AREOPAGUS ALS SPIEGEL
Dr. W. Dekker sluit trilogie af met ‘Verbonden en vervreemd’
Met Verbonden en vervreemd. Over de God van Paulus op de Areopagus sluit dr. W. Dekker zijn theologische trilogie af. Is hiermee het laatste woord gezegd?
Het mag gerust een prestatie worden genoemd dat in minder dan tien jaar een viertal publicaties het licht zag. In 2011 verscheen Marginaal en missionair, vier jaar later volgde Tegendraads en bij de tijd en dan is daar nu Verbonden en vervreemd.
Tussendoor promoveerde de voormalig studiesecretaris van de IZB op de studie Afwezigheid van God, vrucht van jarenlang nadenken en theologiseren over de missionaire roeping van de kerk in een seculiere en postmoderne tijd.
TWEETRAPSBENADERING
In mijn waarneming is Verbonden en vervreemd een praktische uitwerking van het laatste hoofdstuk van Dekkers dissertatie, waarin hij een tweetrapsbenadering voorstelt. De rede die Paulus hield op de Areopagus (Hand.17:15-34), biedt daarvoor een uitstekende illustratie. De apostel begint namelijk niet meteen het Evangelie te verkondigen, maar knoopt eerst aan bij de filosofie over het goede leven volgens de epicureeërs en stoïcijnen, om daarna door te stoten naar de kern van het Evangelie, namelijk de bekering en de opstanding van Jezus uit de dood. Volgens Dekker vormt Paulus’ prediking in Athene ‘een kleine catechismus voor christenen vandaag die geroepen zijn hun geloof te delen in een multiculturele samenleving’. Er is volgens de schrijver een grote overeenkomst tussen toen en nu, met name op het punt van de zogenaamde levenskunst. Dat laatste zou het aanknopingspunt met onze seculiere medemens zijn.
LANDINGSPLAATSEN
Nu is Dekker zeker de eerste niet die begint over een aanknopingspunt wanneer het over de overdracht van het Evangelie gaat. Al van oude tijden af is men geboeid door het verschijnsel dat mensen een ‘antenne’ voor het bovennatuurlijke zouden hebben, zeg een religieuze intuïtie. Daar werden verschillende woorden voor gebruikt. ‘Landingsplaatsen’ (H. Jonker) bijvoorbeeld of ‘inspreekpunt’ (J.H. Bavinck). Handelingen 17, Romeinen 1 en uiteraard artikel 2 van de NGB functioneren als bewijsplaatsen voor deze opvatting. De rede die Paulus op de Areopagus houdt, werd dan ook al snel als een sjabloon gezien van de manier waarop het Evangelie gecommuniceerd dient te worden.
WORSTELING
Voor Dekker is het duidelijk: zoals Paulus het in Athene deed, zo zouden wij het nu ook kunnen (of zelfs moeten?) doen. Daarom worden er elf hoofdstukken volgeschreven waarin de gang van Paulus’ rede wordt gevolgd waarbij voortdurend toespitsingen naar onze tijd worden gemaakt. Zo gezien is de lijn glashelder.
Tegelijk – ik zeg het maar eerlijk – prikkelde dit boek mij. Hoe komt dat? Zit er misschien een te grote ‘zó-doe-je-dat-gedachte’ achter? Ik weet het niet zo goed. Ds. Dekker suggereert heus niet dat het allemaal vanzelf gaat wanneer je maar de juiste methode volgt. Zeker niet. Het is voor hem ook een worsteling, zoveel is duidelijk. En tóch. Natuurlijk willen we niet in een patstelling raken. Dekker waarschuwde daar ooit zelf voor: je kunt alle nadruk leggen op de onmogelijkheid (en zelfs onwenselijkheid) om het Evangelie te communiceren in een volstrekt geseculariseerde cultuur. Dat zou parels voor de zwijnen zijn. Daartegenover staan zij die deze benadering onbarmhartig, niet pastoraal en daarom volstrekt onchristelijk vinden. De eerste groep benadrukt het laatste gedeelte van Paulus’ preek, de tweede groep het eerste deel. Dat is uiteraard een vals dilemma. Het gesprek hierover komt ook niet echt verder wanneer we met elkaar blijven discussiëren over de vraag hoe we de natuurlijke Godskennis waarderen. Dat is al zo vaak gebeurd. Met tegengestelde uitkomsten.
MODEL?
Ik beperk me in het vervolg van deze bespreking tot twee bijbelstheologische opmerkingen. Dekker neemt aan dat de rede op de Areopagus het model zou zijn voor hedendaagse evangelisatie en zending. Hoe weten we dit zo zeker? Toegegeven, zo wordt Handelingen 17 vaak gezien en uitgelegd en de commentaren hierop kopiëren elkaar. Maar is Paulus’ toespraak een exemplary speech, een voorbeeld van hoe een preek eruit zou moeten zien? Waarom zou het niet evenzogoed een gelegenheid-spreek geweest kunnen zijn?
Dat is geen rare vraag. De context en terminologie geven namelijk aan dat het gaat om een (juridische) verantwoording voor een rechtscollege van de toenmalige religieuze en intellectuele elite. Sowieso is er een behoorlijk verschil met de manier waarop Paulus zelf zijn bediening en prediking typeert, bijvoorbeeld in de Korinthebrief. Verder valt er nog genoeg te zeggen over de aard van Paulus’ prediking en weten we helemaal niet zoveel over de zendingsstrategie (als we dit moderne woord mogen gebruiken?) van de heidenapostel. Niet geheel ten onterechte wijzen bijbelgeleerden op het opmerkelijke verschil tussen de benadering van Paulus in Athene tegenover die in Korinthe. Sommigen stellen zelfs dat Paulus na de ‘mislukte’ poging op de Areopagus zijn koers in dezen radicaal wijzigde en in Korinthe meteen rechttoe rechtaan de gekruisigde Christus verkondigde. Nu kunnen we uiteraard met een beetje goede wil de verschillen minimaliseren en de zaak zo plooien dat het allemaal toch redelijk klopt, in ieder geval elkaar niet tegenspreekt – en dat is ook vaak genoeg geprobeerd. Ik zou er ook zeker geen besliste tegenstelling in willen zien, de vraag blijft echter staan of Paulus’ verkondiging onder de heidenen op één methode kan worden vastgepind. Wellicht dat Dekker dat ook niet vindt, hoewel hij in Verbonden en vervreemd tamelijk zeker van zijn zaak lijkt te zijn.
Er is voor mij een nog zwaarwegender, exegetisch, punt. Hoe leggen we de uitdrukking ‘de tijden van de onwetendheid’ (agnoias)’ in Handelingen 17:30 uit? Heeft deze in de context van het boek Handelingen niet een eigen betekenis (zie ook Hand.3:17; 13:27 en 14:16) en verstaan we haar niet het beste in het licht van Handelingen 17:23 (agnostoi) in combinatie met Jesaja 45:20 (in de Septuagint)? Dan is de lastige vraag waarom Paulus in zijn toespraak zo ‘mild’ is meteen opgelost én begrijpen we het nadrukkelijke ‘nu’ in vers 30.
Gevolg is dan wel dat je ‘de tijden van de onwetendheid’ niet zomaar overzetten kunt naar onze tijd en naar West-Europa waar het Evangelie al is geweest én die inmiddels door de Verlichting is heengegaan. Wanneer we dat wel doen, ben ik bang dat we te vriendelijk over onze cultuur denken en te optimistisch zijn over onze pogingen om het gesloten wereldbeeld open te breken.
NIET FUTLOOS
Calvijn sloot de mogelijkheid niet uit dat de kennis van God op zeker ogenblik kan verdwijnen, terwijl Bavinck sprak over het ‘entgöttert universum’. Dat hoeft ons niet futloos te maken in de communicatie van het Evangelie, wél realistisch. Zeer verlegen bovendien om de machtige werking van de Heilige Geest, Die onze methodes en methodieken overstijgt en doorkruist. Hierover is het laatste woord uiteraard voorlopig nog niet gezegd. Wanneer hierover het gesprek kan worden gevoerd, heeft Dekker ons een goede dienst bewezen.
Ds. C.H. Hogendoorn is predikant van de hervormde gemeente te Katwijk aan Zee.
N.a.v. Wim Dekker, ‘Verbonden en vervreemd. Over de God van Paulus op de Areopagus’, uitg. Boekencentrum, Utrecht; 208 pag; € 18,99.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 september 2018
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 september 2018
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's