JANUARI, EEN LEGE MAAND
Januari. Voor veel mensen een lege maand die vooral in het teken staat van min of meer vermoeiende goede voornemens waar niet zo veel van terecht komt. Voor predikanten is het ‘de maand na …’. Na de drukte van Kerst en de jaarwisseling.
Die drukte en druk is er niet in de laatste plaats door de hooggespannen verwachtingen van kerkgangers en de aanwezigheid van een ander publiek dan gemiddeld. Januari voelt leeg aan na de hoogtijdagen. Even donker als december, maar dan zonder de lampjes, de feesten en de gezelligheid.
MURW
Voor veel kerkenraden, gemeenteleden en predikanten is het januari-gevoel iets wat samenklinkt met een structureler gevoel van leegte. Jarenlang ploeteren, activiteiten ontplooien en neergang voelen, maken je murw. Kan ik nog wel verder? Nog een preek, nog een bezoek, nog een activiteit, en natuurlijk nog een vergadering. Zoals bij Elia, die na al zijn inspanningen voor de Heere leeg is, hoeft er niet veel te gebeuren om ervoor te zorgen dat je op de vlucht slaat. Het woord ‘missionair’ bijvoorbeeld kan zomaar die druppel zijn.
WEEK VAN GEBED
In onze kerkelijke traditie staat er niet veel op de agenda in januari. Een niet overal doorgedrongen gebruik is de week van gebed. In 1846 werd ze voor het eerst georganiseerd. De eenheid van christenen stond toen – en nog steeds – hoog op de agenda. Daarnaast ook de verbreiding en doorwerking van het Evangelie in persoonlijk leven en maatschappij. Bekende figuren uit het Reveil, zoals Capadose, Da Costa en Groen van Prinsterer waren bij dat begin betrokken.
Maar helpt die week door de leegte heen? Vinden we daardoor nieuwe moed en vruchtbaarheid? Oproepen tot gebed kunnen gemakkelijk worden gehoord als een nieuwe verplichting. Iets dat we er echt niet bij kunnen hebben. Of als weer een goed voornemen dat je niet waar kunt maken.
RICHTINGWIJZERS
Terwijl ik deze column schrijf, bereid ik me voor op een inleiding over gebed en het missionaire werk. Lukas heeft vooral mijn belangstelling. Hij besteedt veel aandacht aan het gebed van Jezus en van de eerste gemeente. Ik zoek naar goede richtingwijzers voor nu.
Anders dan je zou denken op grond van de onder ons gebruikelijke titel ‘Handelingen der apostelen’ draait het bij Lukas niet om mensen die dingen doen en moeten doen. In zijn geschiedwerk laat Lukas vooral zien dat de verbreiding van het Evangelie over de hele wereld Gods plan en werk is. Zelfs kruis, verdrukking of het verstrooid raken van de gemeente kunnen Gods bedoelingen niet tegenhouden. Het is juist vanwege die nadruk op God en Zijn raad dat Lukas zoveel aandacht heeft voor gebed. Het is bij Lukas op het spoor komen wat God gedaan heeft. Hem herinneren aan wat Hij beloofd heeft, als het moet vasthoudend, zodat Hij het gaat doen. Het draait om ontdekken wat Hij nu van plan is, zodat je daarbij ingeschakeld wordt.
Dat gegeven raakte me en corrigeert mij ook. Enigszins zoals Elia door God wordt vermaand en bemoedigd op de Karmel. God is aan het werk. Ook 2018 is het jaar van onze Heer, Jezus Christus. De kerk is van Hem. Hij wil ons gebruiken. Dat inspireert tot gebed en geeft moed voor het werk.
Dr. J.A. van den Berg is algemeen directeur van de IZB.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 januari 2018
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 januari 2018
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's