De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

GRIMMIGE LIEFDE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GRIMMIGE LIEFDE

God leidt Israël en de wereld [2, slot]

6 minuten leestijd

In de tijd van Jeremia is het volk Israël verschrikkelijk ontrouw. Toch houdt de relatie tussen de HEERE en Zijn volk niet op. Hoe kán dat? In ieder geval niet door Israël. Uiteindelijk ligt het aan de HEERE. Hij kan Zijn volk niet vergeten.

Dat het door het oordeel heen toch weer verder gaat, komt niet bij Israël vandaan. Het volk moest zich bekeren. Hoe vaak heeft Jeremia het gezegd? Maar ze deden het niet. Het is de HEERE Die ervoor zorgt dat Israël niet aan zijn einde komt. Het is Zijn Sion. Hij zegt: ‘Met eeuwige liefde heb Ik u liefgehad.’ (Jer.31:3) En: ‘Mijn binnenste is onrustig in Mij, vanwege Efraïm, Mijn lievelingskind.’ (Jer.31:20) Er is iets in God Zélf waardoor Hij Zich niet kan losmaken van dit dwarse en ongehoorzame volk, iets in het diepst van Zijn hart. Dat is Zijn liefde, een liefde waarvoor geen grond is. Iemand noemde dat grimmige liefde.

Die liefde is ten laatste geopenbaard in Jezus Christus. Volgens Jeremia zullen er dagen komen dat de HEERE David zal doen opstaan (Jer.30:9): de geboorte van Jezus. Hij heet Immanuël, God-met-ons. ‘Want Ik ben met u, spreekt de HEERE, om u te verlossen.’ (Jer.30: 11) Verlosser is Zijn Naam: Jezus. Hem wordt de troon gegeven van Zijn vader David. En aan Zijn Koninkrijk zal geen einde zijn (Luk.1:32-33). Hij is de leeuw uit Juda’s stam, het Lam Dat staat als geslacht. Aan Hém is volmacht gegeven om de zeven zegels te verbreken en de boekrol te openen (Openb.5:9).

ONZE TIJD

Onze tijd is een andere dan die van Jeremia. Maar ook nu is er miskenning van de heilige Naam van de HEERE. Zien wij wel hoe ver we van huis zijn? Als kerk, met al onze oppervlakkigheid, onze verdeeldheid, onze gemakzucht, onze hang naar welvaart? Zijn we werkelijk wel eens ontdaan tegenover de Heere vanwege onze ontrouw? Zijn we echt bereid onze afgoderij los te laten?

Ook nu is de kern van het probleem: hoe sta je tegenover de God van Israël? Dat is de beslissende vraag. Die vraag stuwt de geschiedenis op naar het einde. Laten we daarop letten, nadenkend over de rol van de Verenigde Naties, de pogingen tot diplomatie, de brallende redevoeringen van de machtigen, de berichten van het journaal. Het profetische Woord is zeer vast. Het dringt binnen tot in ons merg. Het oordeel komt. De tijd komt dat onze minnaars ons in de steek zullen laten. ‘Zij vragen niet naar u.’ (Jer.30:14)

GODS TROUW

God regeert. Hij doet dat door de handen van het Lam. De angst voor het oordeel, Christus heeft die gekend. De benauwdheid van Jakob, Christus ging erin onder. Die machtig grote zonden, Hij heeft ze gedragen, wéggedragen. Onze ongerechtigheden, Hij is erom verwond.

Er is geen verlossing van onze jammerlijke verbondsbreuk buiten Hem: deze Koning David, Die de HEERE deed opstaan. De Vorst van Pasen reinigt en geneest alle wonden. Zó regeert Hij.

Op Hem zullen de heidenen hopen. Uiteindelijk zijn alle volken op aarde aangewezen op deze God, Die Zich in Israël bekend heeft gemaakt, Die Zijn hart aan Israël heeft verpand, Die Zijn verbond niet kan annuleren. Nog liever zendt Hij Zijn eigen Zoon. Ieder die Zijn Naam aanroept, zal behouden worden.

Is daarmee alles gezegd? Goddank wel. In ieder geval wel voor ons, als gelovigen uit de volken. Hij, Die Zijn trouw aan Israël heeft bewezen – dwars door alle ontrouw heen – Hij zal met diezelfde trouw ook nu aan Zijn kerk denken.

EEN ONGEHOORZAAM VOLK

Maar Israël? Israël heeft niet geluisterd. Het is een ongehoorzaam volk. Het boek Handelingen meldt keer op keer dat Paulus naar de synagoge ging om met de Joden te spreken over de beloofde Koning David. Maar hij vond weinig tot geen gehoor. En dan ging hij naar de heidenen. Dat is zo. Maar laten we dat niet met zelfvoldaanheid zeggen.

Laten we veeleer vrezen. Wij zijn immers maar ingeënte takken. Wie Israël zegent, zal gezegend worden. Maar wie Israël vloekt, zal vervloekt worden (Gen.12:3). Wie Israël plundert, zal geplunderd worden (Jer.30:16). Je kunt dergelijke bijbelteksten toch niet meer lezen zonder te denken aan het vernietigingsprogramma van Hitler.

BANGE VRAAG

Is de HEERE aan het eind met Israël? Het is voor Paulus een bange vraag. Ik heb er hartzeer van, zegt hij. Heeft God Zijn volk verstoten? Beslist niet (Rom.11:1). Paulus ziet hetzelfde patroon als in Jeremia 30: dwars door de onwil van het volk heen blijft de HEERE aan hen denken. En toch, ondanks alles: het is niet uit tussen de Heere en Zijn volk. Ja, zij verwerpen de Christus, in ieder geval de meesten van hen. Ze zijn nog hetzelfde als in de dagen van Jeremia. Ze zijn niet veranderd. Maar dat geldt óók voor de Heere. Ook Hij is Dezelfde. Zijn trouw, Zijn liefde, Zijn verkiezing – het zit zo diep. Al verwerpen zij, Hij neemt die verwerping in Zijn hand. Hun val wordt tot zaligheid van de heidenen. Hun val wordt rijkdom voor de wereld. Hun verwerping betekent verzoening voor de volkerenwereld (Rom.11:11-15).

Als dat al zo is, als God het in Zijn soevereiniteit zo doet, hoeveel te meer zal dan hun bekering tot zegen zijn? Als Israël nu eens de Christus aanneemt? Ondenkbaar? Ja, wel vanuit het oogpunt van Israël. Maar bij de Heere zijn alle dingen mogelijk. Hij schept leven waar de dood is. Hij kan ingrijpen, zoals Hij op Pasen deed. Als Israël in Jezus de Zoon van David herkent, dan zou dat niet minder zijn dan leven uit de doden (Rom.11:15). Dode beenderen. Maar de HEERE blaast erin.

HETZELFDE PATROON

Het patroon is steeds hetzelfde: vanuit ons kan het niet, vanwege de grootheid van onze schuld. Onze zonden zijn machtig veel. Maar in die onmogelijkheid grijpt de HEERE in. In de dood brengt Hij leven, door de Koning op de troon van David. Zo was het in de tijd van Jeremia. Zo gaat het in ons leven, toch? Zo zal het gebeuren met Israël. Want heel Israël zal behouden worden. Willen we precies weten hoe dat zal verlopen? Dat gaat niet. Dat blijft nu juist een geheimenis. Maar één ding is zeker: de HEERE regeert. Hij is niet veranderd. O, diepte van rijkdom, hoe ondoorgrondelijk zijn Gods wegen. Wie kent de gedachten van de HEERE? Uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. (Rom.11:36)

Ds. J.A.W. Verhoeven is predikant van de hervormde wijkgemeente van bijzondere aard te Krimpen aan den IJssel en lid van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

GRIMMIGE LIEFDE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's