De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

LAND EN VOLK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

LAND EN VOLK

8 minuten leestijd

‘Beter arm op je geboortegrond dan rijk in een vreemd land’ staat er boven het interview dat Dick Schinkelshoek voor het ND had met ds. Willem-Maarten Dekker uit Waddinxveen. Dekker publiceerde een boek over het geloof in God de Schepper, nadrukkelijk niet over schepping en evolutie. Want: ‘Hoe meer we over schepping en evolutie praten, hoe meer we gaan denken dat ‘schepping’ iets van vroeger was: toen en toen heeft God de wereld gemaakt. Maar als je zegt dat deze wereld schepping is, dan gaat dat over óns: wat betekent het dat God jou gewild heeft, hier en nu?’

NEDERLANDS DAGBLAD

In het tweede deel van het interview – het eerste gedeelte staat toch uitvoerig bij schepping en evolutie stil – gaat dr. Dekker nader in op de betekenis van het land in theologisch licht. Zo heeft hij moeite met de naam Protestantse Kerk in Nederland.

‘De naam is een symptoom van iets diepers. De Nederlandse (!) Hervormde Kerk straalde nog uit dat zij kerk was voor het Nederlandse volk. De Protestantse Kerk heet nog slechts ‘in Nederland’. Alsof de PKN net zo goed ergens anders kerk had kunnen zijn. Als uit het protestantisme het besef verdwijnt dat je geworteld en geroepen bent in een bepaald land, dan kunnen we ons beter direct weer aansluiten bij de universele kerk, de Rooms-Katholieke Kerk.’

Waarom is het land waar je woont zo belangrijk? U houdt in uw boek ook een warm pleidooi voor het platteland.

‘Ik vind vooral dat we, stedeling of niet, meer als plattelanders moeten leren leven. Onder boeren tref je het besef nog aan dat God te maken heeft met succes én met tegenslag, met het gezonde én het doodgeboren kalf. De boer weet ook wat het is om aan land verbonden te zijn, om met land te leven. De moderne mens is dat besef kwijtgeraakt. Daarmee raken we ook voor een deel God kwijt.’

Wat doet het ertoe voor mijn geloof dat ik Nederlander ben?

‘Jij hebt in het Nederlands van de grote werken Gods gehoord, vermoedelijk via je ouders en grootouders. God heeft niet alleen in de Bijbel, maar ook in de geschiedenis van Nederland gewerkt, en in jouw familiegeschiedenis. Als je dat niet gelooft, maak je van God een abstractie. Dan is Hij niet meer de schepper van jouw concrete bestaan.’

U gebruikt daarvoor zelfs de besmette uitdrukking ‘bloed en bodem’.

‘Nee, ik draai het expres om: bodem en bloed. Daaraan kun je al zien dat ik niet hetzelfde bedoel als het nationaalsocialisme. Sinds de oorlog wordt in de theologie gezegd: over volk en land en bloedband kunnen we het als christenen niet meer hebben. Maar zijn deze begrippen, die zijn gekaapt door een kwaadaardige ideologie, daardoor voor altijd onbruikbaar geworden? Als je gelooft dat schepping gaat over dit concrete bestaan hier en nu, doet het ertoe waar je vandaan komt en wie je familie is. Dat is geen toeval, daar heeft God jou geplaatst. Aan de opkomst van het populisme kun je zien dat de Europese elite – en ook de theologie – vergeten is hoe belangrijk geboortegrond, taal, geschiedenis en tradities zijn. Niet alles laat zich reduceren tot economische groei.’

Als God je geroepen heeft op je geboortegrond, mag je dan niet emigreren of vluchten?

‘Ik hoop dat ik de moed krijg om niet te vluchten als het hier in Nederland ooit moeilijk wordt. Veel vluchtelingen komen naar Europa om het financieel beter te krijgen. Ik denk dat ze in veel gevallen hier niet gelukkiger worden dan thuis. Je ziet dat ook bij geadopteerde kinderen. Adoptie is terecht meer omstreden dan vroeger. Vroeger keken we vooral naar de economische omstandigheden: in het Westen heeft zo’n kind het toch veel beter dan in het land van herkomst? Maar welzijn is veel complexer dan alleen materiële voorspoed. Veel geadopteerde kinderen en immigranten komen als ze opgroeien in een identiteitscrisis. Dat komt doordat wij onze Schepper kwijtraken als wij onze plek in de wereld niet meer als de onze aanvaarden.’

Zegt u dit niet óók omdat u het aantal ‘nieuwkomers’ met zorg beziet?

‘Nee, ik ben géén xenofoob. Echt niet. Ik ben opgegroeid in Rotterdam. Ik zat in de klas met 80 procent allochtone kinderen. Daar zaten vriendjes van mij bij. Ik heb niks met Geert Wilders, weinig met Thierry Baudet, en veel met de koers van het CDA onder Sybrand Buma. Ik denk oprecht dat de chaos van de volksverhuizingen die we over onszelf afroepen voor niemand iets oplost. Ik ben wel voor zeer ruimhartige ontwikkelingshulp. In plaats van mensen hierheen te laten komen, moeten we veel meer van onze rijkdom delen dan we nu doen. Maar je kunt beter arm zijn op je eigen geboortegrond dan rijk in een vreemd land. Je bent niet toevallig waar je bent; je hebt daar een roeping. Dat betekent geloven in een Schepper.’

De vraag wat het betekent dat God onze Schepper is, is belangwekkend. Maar kun je op grond daarvan zo hoog opgeven van begrippen als (platte)land en volk? Ik herken het levensbesef van de boer die er rekening mee hield dat zijn vee morgen dood in de stal kon liggen.

Ik herinner me ook zo’n gebeurtenis waarin de boer zijn afhankelijkheid uitsprak (al had hij het consequent over het Opperwezen). Maar is dat helemaal hetzelfde als het geloof in God de Schepper, of verlangt Dekker vooral naar zoiets als de ‘eenvoud des levens’?

En hoe verhoudt zich die concentratie op waar je geboren en getogen bent tot Abram die uittrok uit Ur, tot al die bijbelse beelden waarin de gemeente wordt aangeduid als ‘vreemdelingen en bijwoners’, ‘mensen van de Weg’? Zeker, dat neemt niet weg dat je dankbaar mag zijn voor waar je bent gevormd en hoe God je leven leidt en dat je zijn stem in een bepaalde, waardevolle traditie hebt vernomen. Maar de Stem die mij roept maakt mij principieel tot vreemdeling. En dan is de afstand tot al die vreemdelingen in ons land ineens een stuk kleiner.

KONTEKSTUEEL

In de Kroniek in Kontekstueel (verder helemaal gewijd aan de discussie over schepping en evolutie) schrijft de burgemeester van Haarlem, Jos Wienen, over het belang van traditie en identiteit, naar aanleiding van de H.J.

Schoo-lezing van Sybrand Buma, die bijval en kritiek kreeg. Een fragment:

Gemeenschap en erkenning van de eigen culturele traditie zijn belangrijk. Maar dan is het ook van groot belang om na te denken hoe meer dan een miljoen migranten vanuit andere culturen hun plek kunnen innemen in dit Nederlandse verhaal. Want de geschiedenis is geen afgesloten boek dat we moeten koesteren, maar een voortgaande beweging. Het is goed om juist ook naar een aantal bijzonderheden van de Nederlandse identiteit te kijken om te zien of die wellicht aanknopingspunten bevat voor de uitdagingen van deze tijd. De Nederlandse identiteit is juist niet eenvormig. Nederland heeft een lange geschiedenis van gewetensvrijheid en verdraagzaamheid. Grote groepen mensen met verschillende godsdienstige overtuigingen leefden naast elkaar in dit land. Voor hun gevoel stonden die overtuigingen diametraal op elkaar, ook al kijken wij daar nu anders naar. Toch belette het hen niet in vrede samen te leven en vaak ook samen te werken. In de twintigste eeuw kende Nederland het unieke systeem van verzuiling, met juist veel ruimte voor ieders godsdienstige en levensbeschouwelijke eigenheid.

De grote culturele verschillen tussen de oorspronkelijke cultuur van veel migranten en de Nederlandse cultuur is inderdaad een enorme uitdaging. Maar juist als je beseft dat het essentieel is om een gemeenschappelijk huis te hebben, een plek waar je je mee verbonden voelt en waar je je veilig voelt, is het belangrijk om te voorkomen dat de kloof in de samenleving steeds dieper wordt. Of misschien beter de twee kloven: de kloof tussen een welvarende internationaal georienteerde elite en de achterblijvende minder welvarende delen van de bevolking en binnen die laatste groep de kloof tussen migranten en Nederlanders van oudsher.

In het licht van het bovenstaande moest ik denken aan woorden van ds. J.J. Buskes. Hij schreef bij Openbaring 21:26 over de eer en de heerlijkheid van de volken die eens worden binnengebracht in het nieuwe Jeruzalem. Wat dat is? ‘Een cantate van Bach, de Zauberflöte van Mozart (...), de vlag van het Leger des Heils, de emancipatieproclamatie van Lincoln (...) en al wat gedaan werd uit liefde tot Jezus.’ Het is een mooi beeld: het goede, ware en schone uit onze tradities (en niet alleen de Westerse) heeft waarde voor God. Het doet mee in de nieuwe stad waar één koor zingt, uit alle landen en volken, van elke stam en taal.

Ds. G. van Meijeren is hoofd mobiliteitsbureau Predikanten & Kerkelijk Werkers van de Protestantse Kerk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 november 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

LAND EN VOLK

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 november 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's