VAN DE KERK HOUDEN
Onlangs las ik van prof. dr. Herman Paul een studie over visies op secularisatie. Een boekje waarin dr. Paul kritische vragen stelt bij het dominante verhaal (narratief) over de zogenaamde ‘onontkoombaarheid’ van secularisatie. Recent sprak Reinald Molenaar met prof. Paul – hoogleraar secularisatiestudies en lange tijd missionair ouderling in Leiden – ter gelegenheid van alweer een ander boek over secularisatie, bestemd voor de gemeente.
RD
(…) Een missionair ouderling en een hoogleraar secularisatiestudies kijken elk naar een andere kant van één medaille, lijkt me.
‘Missionair werk lijkt weleens op het voorkómen van secularisatie. Maar zelf zie ik dat niet zo. Omdat ik als geschiedfilosoof ben opgeleid, treft het mij vaak wat voor historische verhalen er schuilgaan achter wat mensen secularisatie noemen. Vaak hoor je dat het vroeger goed was en dat het nu minder gaat en dat de toekomst er nog zorgelijker uitziet, tenzij wij nu de handen uit de mouwen steken. Bij dat spreken over secularisatie plaats ik vraagtekens. Welk mensbeeld zit daarachter? Wat voor wanhopig activisme spreekt hieruit, als mensen impliceren dat wij de secularisatie moeten tegenhouden? Als ik op zondag in de kerk zou horen dat de deuren waarschijnlijk spoedig zullen sluiten, weet ik niet of ik de volgende zondag nog wel kom. Secularisatieverhalen hebben dus iets van een selffulfilling prophecy. Het is niet om het even wat voor verhalen wij vertellen.’
Wij moeten dus andere verhalen gaan vertellen in de kerk, dan komt het vanzelf weer goed.
‘Dat is te kort door de bocht. De kerk is niet de enige leverancier van verhalen in de samenleving. Maar het heeft wel iets tragisch als de kerk zo spreekt over
secularisatie dat ze mensen daardoor onbedoeld van zichzelf vervreemdt. Het zou bovendien goed zijn als we er in de kerk van doordrongen raken dat we niet per se aan de goede kant van de streep staan. De secularisatie zit in ons hart.
Ik ben niet de enige met die mening. Woorden die je tegenwoordig nogal eens hoort zijn: discipelschap, karaktervorming, navolging. Het zijn thema’s die wat mij betreft suggereren dat kerkgangers ook zelf beseffen dat hun leven nogal seculariseert en dat ze behoefte hebben aan vorming.’
VERLANGEN
‘Veel christenen ervaren een kloof tussen de zondag en de maandag. Wat zegt dat over ons gedrag, over wat ik belangrijk vind? Geloven is als het goed is een vertrouwen op God dat je hele leven kleurt. Dat moet ons vertrouwen op onze gezondheid, ons geld, onze sociale status overstemmen. Een begrip als verlangen stelt ons in staat om na te denken over hoe wij als mensen in een consumptiemaatschappij voortdurend worden geprikkeld. Die invloed zit niet primair op het niveau van de ideeën, maar op een veel dieper level. Gelukkig kent de kerk praktijken die ons verlangen sturing geven.’
Maar ons verlangen staat toch altijd haaks op wat God van ons verlangt?
‘Ik geloof dat de mens is aangelegd op God. Zoals Augustinus zegt: onrustig is ons hart, totdat het rust vindt in God. Door de zonde zijn we echter andere dingen gaan verlangen.’
Hoe krijg je dat verlangen naar God boven tafel?
‘Dat komt bij Hem vandaan. Maar tegelijk hoef je daar niet op te wachten. Er is een weg van middelen: de prediking, de sacramenten en het zingen van liederen van verlangen, zoals Psalm 42 en 84. Je kunt je dat verlangen inzingen.’
Is dat uw eigen ervaring?
‘Het zingen in de kerk tilt mij vaker op boven de aardse beslommeringen dan het horen van een preek. Luther had daar een verklaring voor: als je zingt, gaat het verlangen van de psalmdichter in je eigen hart meeresoneren. Ik ben niet snel geëmotioneerd in de kerk, maar als ik het ben, is dat altijd bij het zingen.
Ten tweede kan een ruimte zoals een kerk mij ook optillen. De symboliek, het lijnenspel, de aansporing door de kerk der eeuwen. Daardoor wordt mijn verlangen gevormd.’
Wat ziet u daar van God in?
‘Zijn grootheid, Zijn almacht. Het loopt Hem niet uit de hand. Ik heb tijdens mijn studententijd in Groningen het liedboek leren zingen. Gezang 1 is een dierbaar gezang voor mij: “God staat aan het begin en Hij komt aan het einde. Zijn woord is van het zijnde oorsprong en doel en zin.” Dit lied zegt iets over Gods trouw en macht. Als je de krant leest, kun je depressief worden van alles wat er misgaat, maar toch leidt Hij het zo dat Zijn rijk zichtbaar gaat worden. Het kwaad, het onrecht, de middelmatigheid hebben niet het laatste woord.’ (…)
Dr. Herman Paul plaatst mijns inziens terecht vraagtekens bij ‘wanhopig activisme’. Als we nu maar iets doen, wordt de secularisatie wel tot staan gebracht.
Verder wijst hij op de secularisatie van het hart en hij brengt in dat verband discipelschap en navolging ter sprake. Ik herken die laatste woorden als volstrekt bijbels. Voor mij is de vraag in hoeverre deze begrippen vandaag de dag onbedoeld niet ook tot een soort instrumentarium worden, middelen om een dam op te werpen tegen de secularisatie? Wat mij betreft zou het gesprek ook daarover moeten gaan.
AREOPAGUS
Ds. Johan Visser, de nieuwe predikant van de Amsterdamse Noorderkerk en jarenlang werkzaam in Antwerpen, wordt in het kosteloze digitale tijdschrift van de IZB, Areopagus, bevraagd door ds. Kees van Ekris en Koos van Noppen. Daar komt deze thematiek ook aan bod. Een paar fragmenten uit een groot en inspirerend gesprek:
(…) Ken je de secularisatie dan alleen ‘van horen zeggen’?
‘De innerlijke secularisatie, dat de ervaring van God fragmentariseert en wegsijpelt uit het leven van mensen, ken ik zeker wel. Maar eerlijk gezegd heb ik me over de grote afkalving van de kerk nooit heel erg druk kunnen maken.’
Hoe dat zo?
‘Misschien komt het door wat Bonhoeffer zegt: je moet gewoon beginnen met de gemeenschap die er is, dat is het lichaam van Christus. En niet dromen over wat jij vindt dat de kerk zou moeten zijn. Met dit allegaartje moet je het rooien; deze mensen hebben elkaar niet uitgekozen. Het zijn geen superchristenen. Het gaat er menselijk aan toe, soms al te menselijk. Maar wees dankbaar voor deze gemeenschap. Het is een nuchterheid, maar ook wel gelovige nuchterheid. En ik heb er ook echt van genoten. Ik kan zelfs genieten van zeer gedesillusioneerde mensen die via het pastoraat op m’n pad komen. Ook als het soms een lastige relatie blijkt te zijn, dan nog geldt: hier ben ik, namens Christus. Ik ben inderdaad niet zo van de grote concepten van missie en gemeenteopbouw. Daar kun je heel druk mee zijn; je moet je overal toe verhouden. Blijf dichtbij de werkelijkheid van de gemeente waarin je geroepen bent. Vier dat Hij in ons midden is. Daar geloof ik in.’ (…)
Je gaat nu aan de slag in Amsterdam. Het leven in de stad heeft alles in zich om je als predikant te vermorzelen. Hoe voorkom je dat?
‘Door tijd te reserveren voor studie, reflectie en gebed. Exegese, blijven lezen, goed kijken, stil worden en bidden. Allemaal nodig om te voorkomen dat je jezelf gaat herhalen en spiritueel opdroogt. (…) Tijdens mijn laatste studieverlof bracht ik een week door in een gemeenschapshuis van de Northumbrian Community in Noord-Engeland. Die houden de Keltische spiritualiteit van de Ierse en Engelse missionarissen uit de 5e-7e eeuw levend. Het leven uit contemplatie verbonden met missie. Die combinatie van mystiek en missionair inspireert me. Als jullie vragen wat ik anders zou wensen in de prediking, dan is het dit: een contemplatieve ambtsvervulling. Waarbij je vanuit een ontvankelijke houding de woorden doorgeeft die je moét zeggen.’ (…)
In Amsterdam kun je gemakkelijk de ervaring opdoen van de secularisatie die als een stoomwals over alles en iedereen heen dendert. Dan is de contemplatie cruciaal, als een beschutte zone.
‘Zoals ik al zei, zie ik op een of andere manier de secularisatie veel minder als een bedreiging. Ik ken het ongeloof ook van binnen, ik kan bijvoorbeeld Kuitert heel goed begrijpen en volgen, als hij zegt dat alle denken en spreken over God van beneden komt. En de jongelui die ik in Antwerpen tegenkwam, waren vaak ook zeer geseculariseerd. Maar ik ben met hen opgetrokken in de catechese vanuit een zekere ontvankelijkheid en ontspanning. Dat heb ik niet zonder Christus gedaan. Op de een of andere manier grijpt Christus me altijd weer aan en kan ik niet los van Hem komen. Natuurlijk heb je daar een beschutte plek, persoonlijk en in de liturgie, voor nodig. In die Northumbrian Community kwam ik een boekje van de theologe Lorraine Cavanagh over preken tegen. Ze is kritisch op haar bisschoppen, die hun priesters achter de broek zitten met hun managementhouding, de cijfers en statistieken. Secularisatie als continue stressfactor. Daar wil ik weg van blijven. Ze zegt: “Je moet van de kerk houden. Daar is Christus. Daar moet je er voor mensen zijn”. Zo wil ik er ook in Amsterdam voor gaan.’
Ds. G. van Meijeren is hoofd mobiliteitsbureau Predikanten & Kerkelijk Werkers van de Protestantse Kerk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 oktober 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 oktober 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's