ZICHT OP HET KONINKRIJK
Beproef de geesten [1b, het werk van de Heilige Geest]
Wat biedt binnen de gereformeerde theologie ruimte om over het werk van de Geest te spreken? Dan moeten we denken aan het begrippenpaar Woord en Geest. We treffen het verschillende keren aan in de belijdenisgeschriften, zowel in de Heidelbergse Catechismus als ook in Nederlandse Geloofsbelijdenis.
We horen daarin dat Hij ons regeert door Zijn Woord en Geest.
Woord en Geest zijn op elkaar betrokken, maar zijn niet hetzelfde. Het Woord, dat is het Woord van God, de Bijbel, wellicht ook het bediende Woord van God, in prediking, in de sacramenten, in de oefening die we in het gemeentelijk leven krijgen, maar dat alles gebeurt in de kracht van de Geest.
VRIJMACHT
Het werk van de Geest valt niet te reduceren tot Woord, het behoort tot de vrijmacht van de Geest om het Woord, de boodschap, om Christus Zelf bij ons binnen te brengen, ons met Hem te verbinden. De Geest moet eraan te pas komen om ons verstand te verlichten en ons hart te openen, en het op ons hart te binden. Verzegelen zouden we dat kunnen noemen. In dat werk van de Geest schuilt dus Gods vrijmacht, Zijn vrijmacht om met ons ieder om te gaan op een wijze die niet te voorspellen is, maar die het hele leven doortrekt. De theoloog A.A. van Ruler betrok dat werk van de Geest ook op de cultuur. Als hij naar het werk van de Geest moest wijzen, dan wees hij op het standbeeld van Willibrord op het St. Jansplein, tegenover de St. Janskerk.
De Geest van Christus brengt ons dus bij de Vader en de Zoon, doet ons deelhebben aan de gemeenschap van Vader en Zoon. Ik wijs hier op de betekenis van Johannes 17, het hogepriesterlijk gebed. Dat staat in het Evangelie van Johannes in het teken van Jezus’ afscheid, na de afscheidsrede en de belofte van de Trooster in Johannes 14 en 16.
OUDE TESTAMENT
Wat doet de Geest? Wanneer we vanuit het Nieuwe Testament teruglezen in het Oude Testament, valt op dat ook daar al over de Geest wordt gesproken, en wel op drie manieren. Ik noem ze hier slechts heel kort, namelijk leven geven, bevrijden/mobiliseren, en ten derde als Geest van de eindtijd of voltooiing.
In Genesis wordt gezegd dat de Geest van God, Zijn ruach, over de wateren zweefde. De Geest ordent en door die ordeningen wordt aan de mens levensruimte geschonken. Het is eveneens opvallend dat die schepping daarin direct al wordt ingeschakeld in het verdere werk van de schepping. De voortgang van die schepping, de voortgang van leven, daarin wordt de schepping zelf actief betrokken. Verder vinden we in het boek Richteren verschillende malen vermeld dat de Geest van God op mensen valt en dat ze daardoor kracht ontvangen om tot initiatief te komen (Gideon, Saul.)
De Geest realiseert gestalten die lijken op wat we in het leven van Christus herkennen
Het derde wat ik slechts aanstip, is de Geest van de eindtijd, van voleinding, ofwel de eschatologische Geest. Die vinden we bijvoorbeeld in Ezechiel 36, Jeremia 31 en ook in Jesaja 65, waar gesproken wordt over een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.
VLEESWORDING
Met dat laatste is de overgang gemaakt naar het Nieuwe Testament. Het is die Geest van de eindtijd Die het geheim is van Jezus. De ontvangenis van Jezus wordt toegeschreven aan de Geest. De Geest staat aan de oorsprong van de vleeswording van de Zoon, en het is die Geest Die ook op Hem neerdaalt en waarmee Hij wordt gezalfd. Het is ook deze Geest Die Zijn hele leven leidt en Die Hem de kracht geeft tot in het uiterste, tot op het kruis. Jezus geeft Zichzelf geheel, maakt ruimte voor het Koninkrijk van de Vader. Om aan dat regeren van God de ruimte te geven, stelt Hij Zich dienstbaar. De Geest Die op Jezus rustte, was er al in het begin en voert ook naar het einde. Het is de Geest van het Koninkrijk Die er naar zoekt de Naam van God op de aarde onder mensen te doen wonen, en hen daartoe toe te rusten. We kunnen dat ook zalven noemen, of dopen met de Geest. De Geest schenkt mensen daarom geloof, Hij werkt in hen (inwoning) en de Geest schenkt aan Zijn gemeente onderweg gaven. Gaven die ons zicht geven op het Koninkrijk van God, op Zijn regeren, op groei, op heelheid, op waarheid. Daartoe kan het gebeuren dat er genadegaven geschonken worden. Profetie, genezing, tongentaal kunnen daarin een rol spelen. Soms op het zendingsveld, maar ook binnen de gereformeerde gezindte zijn die niet onbekend: het komt voor dat er gezichten worden gezien, dat iemand op een bijzondere manier wordt geleid.
SIGNALEMENT
Hoe herkennen we dat werk van de Geest? De Geest neemt uit Christus, Zijn werk lijkt op wat Christus deed. Hij brengt het nieuwe nabij, Hij realiseert gestalten die lijken op wat we in het leven van Christus herkennen. Dat werk heeft een bepaald signalement, namelijk zelfbeperking ten gunste van de ander. Zoals vaders en moeders met kleine kinderen toch uit bed komen als hun kind pijn heeft en het wiegen, ook al weten ze dat het hun nachtrust kost en ze zich de volgende dag minder fit zullen voelen, ze onthouden zichzelf iets ten gunste van de ander. En zo kan het zijn dat wij in een gezelschap iets niet zeggen, dat we ons inhouden om de ander ruimte en leven te schenken. Doel is de ander tot bloei te laten komen, tot leven te wekken.
Dr. C. van der Kooi is hoogleraar systematische theologie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Volgende week deel 2a van deze serie, ds. P.J. den Admirant over het werk van de Heilige Geest in ons leven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 2018
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 mei 2018
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's