AANSPREEKBAAR
Christen en verantwoordelijkheid [1]
Iedereen kent het verschil tussen mens en dier. Maar hoe brengen we dat verschil onder woorden? Vanuit de scheppingsleer is daarvoor altijd Genesis 1:26 gebruikt. God schiep de dieren naar hun aard, maar de mensen naar Zijn beeld en gelijkenis.
Aangezien God in Genesis 1 tot dan toe alleen nog maar sprekend bekend geworden is, moet de mens blijkbaar daarin op Hem lijken. Dieren kunnen communiceren, maar het spreken is aan mensen gegeven. Dat betekent veel. Taal is een instrument voor relatie.
REAGEREND
God heeft geen mensen nodig, want Hij is God. Vanuit Zijn liefde schiep Hij hen. Dat is dus onbegrijpelijk. Menselijke liefde is namelijk niet scheppend, maar reagerend. Dat reageren is echter precies wat God vraagt. Hij schept de mens en de mens mag op deze daad van Gods liefde reageren. Het leven van de mens is bedoeld als een loflied voor God (Ps.66:1). Leven en loven vallen in het paradijs nog samen.
De Leidse kerkelijk hoogleraar dr. H. Berkhof zei in zijn Christelijk geloof: ‘De mens is een antwoordend wezen. Hij is erop gebouwd om te antwoorden op het Woord van God. Dat Woord is inhoudelijk gevuld met de heilige liefde waarmee God zich weldadig tot Zijn mensenschepselen wendt.’ Adam kon antwoorden op Gods liefdevolle scheppingsdaden in liefde en gehoorzaamheid. De mens is mens-in-relatie tot God, en van daaruit met ieder en alles wat God geschapen heeft. Mensen konden daarom in zonde vallen, dieren niet. Mensen konden daarop aangesproken worden. Dieren dragen geen verantwoordelijkheid en zijn daarop dus niet aan te spreken.
TAAK
Wat is verantwoordelijkheid? Als iemand verantwoordelijk is, heeft hij een taak of verplichting gekregen of op zich genomen en is hij aanspreekbaar op hoe hij die volbracht heeft. Dat kan goed of minder goed zijn. In Genesis 43:9 staat Juda borg voor Benjamin. Daarmee neemt hij de verantwoordelijkheid op zich om Benjamin veilig thuis te brengen. Hij zal de straf dragen als dat toch fout gaat. De Levieten zijn verantwoordelijk voor de tabernakel en bijbehorende voorwerpen (Num.1:50). Dat is een heilige plicht. Jezus zegt dat er struikelblokken op de weg van de navolging komen, maar dat het niet goed afloopt met wie daarvoor verantwoordelijk is (Luk.17:1). Petrus maakt duidelijk dat de ouderlingen verantwoordelijkheid dragen voor de kudde waarover zij gesteld zijn (1 Petr.5: 2). Het woord ‘verantwoordelijk’ of ‘verantwoordelijkheid’ hoeft er niet letterlijk te staan om duidelijk te maken dat iemand ergens op aanspreekbaar is.
De mens is mens-in-relatie tot God, en van daaruit met ieder en alles wat God geschapen heeft
GOD EN DE NAASTE
De mens heeft een roeping tot liefdedienst tegenover God en tegenover de naaste. Daarvoor is hij verantwoordelijk, antwoord schuldig als God ernaar vraagt. We zien dat al terugkomen in twee vragen in het begin van Genesis. Toen Adam en zijn vrouw zich verborgen hadden, kropen ze weg voor hun ‘antwoordelijkheid’. Maar de Heere sprak hen aan: ‘Waar bent u?’ (Gen.2:9). Hier draait het om Adams relatie tot God. Als Kaïn Abel gedood heeft, vraagt God waar zijn broer is. Kaïn probeert zich onder zijn verantwoordelijkheid uit te draaien met de woorden ‘Ben ik de hoeder van mijn broer?’ (Gen.4:9). God maakt duidelijk dat hij dat inderdaad hoort te zijn. Hij wordt gestraft, omdat hij verantwoordelijk is.
Wie de Bijbel leest, ziet deze twee spitsen elke keer terug. Het volk Israël krijgt een speciale verantwoordelijkheid tegenover de Heere vanwege het verbond dat Hij op de Horeb gesloten heeft. Mozes houdt dat het volk ernstig voor, bijvoorbeeld in Deuteronomium 8. ‘Vergeet de gehoorzaamheid en de dankbaarheid jegens God nooit. En als jullie dat toch doen, zijn de consequenties voor jullie!’ De verantwoordelijkheid tegenover God is onlosmakelijk verbonden met die tegenover de medemens. De trouw aan God blijkt juist uit het recht doen aan de naaste (Micha 6:8).
RENTMEESTER
Van de roeping tegenover God kunnen we nog meer afleiden. Bij de schepping zegt God dat de mens mag heersen over de aarde en wat daarop leeft. In het paradijs spreekt God over het bouwen en bewaken van de hof. Meestal zeggen we, al komt die term niet in de Bijbel voor, dat de mens door God is aangesteld als rentmeester over de schepping. De zondeval heeft een grote breuk veroorzaakt tussen God en mensen. Hebzucht en vernielzucht spelen de mensheid parten in het omgaan met de schepping. Maar de verantwoordelijkheid is gebleven. Ook in onze omgang met de dieren en de natuur moeten wij antwoord geven op de vragen die God ons stelt. De aarde is van de Heere en haar volheid (Ps.24:1). Dat geeft verantwoordelijkheid voor allen die erop wonen.
Ten slotte is er de verantwoordelijkheid van de mens ten opzichte van zichzelf. Dit wordt nergens expliciet verwoord in de Bijbel. Een mens-ten-opzichte-van-zichzelf bestaat eigenlijk niet, want God en de naaste hebben altijd met hem te maken. Ondanks dat is het wel van belang dat ook de mens als individu weet dat hij zijn er-zijn en zijn unieke persoon van God heeft ontvangen. De gelovige, die zich een geliefd kind van God mag weten (Ef.5:1), mag ook ten opzichte van zichzelf niet lukraak leven of zijn leven zomaar beëindigen. Waardig wandelen overeenkomstig Gods roepstem betreft ook de eigen persoon. Ook het persoonlijke heil, dat een geschenk van God is, heeft met de verantwoordelijkheid van de mens ten opzichte van zichzelf te maken. Iedereen moet zich met God laten verzoenen (2 Kor.5:20).
COLLECTIEF
Verantwoordelijkheid is in de Bijbel een collectieve zaak. Het individu is verantwoordelijk voor de daden van het volk, de familie, het nageslacht, de gemeente. De gemeente, het volk, de familie is verantwoordelijk voor de daden van het individu (Jer.16:10-13, Neh.9: 33,34, Dan.9:3-19). Er is tegelijk het accent op de persoonlijke verantwoordelijkheid, los van de verbanden waarin iemand leeft. Dat is in de lijn van de profeten. Jeremia en Ezechiël keren zich tegen het volksgericht (Deut.24:16, 2 Kon.14:6, Jer.17:10, 31:29vv, Ez.18:2vv,19,20). Altijd is er ook in de nieuwtestamentische gemeente een zekere spanning gebleven tussen de individuele en collectieve verantwoordelijkheid. Ieder is verantwoordelijk voor zichzelf. Bijvoorbeeld in de gelijkenis van de rijke boer onderstreept Jezus de individuele verantwoordelijkheid (Luk.12). Alle briefschrijvers zeggen meer dan eens dat we samen verantwoordelijk zijn voor elkaar en voor de heiligheid van de gemeente.
Drs. N.C. van der Voet uit Veenendaal is docent Pastoraat aan de Christelijke Hogeschool Ede.
Volgende week deel 2 in deze serie: Verantwoordelijkheid, een last of bron van vreugde?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 2018
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 2018
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's