De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

DE GODSONTMOETING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE GODSONTMOETING

Als U, Heere, op de ongerechtigheden let, Heere, wie zal bestaan? Maar bij U is vergeving, opdat U gevreesd wordt. PSALM 130:3-4

4 minuten leestijd

Het was de vraag van een zonderlinge man. Tussen het winkelende publiek stond hij op een verhoging en schreeuwde hij: ‘Kunt u God ontmoeten?’ De meesten liepen gewoon door. Anderen keken wat meewarig.

Eén voorbijganger riep: ‘Als er een God is, wil ik Hem weleens ontmoeten, want dan heeft Hij mij aardig wat uit te leggen.’
Het leek mij een merkwaardige manier van evangeliseren. Alleen de vraag bleef haken: ‘Kunt u God ontmoeten?’ In ons psalmenboek, dat volgens Maarten Luther een kleine Bijbel op zich genoemd mag worden, komt de vraag ook aan de orde. De dichter van Psalm 130 wil immers God ontmoeten. Hij is onderweg naar de Godsstad. De stoet wordt steeds groter. De pelgrims zijn onderweg naar het Godshuis. Samen zingen ze uit volle borst (Psalm 120-134). De tijd wordt vergeten. De benen doen niet meer zo zeer. De blijdschap spat er vanaf: ‘Wij gaan God ontmoeten!’

DIEPTE

Ineens klinkt er een sonore basstem die alles overstemt. Laag en donker zingt hij: ‘Uit de diepten roep ik…’ Wat krijgen we nu? We gaan de hoogte in. We gaan ‘op’ naar Jeruzalem. Diepten? Ben je door de warmte bevangen? Hij zingt het toch echt: ‘Uit de diepten roep ik…’ Het heeft iets van klem zitten, wegzinken, naar beneden gezogen worden. Wat is er dan aan de hand met hem? Het is in één woord te zeggen: ongerechtigheden. Die maken een mens stuk. Verder kun je niet bij God vandaan raken. Geloven we dat? De voorzitter van het Humanistisch Verbond zei in een interview: ‘Ik heb geen idee hoe het voelt om te kort te schieten tegenover een God.’ Weten orthodoxe kerkmensen wel van dit onrecht?

VERBOND

Onrecht? Tegen wie? Tegen de Heere. Vier keer wordt de Naam genoemd. Hij Die beloofde: Ik zal er helemaal zijn voor Mijn volk. Maar de dichter zit klem. Zijn leven zegt namelijk het omgekeerde: ik ben er niet helemaal voor U. Een los-vast-contact met U, dat gaat nog, maar God liefhebben met heel mijn hart en heel mijn leven en de naaste als mijzelf, dat is te veel van het goede. Zo wordt God toch onrecht aangedaan? De dichter zinkt steeds verder weg: ik ga God ontmoeten, maar het kan niet. Ik heb God geen recht gedaan en mijn volk evenmin.

BEWAARD

Heere, als U de ongerechtigheden bewaart, wie zal bestaan?
Dan is het klaar met mij en mijn volk. Als de Heere al het onrecht tegen het verbond van Hem, van ieder uur, iedere dag, elk moment, bewaart en mij alles zou laten zien, zou ik meteen dood neervallen. Overdreven zou ik dit niet noemen. Wie Hem onder ogen komt, heeft zelf heel wat uit te leggen. Je wordt juist dan intens blij met dit pelgrimslied. Je zingt het uit volle borst mee: ‘Uit de diepten roep ik tot U!’ Ontroerend, nietwaar? Alle zelfredzaamheid en zelfmedelijden is weg. Recht uit het hart zingt hij: Tot U, roep ik, Heere! Tot wie anders moet ik mij wenden?

VERGEVING

‘Als U, Heere, de ongerechtigheden bewaart, wie zal bestaan?
Maar…’ Ineens stroomt het licht naar binnen: ‘Maar bij U is vergeving.’ Geen misschientje of vage hoop, maar zeker en vast klinken de woorden: er is vergeving, niet bij mij, maar bij U. Is dat niet brutaal? Is dat geen slag in de lucht? Waar haalt de dichter dat vandaan? Hoorde hij een stem uit de hemel? Nee, deze man is onderweg naar Jeruzalem. Ze zijn er bijna. Hij zingt steeds harder. In het Godshuis zal het gebeuren. Het wordt grote verzoendag (Leviticus 16). Hij ziet het al voor zich. Twee bokken. De één wordt geslacht. De ander wordt de woestijn ingestuurd. De priester houdt een schaal vol bloed vast dat hij zal sprenkelen. Elke druppel zingt: er is vergeving bij U! Waarom? Opdat U gevreesd wordt. Weer als een kind aan huis bij de Vader. Weer als verbonds-kind wandelen in het rechte leven voor Hem. Het is er weer, dankzij Hem.

DÉ PELGRIM

Wie ik bedoel? Kijk, daar gaat Hij. Nog maar twaalf jaar oud. Hij loopt mee. Hij gaat naar de stad van Zijn Vader. Elk jaar zingt Hij mee: ‘Uit de diepten roep Ik…’ Tot Hij helemaal onder het puin van mijn leven ligt. Alle ongerechtigheden – die God bewaart – komen op Hem terecht. Uit de diepste diepte klinkt Zijn stem: ‘Mijn God, Mijn God, waarom?’ De duisternis wijkt, het licht breekt door. Hoor, de ramshoorn schalt over de heuvel: ‘Het is volbracht.’ Op dat Woord valt te hopen. Godlof!

Ds. J.M. Molenaar is predikant van de hervormde gemeente te Ede.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

DE GODSONTMOETING

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's