GLOBAAL BEKEKEN
Naar aanleiding van het ‘lubberiaans taalgebruik’ (Globaal bekeken d.d. 22 juni ll.) stuurde een lezer mij de volgende anekdote over oud-premier Lubbers:
Tijdens een staatsbezoek van de toenmalige president van Rusland, Gorbatsjov, werd er zoals gebruikelijk aan het eind van het bezoek een staatsbanket gegeven. Natuurlijk was Lubbers daar als premier ook bij aanwezig, en zijn plaats was natuurlijk naast Gorbatsjov.
Op een gegeven moment, ze tafelden al een poosje, ziet Lubbers dat Gorbatsjov op een slinkse manier een lepel in de linker zak van z’n kostuum laat glijden. Nu was dat natuurlijk geen gewoon bestekje van IKEA, maar voor deze gelegenheid was het gouden bestek gebruikt. Lubbers dacht: ‘Kijk, die Gorbatsjov heeft verstand van edelmetalen’, en Gorbatsjov dacht: ‘Lepels en messen genoeg naast m’n bord, dus die ene missen ze niet.’ Onze Ruud dacht even na en kwam op het lumineuze idee ook zo’n lepel te ontvreemden. Gorbatsjov een gouden souvenirtje, dan ik ook, dacht hij.
Maar met dat hij dezelfde lepel naast z’n bord wil pakken, stoot hij per ongeluk met die lepel tegen een van de kristallen wijnglazen. Iedereen weet dan wat dat betekent, want die persoon wil enkele woorden tot de gasten richten. En dan komt toch de echte premier voor de dag, want hij improviseert ter plekke, onvoorbereid, een speech.
Lubbers stond gelijk op en zei: ‘Zeer geëerd publiek, het ambt van premier is af en toe best wel eens moeilijk, dat zal mijn collega Gorbatsjov ook ervaren. Soms moet je een beetje kunnen goochelen, zeg ik wel eens. Nu was dat vroeger, toen ik nog geen premier was, al een hobby van me en daar heb ik altijd veel gemak van gehad, ook in de politiek. Ik zal u een staaltje van mijn goochelkunst laten zien. Ziet u bijvoorbeeld deze lepel (en hij stak voor iedereen zichtbaar de lepel, die hij in z’n zak had laten willen verdwijnen, in de lucht). Nu moet u eens goed opletten wat ik ga doen. Deze lepel steek ik in de linkerzak van mijn colbert en ik haal deze lepel weer bij mijn collega Gorbatsjov uit de linkerzak van zijn colbert.’ En de daad bij het woord voegend volbracht hij deze ‘goocheltruc’.
***
In het gedenkboek bij 350 jaar hervormde gemeente Moerkapelle, ‘Uit het moer een capelle verheven’, stond een ‘Lied op Moerkapelle’ van ds. C. Rijnsdorp, vroeger een bekende literair criticus (1894-1982):
Lied op Moerkapelle
Aan het moer stond een kapelle en dat was ons klein begin.
Zo de boeken ons vertellen sloot ons ’t water dikwijls in.
Maar de molens maalden lustig, altijd droog weer viel het land.
En nu leven wij hier rustig, niet bedreigd door waterstand.
Wilde venen werden akkers, ook ontstond hier tuinderij.
Voor vervoer, verzorging, handel kwam er heel wat drukte bij.
Kerk en school, verenigingsleven, winkels trokken mensen aan.
Waarom in de stad gebleven als hier goede huizen staan?
Is de dam aan de oude Rotte ons als stad voorbijgestreefd,
’t houten hek uit de Sint Laurens heeft het koperen overleefd.
Hoge bomen zijn getroffen, maar het riet trotseert de tijd;
zo is vaak de weg van ’t kleine, dat in needrigheid gedijt.
Onze wens voor deze streken is een wens van vrede en bloei’t
Raadhuis zij een blijvend teken van vernieuwing, welvaart, groei.
Blijft ons zegen vergezellen bij wat burgerzin hier doet,
ja dan gaat ons Moerkapelle nog een toekomst tegemoet.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 augustus 2018
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 augustus 2018
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's