BOEKBESPREKINGEN
Eric Bouter
Geloven op gezag.
Een kritische analyse van de Newmanreceptie bij Noordmans inzake de Kerk en de wending naar het subject.
Uitg. Boekencentrum Academic, Zoetermeer; 316 blz.; € 39,90.
Sommige dissertaties zijn dor en droog, naar een woord van de apostel Petrus ‘zwaar om te verstaan’.
Dat geldt echter niet voor het proefschrift waarop ds. E.E. Bouter juni vorig jaar bij prof.dr. G. van den Brink aan de Vrije Universiteit in Amsterdam promoveerde. In Geloven op gezag. Een kritische analyse van de Newmanreceptie bij Noordmans inzake de Kerk en de wending naar het subject hanteert de predikant van de hervormde gemeente Amerongen-Overberg (en broer van ons hoofdbestuurslid dr. P.F. Bouter) een sympathieke en verzorgde stijl van schrijven. De opzet en uitwerking van het onderzoek zijn helder. Door de samenvattingen tussendoor (de zogenaamde mesologen) is de gedachtegang van de schrijver goed te volgen. Dat het boekwerk bovendien keurig in hardcover werd uitgegeven, vergroot in niet geringe mate het leesplezier.
Het onderzoek richt zich op de vraag hoe dr. Oepke Noordmans (18711956 – de ‘Nederlandse kerkvader’) het gedachtegoed van kardinaal John Henry Newman (1801-1890) ten aanzien van de Kerk in zijn theologiseren verwerkte én zocht naar een theologisch begaanbare weg voor de 21e eeuw, waarin de wending naar het subject tot haar uiterste consequentie wordt doorgevoerd. Hiermee is de actualiteit (mijns inziens een voorwaarde voor dissertaties) van dit onderzoek meteen duidelijk. De aanvankelijk anglicaanse Newman zag het subjectivisme (ook al in zijn dagen!) als een heilloze weg en bekeerde zich daarom tot het katholicisme. Daar gold immers het objectieve gezag van kerk en traditie.
Newman leverde vervolgens forse kritiek op het protestantisme; zij had voor verwarring en versplintering (want: ieder zijn eigen waarheid) gezorgd. Sterker nog: de Reformatie is hiermee de voorloper geworden van het liberalisme.
Noordmans worstelde een halve eeuw later met dezelfde vragen. De zegen van de Reformatie is dat ze de betrekking tot Christus weer persoonlijk heeft gemaakt, maar het levensgrote gevaar van de wending naar het subject is dat via de lijn van Schleiermacher (de waarheid is te vinden op de bodem van het menselijke hart) de menselijke geest en Gods Geest in elkaar worden geschoven. God en mens staan niet meer tegenover elkaar, maar liggen in elkaars verlengde. In deze situatie kan God de mens niet meer aanspreken. ‘God kan er bij ons geen Woord meer tussenkrijgen.’ (p.42) In hun analyse van de kerkelijke situatie stemmen Newman en Noordmans weliswaar overeen, hun oplossing verschilt.
Het is ondoenlijk om alles wat Bouter ons in deze rijke studie biedt, weer te geven. Ik volsta met een aantal leeservaringen. Zo is het ontdekkend om te lezen hoe Noordmans het liberale theologiseren in zijn tijd onder kritiek stelt. Ik neig ertoe het woord profetisch te gebruiken. Hier worden harde noten gekraakt en het is de vraag of de zogenaamde gereformeerde gezindte van vandaag de dag zich ook niet aangesproken mag weten door deze kritiek. Is er in onze godsdienstigheid ook niet veel wat bij onszelf vertrekt en ook weer bij onszelf uitkomt?
Een ander punt is dat Bouter duidelijk maakt hoe Noordmans zijn oordeel over Newman aanvankelijk baseerde op wat anderen over Newman schreven. Dat dit riskant is, weten we maar al te goed, maar of wijzelf deze les al voldoende hebben geleerd in kerk en theologie, is zeer de vraag. Een laatste observatie is een opmerking die Noordmans zelf maakt in een lezing vlak na de Tweede Wereldoorlog met betrekking tot wat hij ‘de kerkhervormende macht’ van Newmans geschriften noemt. Noordmans zelf kwam gaandeweg steeds meer onder het beslag van Newmans denken en aan dat gevaar is Bouter zelf ook niet ontkomen. Het lijkt mij ook haast onvermijdelijk wanneer je je zo grondig met de materie bezighoudt. Overigens doet Newman ook prachtige uitspraken, over de prediking bijvoorbeeld. De taak van de preek is om bewust te maken wat gedoopt zijn inhoudt. En: veel predikers, die zich uitputten in kanselretoriek en andere emotionaliteiten, lijken vergeten te zijn dat Christus reeds aanwezig is in de dienst. In het spoor van Newman doet Bouter ten slotte een gedurfd voorstel ten aanzien van onze houding ten opzichte van de Rooms-Katholieke Kerk. Daarover zal het laatste woord voorlopig niet gezegd zijn. Waardering en overweging verdienen zijn opmerkingen in het Lutherjaar wél. Herdenking van vijfhonderd jaar Reformatie is toch ook ‘herdenking’ van evenzoveel jaren scheuren en breuken in het Lichaam van Christus? Daarbij: ‘een echte protestant denkt katholiek’ (ds. A.J. Mensink, in Reformatie.nu. Belijden in een seculiere tijd.). Dit actuele proefschrift verdient aandachtige lezing.
C.H. HOGENDOORN, KATWIJK AAN ZEE
Ds. M. Goudriaan
Opstand of onderwerping. Mensen rondom David.
Uitg. De Banier, Apeldoorn; 160 blz.; € 12,95.
Verrassend is altijd weer hoe collega’s een thema weten te vinden waardoor er nieuw licht valt op bepaalde bijbelgedeelten of bijbelfiguren. Het boek van ds. Goudriaan uit Ede is er een voorbeeld van. Hij leest niet zonder meer met ons de Davidgeschiedenis uit 1 en 2 Samuël en uit 1 Koningen door, maar kiest een zeventiental figuren die een rol hebben gespeeld in het leven van David.
Sommigen kwamen we al tegen in De Waarheidsvriend van vorig jaar. Het gaat bijvoorbeeld over Davids ouders, over zijn oudste broer Eliab, over generaal Joab, over enkele van zijn echtgenotes en natuurlijk over Goliath. In een eenvoudige en aansprekende stijl passeren deze mannen en vrouwen de revue. Daarbij draait het telkens om de vraag hoe ze staan tegenover David en vooral tegenover de Gód van David. Op een verantwoorde wijze wordt steeds de lijn naar Christus getrokken.
Er is ook een hoofdstuk over een kind, het jonggestorven kind, geboren uit de verhouding van David en Bathseba; een hoofdstuk dat indruk op me maakte, met name vanwege de pastorale toon. Deze pastorale toon doortrekt heel de bundel, en is ook praktisch: allerlei lijnen worden getrokken naar het leven van elke dag en naar dat van de binnenkamer. Moeilijke vragen die zich voordoen als je met een hedendaags oog de Davidgeschiedenis leest, worden niet uit de weg gegaan.
Ik vermoed dat we in dit boek te maken hebben met een voorbeeld van de hervormd-gereformeerde prediking zoals die op tal van kansels onder ons sinds jaar en dag klinkt en gemeenten gesticht heeft.
H.J. LAM, BARNEVELD
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 mei 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 mei 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's