EEN WOORD VAN HOOP
Van harte gereformeerd [5, de verkiezing]
Onze gereformeerde belijdenisgeschriften geven helder aan waar het bij het geloven in de verkiezende God op aan komt. Enkele kernmomenten uit de confessies lopen we langs.
De Heidelbergse Catechismus zet in beknopte aanduidingen de toon voor bijbels verantwoord denken en spreken over de verkiezende God. In zondag 2I (antwoord 54) wordt van de door Christus vergaderde Kerk beleden dat zij ‘tot het eeuwige leven uitverkoren’ is. Het is de tweede keer dat in de catechismus het woord ‘uitverkiezing’ valt. De eerste keer is in antwoord 52, waarin het geloof jubelt ‘dat Christus mij met alle uitverkorenen tot Zich in de hemelse blijdschap en heerlijkheid nemen zal’. Zo wordt op de toonhoogte van de lofprijzing over Gods verkiezende liefde van eeuwigheid gesproken. Dat is ook de enige manier om er zinvol over te spreken, in gelovige aanbidding en verwondering.
GEMEENTE
Zondag 21 leert ons dat allereerst de gemeente als lichaam van Christus is uitverkoren en pas daarbinnen de gelovigen elk persoonlijk. Ik hoef mij dus niet individualistisch af te vragen of ik wel uitverkoren ben. Nee, de gemeente van Christus wordt gebouwd naar Gods gemaakt bestek en rust in het eeuwig welbehagen. De werktekening en de blauwdruk van de gemeente lag als het ware al klaar in Gods eeuwige vrederaad, in Zijn geheime kabinetten.
Gode zij dank is er een verkiezing. Vanwege Gods verkiezing bestaat de kerk en zal er een kerk op aarde zijn tot op de jongste dag; daarin klopt het hart van Gods liefde. Dat betekent dan ook dat ik, als ik door een hartelijk geloof in Christus van deze gemeente lid ben, in haar en met haar zeker ben van mijn verkiezing.
UITGANGSPUNT
De Nederlandse Geloofsbelijdenis wijdt een van de 37 artikelen aan de verkiezing. Artikel 16 maakt ons duidelijk waar we moeten beginnen als het over de uitverkiezing gaat. Bij de zondeval, het verbroken verbond en het verloren paradijs. Dus daar waar wij mensen alle rechten en aanspraken verloren hebben en niets anders verdienen dan het oordeel van de eeuwige dood. Het is onmogelijk zuiver over Gods verkiezende genade te spreken zolang we ons uitgangspunt kiezen in de rechthebbende mens. Dan denken we het recht op eeuwig leven te kunnen claimen en God heeft dan maar te zorgen dat wij krijgen wat ons toekomt.
Pas als we zien hoe de mensheid door eigen schuld in volstrekte verlorenheid is terechtgekomen, kunnen we op de juiste toonhoogte spreken over Gods verkiezende liefde van eeuwigheid. Dan wordt in het naargeestige dal van Achor een deur van de hoop geopend (vgl. Hos.2:14). Ook in Efeze 1 zingen mensen die beseffen dat zij van nature dood waren in de zonden en misdaden, dankbaar van Gods eeuwig welbehagen in Christus.
EEUWIGE BEWOGENHEID
Verkiezing is een woord van hoop midden in de hopeloosheid.
Wanneer de mensheid zichzelf in verderfenis en ondergang heeft gestort, is er van onze kant geen enkele beweging naar God toe meer te verwachten. Satan kan lachen in zijn vuistje. Hij is er dan toch maar in geslaagd die mens als pronkjuweel van de schepping mee te sleuren in de diepte.
Maar wat blijkt nu? De Heere is die ‘mensenmoordenaar van den beginne’ een beslissende stap vóór. Toen Adam in zonde viel, was dat voor God geen overrompelende, onvoorziene ontwikkeling, hoe absurd de zondeval ook was. Toen had de Heere het erbij kunnen laten, zoals Hij ‘de engelen die gezondigd hebben, niet gespaard heeft, maar hen in de hel geworpen en overgegeven heeft aan de ketenen van de duisternis om tot het oordeel bewaard te worden’ (2 Petr.2:4).
Maar dan blijkt hoe vanuit Gods eeuwige bewogenheid het besluit van de verkiezing opkomt, om zo een groot volk in het leven te behouden.
VERWERPING
Artikel 16 spreekt over Gods barmhartigheid en rechtvaardigheid. God toont Zich barmhartig ‘doordat Hij uit dit verderf trekt en verlost, degenen die Hij in Zijn eeuwige en onvergankelijke raad, uit loutere goedertierenheid, uitverkoren heeft in Jezus Christus, onze Heere, zonder ook maar iets van hun werken in aanmerking te laten komen’. God is rechtvaardig ‘doordat Hij de anderen laat in hun val en verderf, waarin zij zichzelf gestort hebben’. We kunnen op bijbels-theologische gronden vraagtekens zetten bij het zo tegenover elkaar plaatsen van Gods barmhartigheid en rechtvaardigheid.
De bedoeling van de NGB is echter duidelijk. Naast verkiezing is er ook verwerping. De Heere is ruimhartig voor verloren mensen. Toch ging Hij ook velen voorbij. Niet alle mensen zullen zalig worden. Het valt op dat dit artikel niet op een parallelle manier over verkiezen en verwerpen spreekt. De gekozen bewoordingen maken volstrekt duidelijk: wie verloren gaat, gaat om eigen schuld verloren; wie behouden wordt, wordt uit vrije genade behouden. Dat lijkt volkomen tegenstrijdig, maar we zullen het als mysterie moeten laten staan. In de hemel wordt gezongen van vrije gunst die eeuwig God bewoog. In de hel wordt de rechtvaardigheid Gods erkend, die de oorzaak van de straf gevonden heeft in de ongelovigen en onbekeerlijken zelf. God verkiest uit grondeloos welbehagen. God verwerpt echter niet zonder de oorzaak van die verwerping in de verworpenen zelf te vinden.
GETUIGEN
Wij mogen dus niet op dezelfde toonhoogte en als in één adem van verkiezing en verwerping spreken. Voorop staat: God is van eeuwigheid de verkiezende God. Dat typeert Hem en doet Hem kennen als de menslievende God (lees vooral ook artikel 17). Dat kenschetst Hem tot in het diepst van Zijn wezen als de God van grondeloze barmhartigheid. Niet dan met grote voorzichtigheid en terughoudendheid spreken we vervolgens van Gods verwerping. Er is eerbiedige ontzetting bij de gelovige wanneer hij de onbekeerlijken zich tot het einde toe ziet verharden: ongehoorzaamheid, waartoe ze kennelijk ook bestemd zijn (1 Petr.2:8). Hierbij kunnen we denken aan de farao in Egypte: hij verhardt zich telkens weer onder Gods roepstemmen en uiteindelijk verstokt de Heere zijn hart. Dat is een laatste woord in het kader van een bewogen worsteling om het behoud van allen.
Wanneer we spreken van verwerping, mag dat geen theoretische beschouwing, geen ‘studeerkamerverhaal’ zijn. De jubel om de verkiezing staat in de gemeente voorop. Nooit los daarvan, altijd op de achtergrond en in de schaduw, is er een zwijgen van verschrikking om de ontzaglijkheid van de zondemacht en de onnaspeurlijkheid van Gods raad.
Nooit kan de verkoren gemeente erin berusten dat anderen verworpen zijn. Zij weet zich juist geroepen in woord en wandel te getuigen tot behoud van degenen die buiten zijn. Ondanks teleurstellingen die zij daarbij opdoet, blijft zij goede moed houden door te zien op de ruimte van Gods verkiezing. Dankzij Gods verkiezing zijn we in afhankelijkheid van de Geest en in bewogenheid met mensen getuigen van Christus. De vrucht is verzekerd.
VRUCHT
De Dordtse Leerregels zijn te beschouwen als nader commentaar bij artikel 16 NGB, nodig geworden door de strijd met de remonstranten onder leiding van Arminius. In het geding met de remonstranten houden de contra-remonstranten eraan vast dat het geloof van de mens geen oorzaak is van diens verkiezing. God heeft je niet uitverkoren omdat Hij van tevoren zag dat je zou gaan geloven. Als dat zo was, zou een mens zichzelf kunnen beroemen op zijn geloof. Dan zou genade niet meer honderd procent genade zijn.
Nee, het geloven van de mens is een vrucht van de verkiezing. Gods vrije welbehagen gaat aan iedere geloofswerkzaamheid van de mens vooraf. Daarom wordt benadrukt dat we niet op eigen kracht kunnen geloven, maar alleen dankzij het vernieuwende, levendmakende werk van de Heilige Geest in ons. Tegelijkertijd waken de Leerregels ervoor de uitverkiezing als een blokkade voorop te zetten en zo afbreuk te doen aan de welgemeende, hartelijke uitnodiging tot ieder die het maar hoort om tot Christus te komen en in Hem de zaligheid te vinden (zie de inzet van hoofdstuk 1).
HOOGSPANNING
Verder benadrukt ‘Dordt’ dat we niet op dezelfde manier (Latijn: non eodem modo) over verkiezing en verwerping mogen spreken. Het ‘Besluit’ van de Leerregels tekent als karikatuur van de gereformeerde leer ‘dat de verwerping op dezelfde wijze de oorzaak is van ongeloof en goddeloosheid als de verkiezing de bron en oorzaak van het geloof en de goede werken is’. Van deze en dergelijke karikaturen wordt gezegd ‘dat de Gereformeerde kerken die niet alleen niet belijden, maar ook van ganser harte met afschuw verwerpen’.
Hier klinkt krasse taal omdat de Leerregels in het belijden dat de verlossing voor honderd procent aan Gods genade te danken is, tevens voor honderd procent de menselijke verantwoordelijkheid handhaven. Alleen binnen deze hoogspanning en nooit los daarvan voltrekt zich Gods eeuwige plan.
ISRAËL
Op basis van de Schriften moet nog meer gezegd worden. Vanuit de openbaring van de verkiezende God zien we hoe Israël als Gods uitverkoren volk een blijvende plaats heeft in Zijn heilsplan. Deze lijn missen we node in de belijdenisgeschriften. Verder is er meer te zeggen over de verkiezing tot dienst, met het oog op Gods eer en het welzijn van de mensen. We laten dat nu echter liggen en stemmen dankbaar in met onze confessies: ‘Door U, door U alleen, om ‘t eeuwig welbehagen.’
Dr. J. Hoek uit Veenendaal is emeritus hoogleraar gereformeerde spiritualiteit.
Volgende week deel 6 van deze serie: ds. J.K.M. Gerling over de twee naturen van Christus.
GESPREKSVRAGEN
1. Van Gods verkiezende liefde kun je met diepe blijdschap en dankbaarheid zingen. Toch hebben veel mensen daar moeite mee. Hoe zou dat komen? En hoe zou dat kunnen veranderen?
2. Waarom is het belangrijk om niet op dezelfde manier over verwerping als over verkiezing te spreken? En waarom is het een karikatuur als gezegd wordt dat Gods verwerping de bron en oorzaak is van ongeloof en goddeloosheid?
3. Bent u het ermee eens dat de Schrift nog rijker over de verkiezende God spreekt dan de belijdenisgeschriften? Zo ja, waarom wel? Zo nee, waarom niet?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's