De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

VEERKRACHT ALS GESCHENK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VEERKRACHT ALS GESCHENK

‘Het is eng als niemand je meer corrigeert’

6 minuten leestijd

Op de laatste zondagmiddag van januari 2017 overleed mijn man, na drie moeilijke maanden waarin alle mogelijkheden onmogelijk bleken. In de stilte na zijn vertrek keek ik naar de klok, die gewoon doortikte en versprong. Seconden werden minuten en toen was het zomaar een uur verder in de tijd.

Het besef dat hij nu buiten de aardse tijd, losgemaakt van pijn en ongemak, onderweg was naar het Land van licht en leven, veroorzaakte een overrompelende dankbaarheid in mij. Voor hem was alles nu goed. Ik streelde zijn gezicht waaruit het lijden wegtrok, alsof hij jonger werd. Ik dacht aan wat hij vannacht gezegd had, toen hij een beetje verward uit bed wilde komen, wat niet lukte. ‘Ik ben toch zo benieuwd,’ had hij driemaal gezegd en hij had geprobeerd iets boven zijn hoofd aan te raken. Vanaf dat moment had ik ‘ga maar,’ kunnen zeggen, en ‘laat maar los’ en tot slot zelfs ‘ik laat je los’. Zijn sterven was geen slecht moment, het was alsof de kamer ruimte maakte.

LEGE PLEK

Na dat uur moest er ineens heel veel en dat doe je dan. Je kunt het, je hebt jezelf erop voorbereid. Ik ben van orde en lijstjes, zeker als ik mezelf moet indekken tegen iets wat ik misschien niet aankan. De dagen tussen overlijden en begrafenis gaan als een roes voorbij. Je wordt voor het laatst nog eens compleet ondergedompeld in het leven van die ene, die er nog is, terwijl hij er niet meer is.

Daarna begint het moeten wennen aan een lege plek aan tafel, de lege zitplaats op de bank, geen slingerende sokken meer. Geen witte hemden aan de lijn. Dat je te veel boodschappen haalt, dat je de verkeerde boodschappen haalt, dat je moet bedenken wat je eigenlijk zelf graag lust. Dat er niemand meer bijhoudt wanneer het wcpapier bijna op is. Dat je ineens verstand van cijfers moet hebben, terwijl letters je interesse hebben. Dat je wakker ligt omdat je tegen het moment opziet dat er niemand is om goedemorgen tegen te zeggen. En toch blijft die klok maar doortikken, de dagen worden weken, de weken maanden. Hoe vaak heb ik gezegd: ‘Lieve Heer God, ik doe dit voor het eerst, ik weet niet of ik het wel kan, maar doorgaan is de enige optie. Als U me maar ziet.’

Veerkracht is een geschenk. Het gevoel van trots als iets moeilijks lukte had alles te maken met het me gezien weten door mijn Vader in de hemel.

CADEAU

Maar het verdriet is er ook en verdriet ontregelt. Ik heb ervaren dat me juist die ontregeling bang maakte. Ik heb zo vaak een preek voor mezelf gehouden: dat ik moet wennen aan verdriet, ik moet mijn verwerking leren begrijpen, mijn zwakke momenten herkennen. Verdriet moet een vriend kunnen zijn, vind ik, ik moet accepteren dat het verdriet onder mijn dak woont.

Ik dwing mezelf elke avond tien goede dingen op te noemen die die dag me gebracht heeft. Ik wil niet verdwijnen in het gevoel dat ik altijd en overal iemand mis, ik moet door in het besef dat er iemand ontbreekt. Ontbreken voelt voor mij anders, want wie ontbreekt, die wordt nog geteld. En natuurlijk moet hij geteld worden, want ik ben wie ik ben omdat ik 42 jaar mijn leven heb gedeeld met een medemens. Wij zijn aan elkaar gegroeid, met elkaar verweven geraakt, wij hadden een taakverdeling die elk van ons speciaal maakte. Ik ga daar geen karikatuur van maken, maar ik mag de bijzonderheden tussen ons best uitvergroten. Voor mezelf dan. En dan kan ik dankbaar en trots zijn.

Ik heb vaak gedacht: wat is het fijn dat we goed afscheid hebben kunnen nemen, dat we nog gezegd hebben wat gezegd moest worden. Ik ben hier thuis altijd de prater geweest, de initiatiefnemer en de regeltante, dat werkte, want dan hoefde hij niet zo veel. Maar dat hij aan het einde van zijn leven zijn diepste vertrouwen in God kon verwoorden, dat is zo’n cadeau. Ik raak er altijd nog ontroerd van als ik dat moment terughaal.


Verdriet moet een vriend kunnen zijn, ik moet accepteren dat het onder mijn dak woont


HALT TOEROEPEN

Wat heb ik geleerd van dit jaar? Het belang van praten over wat je gelooft en verwacht. Want nu weet ik wat een troost dat biedt na het afscheid. Het taboe van praten over de dood moet weg. Van ieder koppel blijft er immers een achter die verder moet. Het helpt echt als die weg vast een beetje verkend en besproken kan worden voordat je er alleen op wandelen moet.

Verder heb ik geleerd om alleen te zijn. Ik ben voor het eerst van mijn leven alleenwonend, want ik trouwde rechtstreeks uit mijn ouderlijk huis en had dus altijd mensen om me heen. Het is wel eng dat je door niemand meer gecorrigeerd wordt. Tenminste, voor mij is dat eng, want ik ben nogal van de gekke invallen en de spontane acties. Ik heb wel nodig dat iemand roept dat er beter eerst kan worden nagedacht. Ik heb dan ook mijn dochter gevraagd om mij, indien nodig, een halt toe te roepen. Van haar kan ik het hebben.

TROOSTPLEISTER

Ik ben ook milder geworden, denk ik. Meer dan vroeger vraag ik me af bij de ontmoetingen met medemensen, wat er mis is, wat er fout gegaan is, wat eraan schort. Ik denk dat ik deze ontwikkeling in mijn schrijverschap wel gebruiken kan. Want er is weinig mildheid en veel geldingsdrang en oordeel onder ons. Ik heb de afgelopen maanden veel geschreven over rouw en verdriet, dat helpt mij. Ik moet woorden geven aan wat ik voel. Het boekje Troostpleister is net afgerond, het gaat over verdriet, verlies en veerkracht. In maart 2018 ligt het in de winkel. Ik hoop dat er nu weer een roman wil groeien in mijn hoofd. Daarvoor moet ik opnieuw leren puzzelen, ik weet niet of ik daar al klaar voor ben. Maar er is niks mis met je best doen.

Ik ben zeker ook meer gaan verlangen naar alles goed, alles héél. Dat verlangen is voor mij ook een troost, want verlangen en hoop, die horen bij elkaar en daar krijg je vanzelf moed van.

Joke Verweerd is schrijfster van romans, verhalen en gedichten. In 2013 schreef ze in opdracht van de GZB de roman ‘Retour Rantepao’, waarin dochter Mirjam een reis naar Indonesië maakt waar haar ouders als zendelingen werkzaam waren geweest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

VEERKRACHT ALS GESCHENK

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 2017

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's