CHRISTELIJKE LITERATUUR?
Deze bijdrage schrijf ik in de Boekenweek. Dit jaar is het thema ‘Verboden vruchten’. De uitgebreide folder van de Libris boekhandels toont een gravure van Adam en Eva en de slang op de voorzijde. Gaat het over de zondeval? Ja, het Boekenweekessay van Connie Palmen haakt daarop in door het over ‘de zonde van de vrouw’ te hebben. Maar voor het overige lijkt de nadruk meer te liggen op lust en verleiding, als ik het goed zie. Net als zo vaak in de kerk gaat van het zevende gebod de meeste aantrekkingskracht uit. Hoe dan ook een goede gelegenheid om het over al of niet christelijke literatuur te hebben.
NEDERLANDS DAGBLAD
Eind januari meldde het ND dat het woord ‘christelijk’ ineens van het omslag van literair tijdschrift Liter was verdwenen. Onder de kop ‘Liter noemt zich niet langer christelijk’ deed Maurice Hoogendoorn navraag bij hoofdredacteur Len Borgdorff. Een fragment:
Is Liter niet christelijk meer?
‘Jawel. Liter is bij uitstek het blad waarin literatuur en levensbeschouwing elkaar niet alleen raken, maar ook met elkaar in gesprek gaan. We houden ons bezig met de christelijke traditie in de cultuur. Dat blijft zo. Maar om in gesprek te komen moet het blad wel gelezen worden, en we merkten dat het woord ‘christelijk’ potentiële lezers afschrikt. Christelijk wordt als ‘protestants’ geïnterpreteerd, of met een bepaalde kerk geassocieerd. Dat is jammer, want Liter wil podium bieden aan een open discussie.’
Het gaat in Liter dus om levensbeschouwing. Het woord christelijk was te smal?
‘We hebben nog overwogen om christelijk als geuzennaam te blijven gebruiken, maar het moet ook weer niet een statement worden. Liter is geen propagandablad. De redactieleden zijn allemaal brave kerkgangers, weliswaar van variërend pluimage. Maar wat mij betreft is ook een agnost als de dichter Anton Ent van harte welkom. Dat je positief staat tegenover het christelijk geloof is het minimum, maar door diversiteit ontstaat juist ook een goed gesprek.’
Bent u niet bang dat Liter minder onderscheidend is nu het woord christelijk overboord is gegooid?
‘Nee, want we blijven even christelijk. We bieden een podium aan literatuur waarin levensbeschouwing nadrukkelijk aanwezig is. Dat willen we nog explicieter gaan doen zelfs. Het boek Mijn heldere afgrond van de Amerikaanse dichter Christian Wiman heeft afgelopen jaar in Liter veel reacties opgeleverd over de vraag hoe geloof en literatuur zich tot elkaar verhouden. Ik heb daarover een briefwisseling geschreven met Stevo Akkerman. Het toont dat het gesprek relevant is. Je hoort vaak dat geloven weer mag, maar ik merk toch ook veel arrogantie in Nederland ten aanzien van alles wat religieus is. Het kan bijna niet anders of wij zullen daar in Liter op reageren.’
Als ik het goed begrijp, is de beslissing om niet meer uitdrukkelijk ‘christelijk’ te heten dus vooral ingegeven door marketingachtige overwegingen. Christelijk wordt al snel als propagandistisch opgevat en dat trekt geen nieuwe lezers.
Daarom kun je het maar beter vermijden. Voor de rest verandert er eigenlijk niets, zegt Borgdorff.
Eerlijk gezegd is dat nogal een magere onderbouwing van deze stap. Oud-hoofdredacteur Hans Werkman die met Lettergrepen een eigen rubriek heeft in de krant, ging (ND 10 februari) daarin dieper op de verandering in.
‘(...) Liter is al sinds de oprichting in 1991 een platform. Daar plantte de redactie in nummer 1 een vlag met opschrift bij: ‘Een platform voor allen die met een open bijbel literatuur schrijven of over literatuur schrijven. De bijbel is voor de redactie het Woord van God, waarin het uiteindelijk gaat om jezus Christus: de weg, de waarheid, het leven.’
Deze vlag is nu door de huidige redactie in de bezemkast gezet. Een forse beleidswending, die geen stilzwijgen verdraagt. ‘Christelijk’ is vervangen door het brede begrip ‘levensbeschouwelijk’. Liter als literaire Winkel van Sinkel waar levensbeschouwingen in de etalage liggen, maar officieel niets in het bijzonder wordt gekoesterd. Dat laatste wordt overgelaten aan individuele redacteuren, die trouwens onder de nieuwe vlag ook vervangen zullen kunnen worden door een agnost of een achristelijke humanist.
Vroeger kon ik in Liter of in zijn voorganger Woordwerk nog een stevig discussie-interview houden met jan Siebelink of Oek de jong. Deze auteurs kregen hun platform, maar werden op dat platform ook bevraagd vanuit de vlag ‘christelijk (zonder opgeheven vingertje, ze stelden zo’n discussie op prijs). Het nieuwe Liter echter ‘draagt geen eigen standpunten uit’.
IJKPUNT
Ook het abonnementenaantal is een reden om het woord ‘christelijk’ te laten vallen. Maar hoe zou dit uitpakken?
Liter richtte zich vanaf 1991 op een achterban van christelijke lezers (die natuurlijk ook voorzien werden van vele bijdragen die niet per se christelijk waren). Is de redactie niet bang dat een deel van die achterban zich nu bekocht voelt en verdwijnt? Maar denk niet dat ik dit stimuleer, want Liter blijf een waardevol blad.
Liter heeft de laatste jaren belangrijke gastschrijvers gehad: Willem Jan Otten, Les Murray, Désanne van Brederode. In 2017 is Tommy Wieringa gastschrijver. Dat is interessant. Hij heeft met Dit zijn de namen een levensbeschouwelijke roman geschreven. Hij is ook de schrijver van het heel anders geaarde Boekenweekge-schenk-2014. Ik wens Liter een hartig discussiegesprek met hem. Maar ik denk dat hij het podium praktisch voor zich alleen krijgt. De discussieprikkel vanuit het begrip ‘christelijk’ is verdwenen, die vlag staat in de kast, het oriëntatiepunt, het ijkings-punt is weg. Christendom is een onderdeel van de diversiteit geworden, en dat is armoe.
Liter komt dit jaar overigens met een themanummer over ‘christelijk schrijverschap’. De redactie heeft mij gevraagd daaraan mee te werken. Ik heb ja gezegd, in de hoop dat potentiële abonnees niet allergisch op dit thema reageren.’
Over Tommy Wieringa gesproken: in de krant van 10 maart – nog meer ND – wordt Wieringa door Johan Bakker geïnterviewd over zijn nieuwe boek De dood van Murat Idrissi. Aan het einde van het gesprek gaat het ook kort over Liter:
In 2017 bent u gastschrijver voor literair tijdschrift Liter. Hoe gaat die samenwerking eruitzien?
‘Ik neem het stokje over van Marcel Möring. Voor het komende nummer heb ik een schrijversdagboek geleverd waarin ik de marsroute beschrijf van De dood van Murat Idrissi. Ik vind het jammer dat ze het predicaat ‘christelijk’ hebben laten vallen net nu ik aantreed. Waar ik kom, kruipt het heidendom kennelijk onmiddellijk op.’
Dat laatste kan gemakkelijk als een ironische opmerking worden gezien. Niettemin blijft de vraag van Hans Werkman staan: is er nog een oriëntatiepunt waaruit het gesprek met auteurs vanuit de christelijke traditie gevoerd kan worden? Of is deze benadering zoals dat heet ‘niet meer van deze tijd’?
CHRISTELIJK WEEKBLAD
Het Christelijk Weekblad schrijft in ieder geval onbekommerd over de literatuurdag van het Christelijk Literair Overleg. Voorzitter Arie Kok legt aan Rob den Boer uit wat christelijke literatuur is:
‘Dat is literatuur waarin het christelijk geloof op een positieve manier aan de orde komt, ook als het door een niet-gelovige auteur is geschreven. Om gelezen te worden is het vooral belangrijk dat schrijvers kwaliteit leveren, in alle opzichten, want dat verkoopt. (...)’
Hoe ziet u het spanningsveld tussen zaken die voor christenen verboden vruchten kunnen zijn, maar die de literatuur juist opzoekt, zoals seks en geweld?
‘Hier zie ik geen spanningsveld. Een literair boek moet gaan over de existentiële kant van het leven, dus ook over de zelfkant. Als je van tevoren gaat selecteren waar je wel en niet over mag schrijven, wordt het boek een oppervlakkig gedrocht. Schrijven doe je vanuit een innerlijke noodzaak. Graham Greene (...) was een heel katholieke schrijver, maar in zijn boeken wordt zwaar gedronken en met dames van plezier omgegaan. Juist in die context gaat een begrip als genade ergens over. De mens wordt namelijk niet mooier gemaakt dan hij is.’
Voor mij als argeloze lezer van bovenstaande bladen is de definitie van christelijke literatuur er niet duidelijker op geworden. Als je echt in ‘christelijke’ literatuur gelooft, lijkt het me niet nodig je daarvoor te schamen. Zijn het niet juist organisaties die een helder verhaal hebben over hun identiteit die in deze tijd overleven en respect afdwingen? Aan de andere kant: zit achter het verlangen van Hans Werkman niet een onderscheid tussen een christelijke en een niet-christelijke cultuur die onhoudbaar is? Als er later dit jaar een themanummer van Liter komt over christelijk schrijverschap, hoop ik dat het over dit soort fundamentele vragen gaat.
Ds. G. van Meijeren is hoofd mobiliteitsbureau Predikanten & Kerkelijk Werkers van de Protestantse Kerk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 april 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 april 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's