discipelschap is een oefening in vertrouwen op God. Wij kunnen ons laten overweldigen door de dingen die om ons heen gebeuren, maar het is beter om te vertrouwen op Gods overweldigende goedheid, die ons bevrijdt van de angst voor de toekomst.
Hij gebruikt in dit verband de term overaccepting. Dr. Paul licht deze term toe met het voorbeeld van de secularisatie. Wij aanvaarden de gevolgen van de secularisatie als een ramp, maar wij laten ons niet overweldigen door de secularisatie, omdat wij weten dat de secularisatie niet het einde van Gods mogelijkheden is. Wij negeren of verabsoluteren de secularisatie niet, maar wij relativeren haar: God is groter, sterker en machtiger. Prof.dr. E. van 't Slot schrijft over ‘Een fiere kerk: over het licht voor de wereld zijn’. Zonder een zekere fierheid belandt het licht van de kerk al te snel onder een korenmaat. Het licht van Pasen schijnt in onze tijd nog buitengewoon fel. Hij vraagt aandacht voor vijf thema's rond discipelschap: 1. Het gaat bij discipelschap niet om het individu, maar om de gemeenschap. 2. De gemeenschap vindt in Christus haar eenheid. 3. De eenheid van het lichaam van Christus wordt zichtbaar aan de avondmaalstafel. 4. De eenheid in Christus veronderstelt de acceptatie van de verscheidenheid. 5. De verscheidenheid maakt ons ontvankelijk voor een wonder.
Dr. H. de Leede vraagt aandacht voor ‘Geboren uit water en Geest ? leven op brood en wijn: discipelschap, doop en avondmaal.’ In dit hoofdstuk gaat het over de kerk. De kerk is primair. Zij gaat vooraf. Zij is belangrijker dan ooit. De kerk moeten wij sacramenteel verstaan: de kerk is door God aan ons gegeven en de kerk bemiddelt het heil. Deze wending naar de kerk (ecclesial turn) is belangrijk, omdat in de kerk een discipel gevormd en gevoed wordt door Woord en sacrament. Discipelschap komt op uit het doopwater. Door de doop worden wij in Christus ingelijfd en maken wij deel uit van het lichaam van Christus (initiatie en participatie). Wij leven onder de spanningsboog van enerzijds met Christus gestorven en begraven zijn in Zijn dood, en anderzijds met Christus opgewekt te zijn om te wandelen in een nieuw leven. De doop kan, volgens de traditie van de Vroege Kerk, het beste één keer per jaar worden bediend op de paasmorgen. Om de gemeenschap met Christus te onderhouden is een wekelijkse viering van het avondmaal van levensbelang.
Dr. J.A. van den Berg schrijft over ‘Discipelschap als missionaire noodzaak.’ Hij vat discipelschap op als een levensstijl die het mogelijk maakt een identificatiefiguur te zijn voor anderen. Aan de hand van het leven van Petrus, Paulus en Johannes maakt hij duidelijk dat discipelschap een gevolg is van het werk van God in ons leven. Discipelschap begint bij God, is gericht op God en eindigt bij God. Als kerk zijn wij van God en voor de ander die Jezus nodig heeft. Discipelschap vraagt om een leven dicht bij Jezus en dicht bij mensen. De kerk dient daarbij als oefenplaats.
Het boek heeft mij zeer geholpen bij het nadenken over het thema discipelschap. Hopelijk is dat ook de ervaring van andere lezers.
H.J. VAN DER VEEN, SLIEDRECHT
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 september 2016
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 september 2016
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's