DIENSTEN IN HET NOORDEN
Verscheidenheid verrast en stemt tot verwondering
De diversiteit binnen kerkelijk Nederland is groot. Dat was vroeger zo in de Nederlandse Hervormde Kerk, waar men van vrijzinnig tot orthodox zo niet geestelijk, dan toch bestuurlijk in één verband samenleefde. Binnen de Protestantse Kerk in Nederland is het niet anders.
Een week vakantie elders in het land bevestigt deze grote verscheidenheid, zo was de ervaring van mijn vrouw en mij aan het begin van dit jaar. Graag willen wij hiervan een impressie geven, waarbij we willen benadrukken dat enige polemiek verre van ons zij. Bedoeld is slechts een verwonderde impressie van twee geheel verschillende kerkdiensten. Verschillend naar vorm en inhoud.
GESCHIEDENIS
Vanuit ons mooi gelegen vakantiehuis aan de kust van Groningen reden wij op een mooie, zonnige zondagochtend waar het weidse Groninger land zich in al zijn schoonheid en bekoorlijkheid voor ons verrukte ogen ontvouwde, naar een nabijgelegen dorp dat in de landelijke kerkgeschiedenis een belangrijke rol heeft gespeeld. Het mooie hervormde kerkje, dat uit maar liefst 1225 dateert en het toneel is geweest van belangrijke kerkhistorische gebeurtenissen, is helaas niet meer in gebruik. Maar wie gevoelig is voor geschiedenis, kan hier nog de eeuwen aan zich voorbij zien trekken en peinzen over de geslachten die hier zijn gegaan en gekomen en in de wisseling van de tijden het eeuwige Evangelie hebben gehoord. Dankbaarheid én weemoed kan de beschouwer dan overvallen.
CHRISTELIJKE OPVOEDING
Maar wij waren gekomen om een kerkdienst Anno Domini 2018 bij te wonen. Deze dienst vond plaats in de voormalige en ruime gereformeerde kerk van het dorp, een kerk waar het licht mooi door naar binnen viel. Toen wij binnenkwamen in het voorportaal, trof ons een geroezemoes van stemmen; het bleek dat men vanwege Nieuwjaar nog vóór de dienst een kopje koffie met elkaar dronk, terwijl men ook na de dienst nog voor een gezellig samenzijn bij elkaar zou komen. Toen we de kerk binnenkwamen, zette zich het geroezemoes van stemmen voort en voortdurend hoorden we gepraat om ons heen. Op een gegeven moment begon natuurlijk de dienst, maar door het praten was ons dit nauwelijks opgevallen, gebeurde het voor ons gevoel zonder enige overgang. Een vrouw beklom de preekstoel, deed enkele afkondigingen, waarna de predikant, een al op leeftijd zijnde emeritus, door een vrouwelijke ouderling werd opgebracht.
De dienst werd voortgezet met het zingen, waarvan het tempo nogal hoog lag, van een lied en vele andere liederen, waarvan de teksten op de muur verschenen, volgden nog. Het liederenrepertoire was zeer divers: psalmen en gezangen uit het nieuwe Liedboek (2013), maar ook andere bundels. De Schriftlezing (NBV) was uit Lukas 2, over de twaalfjarige Jezus in de tempel, en in zijn preek benadrukte de predikant de betekenis van een christelijke opvoeding. Als bijzonderheid mag nog worden vermeld dat de predikant zijn verhaal illustreerde met schilderijen van onder anderen Rembrandt en Dürer, waarvan de afbeeldingen op de muur werden vertoond.
Omstreeks kwart over elf was de dienst afgelopen. Buiten gekomen verzamelden we onze indrukken van deze dienst, die zo geheel anders was dan die in ons dorp. We erkennen graag dat, zij het in andere vormen dan de onze, ook hier het Evangelie werd gebracht, gesproken en gezongen werd over Christus, maar werkelijke indruk op hart en gemoed maakte deze dienst toch niet op ons. Wat we hier bovenal hebben gemist, en daarmee raken we toch het hart van de eredienst, zijn eerbied en stilte, besef van het heilige en de Heilige. Niettemin kwamen ook hier mensen rondom een geopende Bijbel samen en luisterden zij naar het heilzame Evangelie.
EENVOUD
Van geheel andere aard was de middagdienst van de hervormde gemeente in een klein dorp in de nabijheid van Dokkum. De aanleiding hiertoe was een bijzondere. De vorige dag waren we in Pieterburen, een dorp waar geen kerkdiensten meer plaatsvinden, in gesprek gekomen met een man in het zwart en een hoed – niet verwonderlijk dat deze dominee bleek te zijn – en deze nodigde ons uit tot bijwoning van de dienst in zijn gemeente. Verlangend ook in de vakantie een tweede dienst bij te wonen, gaven wij hieraan gevolg en zo reden wij op die zonnige zondagmiddag naar het kleine Friese dorp. Het kerkje was een eenvoudige hervormde dorpskerk, een van die getuigen van vroomheid in hout en steen zoals men deze zoveel in het noorden vindt. We kwamen binnen en direct trof ons de eenvoud van het interieur, de mooie, hoge ramen die het zonlicht doorlieten en de sierlijk bewerkte preekstoel. Maar meer nog dan dit alles troffen ons de zeldzame eerbied en stilte van de kerkgangers. Niemand praatte en er heerste een volmaakte rust, slechts zacht en eerbiedig orgelspel weerklonk. Het was ons wonderlijk te moede en we voelden ons in andere tijden verplaatst; reeds vóór de eigenlijke dienst was de ziel stil tot God. De predikant kwam binnen en met hem de kerkenraad, vier ernstige mannen, eveneens in het zwart gehuld; een van hen bleek de voorlezer te zijn, een functie die men nog maar weinig aantreft, maar ook dit riep vroegere tijden op.
Direct trof ons de eenvoud van het interieur, de mooie, hoge ramen die het zonlicht doorlieten
EERBIEDIG
Gedurende heel de dienst bleef de sfeer van eerbied en rust en stilte heersen. Hiertoe droeg niet weinig bij het mooie, zachte orgelspel dat het eerbiedige en plechtige zingen harmonisch ondersteunde. Het was een zingen dat de ziel verheft. De schriftlezing was uit Lukas 11 over het bidden en in aansluiting hierop werd uit de Heidelbergse Catechismus de zondag over het Onze Vader gelezen. Er was hier dus sprake van een catechismuspreek. In zijn preek, die naar goed protestants gebruik in drie gedeelten was verdeeld en ongeveer vijftig minuten duurde, ontvouwde de predikant voor ons de rijkdom van het Onze Vader. Veel moois werd hier gezegd. Zo hoorden we onder andere, woorden van Augustinus, dat onze gebeden opstijgen naar de hemel en God in Zijn barmhartigheid dan naar ons neerdaalt. Mooi was ook de oproep aan de gezinshoofden als priesters in hun gezin voor te gaan: ‘Ik hoop dat u dat doet’, zo zei de predikant. Het was ons zeldzaam goed onder deze rijke Evangelieprediking. Hier smaakten wij werkelijk voedsel voor de ziel. Toen wij later ds. C. Stelwagen in het Reformatorisch Dagblad van 19 januari hoorden spreken over oud hervormd, konden wij niet nalaten aan deze dienst en prediking te denken. Hoe groot is de rijkdom van onze hervormde traditie! Een rijkdom die ons op een zondagmiddag in het Friese land is verkondigd. Verheugd en dankbaar verlieten wij de kerk.
Dr. O.W. Dubois uit Berkenwoude is historicus.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 2018
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 2018
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's