De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

BOEKBESPREKINGEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

BOEKBESPREKINGEN

6 minuten leestijd

Dr. Dirk Visser
Komt Jezus snel terug? Een nuchtere kijk op eindtijdverwachtingen. Uitg. Brevier, Kampen; 223 blz.; € 19,90.

Er is onder christenen een groot verschil van inzicht over wat er zal gebeuren rond het eind van de wereld. Zal er een duizendjarig rijk aanbreken? Zo ja, breekt dat dan aan voordat of nadat Jezus is teruggekomen? Hoe zal het gaan met de Joden? Zal er een opname van de gemeente plaatsvinden en wanneer zal dat dan zijn? Vooral evangelische auteurs hebben hierover vaak uitgesproken meningen. De diverse meningen kunnen gewone gemeenteleden in verwarring brengen.

Dr. D. Visser, christelijk gereformeerd emeritus predikant, signaleert deze verwarring en probeert vanuit de Schrift een antwoord te formuleren op deze vragen. Dat doet hij in vier delen. In deel 1 bespreekt hij uitvoerig wat Paulus in het boek Thessalonicenzen hierover zegt (over dit thema schreef de auteur een proefschrift). Daarbij gaat hij onder andere in op 1 Thessalonicenzen 4:13-18. Hij bestrijdt dat Paulus leert dat de gelovigen op een bepaald moment worden opgenomen in de hemel voor Jezus’ wederkomst. Visser gaat ook uitvoerig in op de identiteit en betekenis van de ‘mens van de wetteloosheid’, de grote vijand van God die in 2 Thessalonicenzen 2 genoemd wordt.

In deel 2 bespreekt ds. Visser andere teksten die over het naderende einde spreken. Hij ontkent dat de uitspruitende vijgenboom (Matt.24:32-35) een symbool is van het herstel van Israël in 1948. Uitvoerig bespreekt hij wat Openbaring 20 vertelt over de ‘duizendjarige heerschappij’. Vervolgens stelt hij de vraag waarom Jezus zegt dat Zijn komst ‘spoedig’ zal zijn, terwijl dit toch al bijna 2000 jaar geleden gesproken is. Terecht zegt hij dat ‘spoedig’ hier ‘met haast’ betekent. Jezus talmt niet, maar Zijn werk neemt nog wel veel tijd in beslag.

In het derde deel spreekt hij over de plaats van Israël in Gods toekomstplan. Ds. Visser ontkent dat het land Israël en Jeruzalem in Gods plan nog een rol spelen. Hij wijst nadrukkelijk de gedachte van een nieuwe koning en een herbouwde tempel af. Wel zullen nog veel Joden tot bekering komen, maar van een volksbekering zal geen sprake zijn. Hij sluit (in het vierde deel) af met een nabeschouwing over Israël en een exegese over Openbaring 21-22 (het nieuwe Jeruzalem).

Het boek van dr. Visser bevat interessante stukken en soms goede analyses, maar stelde mij over het geheel genomen teleur. Dit komt in de eerste plaats doordat de auteur de stof te weinig afbakent. Hij stelt zoveel aan de orde en behandelt dit alles zo gedetailleerd dat je gemakkelijk de draad kwijtraakt. Daarbij wil Visser vooral een ‘nuchtere kijk op de eindtijdverwachtingen’ geven. In de praktijk betekent dit dat hij zich veel moeite getroost om duidelijk te maken dat een aantal opvattingen niet juist is: onder andere de opnameleer, de leer van het duizendjarig rijk en de gedachte dat Israël een belangrijke plaats inneemt in de toekomstverwachting. Dit maakt het boek vooral antithetisch. Eigenlijk weet je vanaf het begin al waar de auteur het allemaal niet mee eens is.

Een eigenlijke discussie komt daardoor – ondanks de uitgebreidheid van het boek – niet op gang en de positieve uiteenzetting wat de toekomst dan wél geeft, komt hiermee in de knel. Dit komt pijnlijk tot uiting in zijn weergave van Paulus’ visie in Romeinen 9-11. In een denkbeeldig gesprek laat hij Paulus (!) reageren op de diverse visies op Israël die er zijn. Op deze manier lijkt het alsof ds. Visser precies weet wat Paulus bedoelt en anderen niet. Dat je op deze manier geen recht doet aan de discussie, moge duidelijk zijn. Wat mij betreft doet hij ook geen recht aan de bijbelse noties over Israël.

A.J. VAN DEN HERIK, MOERKAPELLE


Edith Schouten
Zoveel liefde. Historische roman over Betsy Groen van Prinsterer. Uitg. Van Wijnen, Franeker; 394 blz.; € 24,95.

Een mooi gebonden uitgave, dat kan als eerste gezegd worden van Zoveel liefde, de historische roman over het leven van Elizabeth van der Hoop, bekend geworden als echtgenote van mr. Guillaume (Willem) Groen van Prinsterer. Eén ding maakt Edith Schouten echter duidelijk: Betsy is zoveel meer dan ‘vrouw van’, al is ze in alles een zelfstandige ‘hulp tegenover’. Als bij Willem het christelijk geloof nog een zaak van het hoofd is, is haar hart door de Heere reeds aangeraakt. Terwijl haar man met zijn pen en later als kamerlid ageert tegen de doorwerking van de beginselen van de Franse Revolutie, waardoor ongeloof een wettige plaats in de staat krijgt en zelfs de kerk beïnvloedt, zet zij zich in voor het lenigen van heel veel praktische nood. ‘Kinderen, geloof houdt alleen maar stand, wanneer je het midden in het leven plaatst.’ (p.311)

Spannend is deze roman nergens, boeiend is ze wel voor wie interesse heeft in de opkomst van het Réveil in de negentiende eeuw. Dan neem je de wat lange beschrijvingen van het huiselijke leven van vooraanstaande families voor lief. Het boeiende betreft zowel de weergave van de interne meningsverschillen tussen Willem de Clercq, Capadose, Da Costa en andere vooraanstaande Réveil-leden alsook de bejegening van de Réveilmensen door de liberale Haagse kerkenraad. Voorbeeldig is de houding van Groen naar de Afgescheidenen, die hij steunt, hoewel hij tegelijk van mening is dat zij ‘de strijd niet afgemaakt hebben. Zij hadden geen kerkelijke vergunning aan moeten vragen, maar een beweging binnen de Hervormde Kerk moeten blijven’.

Voor onze tijd van betekenis ook is het debat van Groen met de zogenoemde ‘ethisch-irenischen’, die voor alles vredelievendheid preekten. Groen wil vasthouden aan de onveranderlijke waarheden van het christelijk geloof. Leerzaam is het om het debat over de erkenning van het christelijk onderwijs te volgen. ‘Hoe is het mogelijk in een land als het onze, kinderen te onderwijzen zonder God in de geschiedenis?’

Dit alles zien we door de ogen van de wijze, gelovige Betsy Groen. De laatste pagina’s ervoer ik als het meest ontroerend, als ze het sterven van Groen van Prinsterer beschrijft: ‘Op heel gewone wijze, als een arme zondaar, een boreling wil ik sterven, want alles is alleen in de Heere.’ Edith Schouten, sinds 1984 weduwe van het antirevolutionaire Tweede-Kamerlid Ad Schouten, brengt in deze roman het leven van een kinderloos echtpaar in de context van de negentiende eeuw dichterbij.

P.J. VERGUNST

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

BOEKBESPREKINGEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's