GEKROMD IN ONZE ZORGEN
Biddeloosheid [2, gevolgen]
Zoals een slak zit opgesloten in zijn huis, zo zit een mens opgesloten in (de gevangenis van) zichzelf. Met dit verschil dat een slak uit zijn huisje kan kruipen als hij dat wil, maar een mens zich niet kan bevrijden van zichzelf.
Hij heeft immers de sleutel van die gevangenis niet alleen verloren, maar weggegooid. Op een vergelijkbare manier spreekt Luther in zijn uitleg van de Romeinenbrief over de mens als homo incurvatus in se. Deze klassieke woorden – de uitdrukking komt van Augustinus – brengen de zondige mens treffend in beeld als een in zichzelf gekromd wezen.
KERN
Wat dat betekent, is misschien wel het treffendst door David onder woorden gebracht in de bekende belijdenis uit Psalm 32: ‘Toen ik zweeg, teerden mijn beenderen weg (...), mijn levensvocht veranderde in een zomerse droogte.’ (v.3a,4b)
Met de belijdenis van David raken we de gevolgen van onze biddeloosheid in de kern. Opgesloten in onszelf, bloeien we niet op, maar sukkelen we maar wat verder en verkwijnen op den duur. Dat verkwijnen kan lang op zich laten wachten, want een leven zonder God kan ogenschijnlijk lange tijd goed verlopen. Zo groot is Gods geduld met biddeloze mensen. Dat tij keert echter onherroepelijk. Want zoals een bloem open bloeit naar de zon, maar verkwijnt in het donker, zo vergaat het onze ziel als God chronisch buiten beeld blijft. Ik breng enkele van de vele gevolgen van biddeloosheid in kaart.
We doen we onszelf geweldig te kort als we op het punt van bidden in staking zijn gegaan
AUDIËNTIE
Bidden lijkt een activiteit te zijn die van ons uitgaat, maar ten diepste is het een reactie op Gods uitnodiging om bij Hem op audiëntie te komen. Verschijnen voor Gods aangezicht, heet dat in bijbelse termen. Deze hemelse audiëntie blijft niet in algemeenheden steken, maar wil van Gods kant uiterst persoonlijk worden ingevuld. We worden immers uitgenodigd ons hele hart voor de Heere uit te storten. Op gelijke manier als de zwaar getreiterde Hanna in de tabernakel haar hart voor God uitstortte toen zij Hem smeekte om een kind, nodigt de Hemelkoning ook ons op audiëntie. Wie echter biddeloos door het leven gaat, weigert die uitnodiging aan te nemen. We gaan niet op audientie aan het hemelhof en nemen zelfs de moeite niet om ons af te melden. Zonder opgaaf van redenen blijven we weg. Terwijl de Heere God 24 uur per etmaal belangstelling voor ons heeft en zorg voor ons draagt, kunnen wij nog geen vijf minuten belangstelling voor Hem opbrengen. Heet dat geen zware belediging en aanranding van de allerhoogste Majesteit als we zo’n vriendelijk en dringend verzoek nonchalant weigeren en ongeïnteresseerd naast ons neerleggen?
VOORBEDE
Dat is echter niet het enige kwaad. Door weg te blijven uit het hemelse paleis wijzen we impliciet de voorbede van de hemelse Pleitbezorger, Jezus Christus, af. Hij heeft speciaal plaats gekregen aan de rechterhand van Zijn Vader om daar voor ons Zijn pleidooi te voeren (Rom.8:34b), zodat ons gebed bij God een willig onthaal vindt. Als wij echter opgehouden zijn met bidden, kan de hemelse Advocaat onze gebeden niet betrekken in Zijn voorbede. Wat een gemis. En dit hoeft volstrekt niet, want de hemelse Voorbidder, Jezus Christus, staat klaar om onze gebeden, vergezeld van Zijn voorspraak, bij Zijn Vader terecht te brengen.
De schade loopt nog verder op. Behalve de Pleitbezorger in de hemel missen we ook de mogelijkheid om gebruik te maken van het bidden van de Heilige Geest voor ons. Zelf weten wij immers niet wat wij bidden zullen zoals het behoort. De Geest Zelf echter pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen (Rom.8:26b).
Als wij al biddend bij onszelf moeten vaststellen dat wij er niets van terechtbrengen, staat Hij klaar om ons te hulp te komen. Hij doet dit door Zijn onuitsprekelijke verzuchtingen in ons hart te fluisteren. En wat wij niet kunnen uitzeggen, hoort God toch door het niet na te spreken zuchten van de Geest. Deze eerste hulp bij het bidden, ons aangeboden door de Heilige Geest, wuiven we echter nonchalant weg wanneer we als een biddeloos mens opgesloten blijven in onszelf.
ZORGEN
Veel christenen hebben met dezelfde persoonlijke zorgen en moeiten te maken als waarmee tal van andere mensen te kampen hebben: gebrek aan financiële middelen, problematische relaties in de familie of op het werk of in de gemeente, kinderen die een eigen weg gaan, geliefden die eigenzinnig zijn en het Evangelie niet willen aannemen, gezondheidsproblemen, bedreiging van onze veiligheid enz.
Wie nu zonder verbinding met God zijn weg door dit oerwoud van zorgen en problemen probeert te gaan, verliest allereerst een almachtig God uit het oog Die kan doen ver boven wat wij bidden en denken (Ef.3:20). Dat is echter lang niet alles. Evenals zoveel anderen, voor wie God niet (meer) het belangrijkste is, zullen we langzamerhand onze hoop zien verdwijnen en zullen zorgen en angsten ons steeds meer terneerdrukken. Het resultaat is dat we nog meer gekromd raken in onszelf en in onze zorgen, terwijl God ons een zo heel ander en vooral hoopvol leven gunt. Een leven met perspectieven voorbij dit tijdelijke leven vol moeite en verdriet. Wat doen we onszelf geweldig te kort als we op het punt van bidden in staking zijn gegaan.
IN DE WERELD
Biddeloosheid is niet van vandaag of gisteren. Laten we niet denken dat vroeger alles goud was wat er blonk. Biddeloosheid is iets van alle eeuwen, omdat het eigen is aan mensen die zich losgescheurd hebben van God. Wel is er verschil. Zo’n 250 jaar geleden was het levensgevoel in zijn algemeenheid nog voluit doortrokken van bijbelse religiositeit. Dat is na de Tweede Wereldoorlog drastisch veranderd. Een kleine zestig jaar geleden schreef dr. K.H. Miskotte een boekje over het gebed met als titel De weg van het gebed. Het beleefde tot de jaren negentig van de vorige eeuw verschillende herdrukken. Kennelijk was er vraag naar en voorzag het in een behoefte. In dit boekje definieert Miskotte het verschil tussen kerk en wereld aan de hand van het gebed. Kenmerkend voor de gemeente van Christus is dat zij bidt, aldus Miskotte. Anderzijds wordt de wereld door hem omschreven als het gebied van biddeloosheid: men weet er niet meer wat bidden is. En men kent ook de weg van het gebed niet meer als een weg waarlangs men tot God kan gaan. God is in de wereld immers volstrekt uit beeld verdwenen. Hooguit wordt Hij beschouwd als een reliek uit vervlogen tijden. Dat God ons Zijn Naam heeft bekendgemaakt en dat Hij daarmee door ons wil worden aangeroepen, is in de wereld een volstrekt onbekend gegeven. De crisis van de secularisatie, die Miskotte tóen al zag opdoemen, schreef hij grotendeels toe aan de genoemde biddeloosheid. Deze waarneming raakte Miskotte, gevoelig als hij was voor de tijdgeest, heel diep. Het meest nog omdat hij van deze ontwikkeling niet als een journalist verslag deed, maar omdat hij zelf innerlijk had ervaren dat je zomaar meegezogen kunt worden in het gebied van de biddeloosheid. Dat je ongemerkt over de grens van kerk en wereld heenglijdt en zelf tot wereld wordt. Dat kan heel dichtbij komen. Wie bespeurt deze ontwikkelingen niet in eigen vriendenkring? Of dichterbij: bij kinderen en kleinkinderen? En nog dichterbij: in het eigen hart, zoals Miskotte? De crisis van deze tijd is volop de kerk binnengeslopen.
DAVID
We sluiten deze bijdrage af met een veelzeggend voorbeeld. Een onderwijzer (het zal in de bovenbouw van de basisschool zijn geweest) had in sobere woorden de geschiedenis van het overspel van David met Bathseba en de daarop volgende moord op Uria verteld. Aan het eind van zijn vertelling merkte hij op: ‘Jongens en meisjes, ik begrijp het eigenlijk niet. Hoe kon David, man naar Gods hart, zo’n groot kwaad doen tegen Bathseba en Uria, vooral tegen God?’ Een leerling stak zijn vinger op en gaf als antwoord: ‘Ik denk, meester, dat David zijn ochtendgebed vergeten had.’
De geestelijke en vaak ook concrete schade van biddeloosheid is groot. De zegen van een biddend leven is vele malen groter.
Ds. P. van der Kraan uit Arnemuiden is emeritus predikant.
Volgende week het slot, over hoe je terugkeert naar een biddend leven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's