BEELDENSTORM
Zo moet u met hen doen: hun altaren moet u afbreken, hun gewijde stenen in stukken slaan (...) DEUTERONOMIUM 7
Het volk Israël mag geen compromis sluiten met andere religies. De instructies zijn glashelder. Wat betekent dat in adventstijd? Christus kwam om de volken te troosten. Houdt dat in dat Hij op zoek gaat naar een compromis met andere religies?
Het volk Israël staat op het punt om het beloofde land binnen te trekken. In Kanaän zullen zij andere goden en onbekende religies aantreffen. Deze goden moeten het veld ruimen. Er moet ook een einde komen aan het dienen van deze goden. Hun altaren moeten omvergetrokken worden, hun beelden stukgeslagen. De godsdiensten van deze volken moeten uitgeroeid worden.
Ons klinkt zo’n oproep nogal primitief in de oren. Toch is het niet zo moeilijk om tal van eigentijdse voorbeelden te vinden. We hoeven niet terug naar 1566, de beeldenstorm. Het is ook iets van recente datum. Ik denk aan het omvertrekken van standbeelden van Lenin en Stalin na de val van de muur in 1989. Als het communisme verdwijnt, moeten ook de beelden van de mensen die dat systeem in stand hielden verdwijnen. We zagen ook hoe standbeelden van Saddam Hoessein omvergehaald werden. Waar het onderdrukkende systeem verdwijnt, daar verdwijnen ook de (stand)beelden.
ERGSTE ZONDE
Iets dergelijks is aan de hand in Deuteronomium 7. Alle beelden moeten weg, alle altaren, alle gewijde palen. Waarom eigenlijk? Om dat te begrijpen moeten we inzien wat het dienen van de afgoden ten diepste is. Je kunt het vergelijken met een huwelijk. Wie een afgod dient, gaat een huwelijk aan met die afgod en verenigt zich met die afgod. Vandaar dat afgodendienst in het Oude Testament steeds weer hoererij wordt genoemd. Het was zich geestelijk verenigen met een afgod. Daarom is het iets waarvan de vrome Israëliet zich verre moet houden. Afgodendienst is de ergste zonde die je kunt begaan. Je verlaagt jezelf, je veracht jezelf, je verliest je eigenwaarde.
Om de felheid van de Bijbel te begrijpen moeten we teruggaan naar Gods openbaring op de berg Sinaï. Dat is een diepingrijpend gebeuren geweest dat de geschiedenis van het volk Israël voor altijd veranderd heeft. God daalde neer. God kwam naar deze aarde en gaat dan niet meer weg. We lezen in Exodus wel dat God neerdaalt maar niet dat God weer weggaat, teruggaat naar de hemel. Mozes zegt tegen God: als U niet met ons meegaat, doe ons dan van hier niet optrekken. God moet Zelf meegaan. Dat is het bewijs, zegt Mozes, dat U ons genadig bent (Ex.33:16).
NIET DOELTREFFEND
God is gekomen met het doel om bij Zijn volk te blijven. Door de wolkkolom en de vuurkolom zal Hij met het volk meetrekken. Dus niet alleen het volk Israël gaat naar het beloofde land, maar ook God. Dat verklaart veel. God gaat niet wonen in een land waar de afgoden de dienst uitmaken. Alle goden moeten vluchten. Alle beelden en altaren moeten verdwijnen. Er gaat een andere wind waaien. God trekt ten strijde tegen goden en tegen mensen die de afgoden dienen.
Intussen denken wij: gelukkig dat het vandaag de dag niet meer zo radicaal gaat. Als kerk gaan we geen beelden stukslaan. De kerk pakt het anders aan. De tijden zijn veranderd. Daarvoor mogen we ook dankbaar zijn. Maar waarom is er een verandering gekomen? Daar zit achter dat de maatregelen die God tegen de zeven volken nam, niet doeltreffend waren. Je kunt altaren omverhalen, beelden kapotslaan, zelfs mensen doden en toch is de afgodendienst onuitroeibaar. Ondergronds gaat het verder. Het is nog nooit gelukt om met geweld een godsdienst uit te roeien. Met hamers en met houwelen kun je harten niet veranderen.
ANDER MIDDEL
Om afgodendienst werkelijk uit te roeien en om mensen werkelijk te veranderen is iets anders nodig. Daar is Iemand anders voor nodig. Daarvoor is de Messias nodig en het vernieuwende werk van de Heilige Geest. Christus en de Heilige Geest moeten aan het werk gaan in deze wereld vol afgodendienst. Zij richten zich op het hart. Zij pakken niet de buitenkant aan, maar de binnenkant.
Dat werkt beter, dat is effectiever. Van zo’n messiaanse beeldenstorm moeten we het hebben. Christus zoekt geen compromis. Hij is even radicaal als God in Deuteronomium 7. Hij gebruikt alleen een ander middel om Gods doel te bereiken: niet de hamer, maar het offer. Hij komt de volken troosten. Langs deze weg gaat de belofte van God aan Abraham in vervulling: door het nageslacht van Abraham zullen alle volken gezegend worden.
Dr. A.A.A. Prosman uit Amersfoort is emeritus predikant.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 november 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 november 2017
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's