DE SCHRIFT ALLEEN
Uitgangspunten in de hermeneutiek [1]
Hermeneutiek is een moeilijk woord. Het is de studie die zich bezighoudt met de spelregels om een tekst te verklaren. Hoe kom je de betekenis ervan op het spoor en hoe interpreteer je (oude) teksten?
Hermeneutiek hangt samen met het Griekse woord ‘hermeneuein’. Daar zit de naam ‘Hermes’ in. Hermes was de bode en uitlegger van de wil van de Griekse goden. Bij hermeneutiek gaat het om de vraag: hoe maak je de vertaalslag van tekst naar lezer? Wat is de aangewezen methode om tot een correcte uitleg te komen, op welke manier doe je recht aan de bedoeling van de auteur?
Over hermeneutiek is een heleboel te vertellen. Ook over bijbelse hermeneutiek, de spelregels voor de uitleg van de Heilige Schrift. Dit artikel wil laten zien op welke manier in de grote Reformatie in de zestiende eeuw, hermeneutische regels werden geformuleerd. Al werden ze toen nog niet zo genoemd.
LUTHER
Luther ontdekte door schriftstudie in de grondtekst (!) het ‘door genade alleen’ en ‘door het geloof alleen’. Op deze manier kwam hij uit bij ‘de Schrift alleen’. De Heilige Schrift heeft geen kerkelijk leergezag nodig om verklaard te kunnen worden, daarvoor heeft die Schrift alles zelf in huis. Daarom heeft de Schrift beslissend gezag over kerk en traditie.
De Schrift is helder en doorzichtig. Niet dat er geen moeilijke teksten in de Bijbel staan. Over woordbetekenissen en andere taalkundige kwesties kunnen er vragen zijn, over de boodschap van de Bijbel niet. Wie de Bijbel wil uitleggen, moet zich aan de Auteur van de Schrift onderwerpen. De boodschap van de Schrift ligt in haar woorden zelf besloten.
Vandaar dat de letterlijke betekenis voorrang heeft. De Schrift legt zichzelf uit. Lees het Oude Testament in het licht van het Nieuwe Testament. Wil je een gedeelte niet letterlijk maar zinnebeeldig opvatten, dan moet daarvoor in een ander gedeelte van de Schrift een sterke aanwijzing zijn.
Overigens betekent deze helderheid van de Schrift niet, dat er geen verlichting door de Heilige Geest nodig zou zijn. Het verstandelijk begrijpen van een bijbeltekst is niet genoeg. We hebben – zoals de Emmaüsgangers – Christus nodig om onze ogen te openen.
BREEKIJZER
De Schrift alleen, door genade alleen en door geloof alleen houdt in: Christus alleen. Christus is het beheersend gezichtspunt van waaruit je de Schrift moet lezen. Op een bepaalde manier wordt dit hermeneutisch principe bij Luther geradicaliseerd. Bijbelteksten en bijbelgedeelten die Christum nicht treiben (= Christus niet ‘promoten’), maken geen aanspraak op goddelijke autoriteit. Ze kunnen wel gemist worden en kunnen eigenlijk de Bijbel uit. ‘Wij voeren Christus aan tegen de Schrift,’ zegt Luther zelfs. Bekend is de moeite, die Luther met de briefvan Jakobus had. Hij hoorde daarin een tegenstelling met wat in de brief aan de Romeinen gezegd wordt: een mens wordt gered in de weg van geloof alleen. Luther heeft er krasse uitspraken over gedaan. De hermeneutische regel kreeg iets van een breekijzer in de canon, al trok Luther daaruit nog niet de uiterste consequentie.
TWEEDE HELVETISCHE CONFESSIE
Gereformeerde oren horen bij Luther veel bekends. Tegelijk is er ook reliëf en onderscheid. Voor de gereformeerde traditie lijkt mij hoofdstuk 2 van de Tweede Helvetische Confessie typerend. De opsteller ervan was Heinrich Bullinger (1504-1575). Het hoofdstuk draagt als titel: ‘De uitleg van de Heilige Schriften en verder de kerkvaders, de concilies en de overleveringen’. Een citaat daaruit: ‘De apostel Petrus heeft verklaard dat de Heilige Schriften geen privé-uitleg toelaten (2 Petr.1:20). Daarom accepteren wij geen willekeurige uitleggingen. En zo erkennen wij niet als juiste en oorspronkelijke uitleg van de Schriften, wat men wel de opvatting van de Roomse Kerk noemt. (…) Nee, wij erkennen alleen die uitleg van de Schriften als orthodox en oorspronkelijk die uit de Schriften zelf gehaald is (uiteraard vanuit het eigene van die taal waarin zij geschreven zijn, terwijl de Schriften verder onderzocht zijn conform de context en uitgelegd zijn door rekening te houden met gelijke of ongelijke plaatsen, maar ook met andere, duidelijker plaatsen), die verder overeenstemt met de regel van geloof en liefde, en die sterk bijdraagt aan Gods eer en het heil van de mensen.’
Uitgangspunt is wat beleden werd in hoofdstuk i van de Tweede Helvetische Confessie: de Schrift is het eigen Woord van God, geinspireerd door de Heilige Geest. Daarom laat deze Schrift geen eigenmachtige uitleg toe. Over heel de linie – ook in de uitleg – moet gebogen worden voor het gezag van de Auteur en Zijn heilig Woord.
GELOOFSREGEL
Dat gezag komt alleen de Schrift toe. Niet de (Roomse) kerk, niet de concilies, niet de traditie. Wij erkennen in de zaak van het geloof geen andere rechter dan God Zelf, die door de Heilige Schrifteafkondigt wat waar en vals is.
Omdat de Schrift van doorslaggevende betekenis is, wil zij ook in de grondtalen gelezen worden.
Allen zo krijg je oog voor de juiste betekenis van schriftwoorden. Dat houdt ook de prediking fris. De Heilige Schrift wil haar eigen uitlegster zijn. Daarom moet schrift met schrift vergeleken worden, met respect voor verbanden en situaties. Onheldere plaatsen moeten vanuit duidelijker schriftwoorden verklaard worden. De Schrift moet uitgelegd worden overeenkomstig de regel van het geloof. Bij de geloofsregel is te denken aan de hoofdzaken van het christelijk geloof. Er is een orthodoxe maatstaf, die je in de gaten moet houden. Dat is geen norm boven of naast de Schrift, maar een norm die ontleend is aan de Schrift zelf. De regel van de liefde houdt in dat tegengestelde opvattingen niet op de spits worden gedreven.
TRINITARISCH
De ware uitleg is gericht op de eer van God en het heil van de mens. Ook voor de Tweede Helvetische Confessie staat bij Gods verlossend handelen Zijn werk in Christus in het brandpunt. God heeft Zijn welgezindheid in Christus geopenbaard. Toch ontbreekt de versmalling van Luther met zijn ‘was Christum treibet’. Wij hebben in Christus met de drie-enige God te maken. Het heil van de mens, dat Christus brengt, heeft als doel het verbond van God met de mens.
Uiteraard gaat het hier meer om hermeneutische principes dan om hermeneutische regels voor allerlei onderdelen van de exegese. Het gaat mij hier om het principiële karakter van de klassieke reformatorische – speciaal de gereformeerde – hermeneutiek. Daarvoor is wat Bullinger schrijft in hoofdstuk 2 van de Tweede Helvetische Confessie kenmerkend, al zijn er bij de theologen van de Zwitserse Reformatie onderling eigen accenten te ontdekken.
Principieel lopen echter de klokken gelijk. Hermeneutiek richt zich op het verstaan van de tekst van de Heilige Schrift. Die Schrift – en die alleen – is het door God ingegeven Woord, dat vanwege de Auteur gezag heeft, ge-hoorzaamd wil worden. De ene Auteur staat garant voor de eenheid van de boodschap van de Schrift.
Dr. H.J.C.C.J. Wilschut uit Bovensmilde is als predikant verbonden aan de hervormde gemeenten van Sebaldeburen en van Een, samen met de kerkenraadscommissie van de protestantse gemeente in Leek.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 mei 2017
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 mei 2017
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's