De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

EENHEID EN WAARHEID

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

EENHEID EN WAARHEID

8 minuten leestijd

In De Groene Amsterdammer (4 mei) schrijft de historicus Chris van der Heijden een essay over wat er veranderd is in de periode na de moord op Pim Fortuyn. Voor 2002 stond alles in het teken van consensus en in de hele wereld was er belangstelling voor het Nederlandse ‘poldermodel’ dat tegenstellingen wist te verzoenen. Hoe was het mogelijk dat in een land met zoveel vrijheden, waar zoveel is toegestaan, ernstige conflicten uitbleven? Inmiddels is dat beeld helemaal gekanteld en ‘zijn we het in ons land niet langer eens over de grondslagen van de samenleving’. Van der Heijden citeert dan uit het rapport Waarden, normen en de last van het gedrag van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (2003):

‘Een moderne samenleving staat voor de opgave de grote mate van pluriformiteit te laten samengaan met voldoende eenheid en gemeenschappelijkheid.’ Inderdaad, dat was precies het probleem waar Fortuyn, Balkenende en zovele anderen eerder (Bolkestein) en later (Wilders) over vielen: de lastige, zo niet onmogelijke combinatie van pluriformiteit en eenheid. Tot dan toen was die combinatie echter zelden of nooit als een probleem ervaren. Integendeel. Zij was Nederlands kracht. Het kenmerk bij uitstek van ons land en onze cultuur was immers het vermogen om schijnbaar onverenigbare groepen, religies en opinies samen te brengen – protestant en katholiek, of joods en christelijk, elite en volk, werkgevers en werknemers, boeren, burgers, buitenlui. Juist daarom werd de Nederlandse consensus zo geroemd: omdat hij niet voor zich sprak.

DE WEKKER
Hoe gaan pluriformiteit en waarheid samen? Gaat het in de gemeente van Christus anders toe dan in ‘de wereld’? Ds. P.D.J. Buijs schrijft in De Wekker een meditatie naar aanleiding van Efeze 4 onder de titel: ‘Eenheid en waarheid – een spanningsvolle verhouding?’ Ds. Buijs schrijft dat de eenheid een geschenk is van de drie-enige God.

We behoeven ons dus niet in te spannen om die eenheid tot stand te brengen – dat doet de Heere Zelf. We worden wel opgeroepen om die eenheid te bewaren. Daarvoor zullen we alles in het werk moeten stellen. (...)

Dit elkaar vasthouden gebeurt door de band van de vrede met Christus, waar niet het conflict wordt gezocht maar de sjaloom wordt ontvangen.

Maar betekent dat dan dat je verschillen toedekt? Kan onder het mom van de eenheid en de vrede elke opvatting in de gemeente bestaan? Nee. De hele Schrift door worden we ook gewaarschuwd voor dwaalleer.
Ds. Buijs benadrukt dat Christus de Waarheid in eigen Persoon is. Waarheid zonder liefde is hard en zal het gewenste effect niet bereiken. Liefde zonder waarheid laat ruimte voor alle opvattingen. (...)

Het is niet mijn gewoonte om uit meditaties te citeren, maar deze overdenking luidt een themanummer over homoseksualiteit in waarin vooral het synodebesluit over deze zaak wordt belicht.
Daarin wordt onder meer uitgesproken dat de kerk de weg van de kerkelijke vermaning dient te gaan tegenover gemeenteleden met zo’n relatie. Ziedaar de spanning: hoe verhouden eenheid en waarheid zich? Is er ruimte voor verschil in opvatting over dit onderwerp dat de kerk diep verdeelt? Of betekent het dat ‘onder het mom van de eenheid en de vrede elke opvatting in de gemeente (kan) bestaan’?

ONDERWEG
Het blad van de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt en de Nederlands Gereformeerde Kerken, OnderWeg, heeft als leidraad ‘Als eenheid pijn doet’. Veel gemeenten zijn drastisch aan het veranderen, zoals bijvoorbeeld rond thema’s als liturgie, openstelling van ambten voor de vrouw en homoseksualiteit. Embert Messelink sprak over de conflicten die dit met zich meebrengt met emeritus hoogleraar Kees de Ruijter (GKv) en trainercoach Arine Brouwer (NGK). Een paar fragmenten:

Kees: ‘Laat ik om te beginnen iets goeds over conflicten in de kerk te zeggen. Zolang er conflicten zijn, zijn gemeenteleden met elkaar verbonden. Ze willen het conflict aangaan. Ik heb in mijn leven zelf moeten leren dat je op een positieve manier ruzie kunt maken. Je kunt namelijk ook langs elkaar heen leven. Dan zit je in het stadium van onverbondenheid en onthechting. Je gaat weg, omdat je het allemaal niets meer vindt.’ (...)

‘Het punt waarmee ik erg rondloop, is dat in onze traditie vaak alleen de waarheid is benadrukt. We hebben verwaarloosd om de onderlinge verbondenheid en de verbondenheid met Christus in onze geloofspraktijk tot uitdrukking te brengen. Gereformeerden doen vaak net of ze hersenen op stokjes zijn. Alsof de rest er niet toe doet. In de kerk zie je bij wijze van spreken tweehonderd kolommetjes zich omhoog richten, zonder onderling verbonden te zijn. Dat is een leegte waarin conflicten zich makkelijk kunnen nestelen.’

Arine: ‘Is het echt leegte? Ik denk dat die verbondenheid er wel is, maar vaak te onbewust. Als je in een conflict verzeild raakt, neem je maar al te snel je toevlucht tot argumenteren. Mensen zeggen niet gauw wat ze erbij voelen, waar het hun hart raakt. Wie is er in een conflict echt nieuwsgierig naar de ander, wie wil er nog proberen te onderzoeken wat er dan gebeurt?’

Wat voor soort kerkelijke conflicten hebben jullie nu in gedachten?
Kees: ‘Ik denk vooral aan allerlei conflicten rond de liturgie. Logisch dat juist daar conflicten opkomen: het gaat over verbondenheid met God. Op het moment dat gemeenteleden in de liturgie zaken willen veranderen, kan dat als een groot verlies voelen. Het kan zelfs de vraag oproepen: hebben we het eigenlijk wel over dezelfde God?

Veel mensen van mijn generatie zijn opgevoed met de psalmen. Soms hebben ze de indruk dat ze die tegenwoordig nauwelijks meer mogen zingen. Ze zitten echt met een verlieservaring in de kerk. Terwijl jongeren precies dezelfde emotie hebben. Zij willen via nieuwe liederen uitdrukking geven aan hun geloof, hun hart aan God geven. Hoe komt in zo’n situatie onderlinge verbondenheid tot stand?’

Arine: ‘Je ziet dat de essentie dezelfde is: jongeren en ouderen willen God van harte dienen en loven. Maar beide groepen bereiken elkaar niet.’

Kees: ‘Ik ben altijd echt hoopvol over wat Christus doet in zijn kerk. Maar die onverbondenheid vind ik een akelige cultuurtrek. Mensen zijn niet meer verbonden met elkaar, maar ook niet meer met hun wortels, hun traditie. Op dit vlak kom ik letterlijk alles tegen. Zijn we bang voor conflicten in de kerk? Ik signaleer dat mensen het conflict niet eens meer aangaan. Als iets hun niet aanstaat, gaan ze weg. Ik vind dat heftig.’

(...) Stel dat een gemeente besluit vrouwen toe te laten tot het ambt, wat doe je dan met de groep die er ondanks alle gesprekken van overtuigd is dat het tegen de Bijbel ingaat?
Arine: ‘Het lijkt mij belangrijk om die groep te laten weten dat je heel serieus hun mening en hun verlieservaring als gevolg van het besluit hebt meegewogen. Je moet zeggen: het is niet lichtzinnig gebeurd, we hebben je gehoord, maar we komen tot een andere conclusie. De verantwoordelijkheid van die groep zelf is vervolgens om je verlies te nemen. Ik zeg niet dat dat altijd kan. Maar ik zou ervoor willen pleiten dat mensen in de kerk leren om hun verlies te nemen. Dat heeft heel veel met gemeenschapszin te maken. En ook met vertrouwen in de mensen die de beslissing nemen, juist ook als ze een andere keuze maken. Probeer te vertrouwen in plaats van gelijk te krijgen.’ (...)

Arine: ‘Als je opener wordt als kerk, worden de verschillen alleen maar groter. Er gebeurt van alles. Hoe ga je ermee om? Je hoofd gaat overuren maken en kan bij wijze van spreken ontploffen. Ben je dan bereid om je houvast – dat hoofd, je denkvermogen – los te laten? Kun je vraagtekens zetten bij wat je denkt, ter wille van Christus?’

Het valt me op dat ook hier een directe relatie wordt gelegd tussen een bepaalde opvatting en Christus. Hoofdredacteur Ad de Boer merkt elders in het nummer op dat hij zelf heel goed kan omgaan met verschillen in de kerk en compassie kan hebben met mensen die zich vervreemd voelen. ‘Tot ik op een helder moment zie dat ik er goed in ben als ik aan de winning side sta: als de kerkenraad keuzes maakt in lijn met mijn overtuiging. (...) Maar wat als het anders is?’

Ik besluit met een citaat van prof. De Knijff dat mij verder helpt: ‘De regel: geen eenheid ten koste van de waarheid is moelijk te ontkrachten. Toch heeft zij een verkeerde vooronderstelling en dat is deze: dat waarheid zou kunnen bestaan zonder te verenigen. Waar waarheid tot verdeeldheid leidt, zou een diepe verontrusting moeten ontstaan en zou de vraag veel zwaarder moeten wegen, of wij wel in de waarheid zijn.’

Ds. G. van Meijeren is hoofd mobiliteitsbureau Predikanten & Kerkelijk Werkers van de Protestantse Kerk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 mei 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

EENHEID EN WAARHEID

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 mei 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's