De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

DE BRON VAN DE HEILIGING

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

DE BRON VAN DE HEILIGING

MEDITATIE: JOHANNES 17:9 Ik bid voor hen. Ik bid niet voor de wereld, maar voor hen die U Mij gegeven hebt, want zij zijn van U.

4 minuten leestijd

In deze meditatie en de volgende drie zal onze ‘heiliging’ centraal staan. Dit onderwerp is zo breed als het leven zelf. Maar we moeten niet beginnen bij de breedte maar bij de bron. De Bron van onze heiliging is Christus.

Onze heiliging begint niet bij onze toewijding aan Jezus, maar bij Jezus’ toewijding aan ons. Zijn toewijding aan ons is indrukwekkend. In het gebed dat we lezen in Johannes 17, worden we dat gewaar.

Johannes 17 is een bijzonder hoofdstuk in de Bijbel. We lezen hier een gebed van Jezus. Dat is bijzonder. In de Evangeliën lees je wel dikwijls dat Jezus bidt, maar slechts zelden wat Jezus bidt. Nu waren de apostelen daar ook niet altijd van op de hoogte. Vaak zonderde Jezus Zich af als Hij in gebed ging. Maar op de avond voor Zijn arrestatie en kruisiging was dat anders. Toen bad Jezus hardop en in het bijzijn van Zijn discipelen. Dat deed Hij bewust. Hij wilde dat zij (en wij) zouden weten dat Hij voor hen (en ons) bidt en wat Hij voor hen/ons bidt. Zodat zij en wij daar blij van zouden worden (vers 13).

HOGEPRIESTERLIJK GEBED

Dit gebed wordt sinds de zestiende eeuw het ‘hogepriesterlijk gebed’ genoemd. In onze vertaling staat dit ook boven het hoofdstuk. Herkennen we in Jezus de hogepriester? Een priester was een vertegenwoordiger. Hij had een dubbelrol. Hij vertegenwoordigde God bij de mensen en verkondigde Zijn woord. En hij vertegenwoordigde de mensen bij God. Hij bad en offerde voor hen. De hogepriester had daarbij de taak om eens per jaar op de Grote Verzoendag het huis van God binnen te gaan tot in het heilige der heiligen. Hij verscheen dan niet met lege handen voor God, maar met het bloed van het lam. Zo deed hij verzoening voor de zonden van het volk. Tot dit werk had God hem geroepen (gewijd). Aan dit werk wijdde de man zichzelf. Dat stond hem op het voorhoofd geschreven (op een gouden diadeem): ‘Heilig voor de Heere.’ Hij deed dit werk dus niet voor zichzelf alleen, maar voor het volk. Voor heel het volk en elke Israëliet afzonderlijk. Dat werd gesymboliseerd door de edelstenen die hij droeg op zijn schouders (twee met op elk zes namen van de stammen van Israël gegraveerd) en op zijn hart (twaalf met op elke steen één naam). Hij droeg het volk dus op het hart, zoals te zien is op de afbeelding hierboven.

Nu even terug naar de vraag: herkennen we in de biddende Jezus de hogepriester? Jezus is door God geroepen (geheiligd) tot een speciale opdracht. En Jezus heeft Zich aan het werk dat de Vader Hem heeft opgedragen, met hart en ziel gewijd. Jezus stond nu op het punt om het huis van de Vader (Joh.14:2) binnen te gaan. Hij zou daar niet met lege handen voor God verschijnen, maar met bloed aan Zijn handen. Hij ging namelijk heen door te sterven aan een kruis. Dit zou Hij niet voor Zichzelf doen, maar voor Zijn volk. Voor heel Zijn volk en elk van Gods kinderen afzonderlijk. Hij deed verzoening voor onze zonden. Toen Jezus aan het kruis hing, lag Zijn gemeente op Zijn schouders. Toen Jezus opstond uit het graf en opvoer naar de hemel, droeg Hij heel Zijn gemeente op het hart.

Dat Jezus Zijn gemeente op het hart draagt, blijkt wel uit Zijn gebed. Je hoort hierin Zijn toewijding aan de Zijnen. Hartstochtelijk bidt Hij tot de Vader voor ons, om onze bewaring en heiliging.

TOEWIJDING

Zo heeft Jezus Zijn gemeente geheiligd. En daar is Hij nog mee bezig. Aan Jezus is nooit ontheffing uit Zijn ambt verleend. Dat zal ook niet gebeuren. God heeft verklaard: ‘U bent Priester in eeuwigheid.’ (Heb.7:17) Jezus’ toewijding aan ons is vandaag nog even groot als destijds. De Bijbel zegt dat ‘Hij altijd leeft om voor hen te pleiten.’ (Heb.7:25) Sinds die bewuste donderdagavond is er geen dag en geen nacht voorbijgegaan dat Hij niet voor ons heeft gebeden. De Heere is ons niet vergeten. Hij denkt aan ons. Niet af en toe, ergens in het achterhoofd. Hij draagt ons op zijn hart, bidt voor ons, zegent ons.

Jezus is de Bron van onze heiliging. Aan Hem zien we tevens wat onze roeping is.

Ds. J.J. van den End is predikant van de hervormde gemeente te Oudewater.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

DE BRON VAN DE HEILIGING

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's