De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

OPLOPENDE SPANNINGEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

OPLOPENDE SPANNINGEN

De voorgeschiedenis van Dordt [1]

5 minuten leestijd

Aan het begin van de zeventiende eeuw kregen de theologen Arminius en Gomarus een ernstig meningsverschil over de verkiezing. Dit kerkelijke conflict heeft ons land aan de rand van een burgeroorlog gebracht. Hoe heeft het destijds zover kunnen komen?

Het conflict is ontstaan tussen twee begaafde predikanten die later hoogleraar in Leiden zijn geworden: Jacobus Arminius uit Oudewater (1560-1609) en Franciscus Gomarus uit Brugge (1563-1641). Wanneer Arminius predikant is geworden in Amsterdam, houdt hij een serie preken over Romeinen 9. Daarin zegt hij dingen die bij de gemeente vragen oproepen.

Het gaat over Gods verkiezing en verwerping. Arminius zegt: God verkiest mensen tot de zaligheid omdat zij geloven en God verwerpt mensen omdat zij zich in ongeloof verharden. De gemeente fronst de wenkbrauwen. Is dit wel bijbels? Wij worden toch niet gered omdat wij geloven? Zodat geloven een voorwaarde wordt. Over deze preken is het laatste woord nog niet gezegd.

AFWIJKEND

In 1603 wordt Arminius hoogleraar in Leiden. Hij wordt de collega van Gomarus. Na een wat moeizame start gaat het verder wel goed. Totdat het jaar 1604 aanbreekt. Op 7 februari houdt Arminius een disputatie (college over een aantal stellingen) waarin hij afwijkende dingen over de predestinatie (voorbeschikking) zegt. Bijvoorbeeld dat God van eeuwigheid heeft besloten mensen te verkiezen voor de zaligheid, omdat Hij zag dat zij zouden geloven (stelling 2). De verwerping is voor hem een onderwerp apart en betreft mensen die daar om hun ongeloof zelf om ‘vragen’ (stelling 11). Op 31 oktober houdt zijn collega Gomarus een disputatie over hetzelfde onderwerp. Hij geeft een heel andere uitleg van de predestinatie. Namelijk dat God van eeuwigheid heeft besloten bepaalde mensen te verkiezen tot de zaligheid. Om tot dit doel te komen schept Hij hen, laat hen in zonden vallen, brengt hen tot bekering en geloof en zo worden ze zalig. Wat betreft de mensen van wie Hij besloot dat zij niet zalig zouden worden, besluit Hij tot het omgekeerde: de verwerping. Nog maar nauwelijks is deze disputatie voorbij of Arminius klimt in de pen: Het Examen. Hij is ervan overtuigd dat Gomarus zo verkeerd zit dat hij God bidt of Hij Gomarus vergeving wil schenken.

ALS EEN SNEEUWBAL

Wat te verwachten was, gebeurt. Het conflict in Leiden wordt bekend. Als een lopend vuurtje gaat het door de kerk: Arminius leert zijn studenten een dwaalleer. De classis Dordrecht dient bij de Particuliere Synode van Zuid-Holland een bezwaarschrift tegen hem in. Er volgen diverse gesprekken. Het conflict lijkt even gesust, maar dat is niet zo. Wtenbogaert vergelijkt het gebeuren met een sneeuwbal die steeds groter wordt. Allerlei personen uit de kerk en vanwege de overheid overleggen met elkaar en komen tot de conclusie dat er een Nationale Synode moet worden gehouden. Prima, zeggen de aanhangers van Arminius, maar dan moet het wel gaan over revisie van de belijdenis. Er moeten dus uitspraken in de belijdenis veranderd worden. Dat gaat dus niet gebeuren, zeggen de aanhangers van Gomarus. Je voelt het aankomen: het plan voor een synode is van de baan.

POLITIEKE LADING

Op dat moment zet Arminius een stap die grote gevolgen zal hebben. Hij stapt naar de Staten van Holland en West-Friesland. Hij doet zijn beklag over alles wat over hem gezegd wordt en vraagt om hun steun. Vanaf dit moment krijgt het conflict ook een politieke lading. Er wordt door de overheid – en dus niet door de kerk – een bijeenkomst belegd, waarin men Arminius welwillend aanhoort.

Wanneer ook Gomarus daarbij betrokken wordt, staan ze tegenover hem minder sympathiek. Gomarus zegt dat hij niet zou durven sterven in het gevoelen van hem met wie hij verschilt, noch daarmee verschijnen voor het oordeel van God. Beiden schrijven een stuk waarin zij hun mening verwoorden: het stuk van Arminius heet Verklaring en dat van Gomarus Vertooch. Een hernieuwde poging om tot overeenstemming te komen in 1609 mislukt. Arminius gaat ziek naar huis (hij heeft tuberculose) en sterft spoedig daarna.

MEER VERSCHILLEN

Ondertussen lopen de spanningen in de kerk en de samenleving hoger en hoger op. Gaat het dan alleen over de predestinatie? Bepaald niet, er is veel meer aan de hand. Een van de kernpunten is de vraag of een mens alleen door genade zalig wordt, waarvoor het geloof een middel is. Of is het zo dat het geloof van de mens een voorwaarde wordt en zo’n beetje op één lijn gesteld wordt met Gods genade. En hoe zie je de mens? Allerlei verschillen die allang sluimerden, treden nu aan de dag. Wat moet dat worden?

Dr. W. Verboom uit Harderwijk is emeritus hoogleraar Geschiedenis van het gereformeerd protestantisme.


STELLINGEN

Uit de disputatie van Arminius in 1604:

Stelling 2: De predestinatie is derhalve, wat de zaak zelf betreft, het besluit van het welbehagen van God in Christus, waardoor Hij bij Zichzelf van eeuwigheid heeft vastgesteld om gelovigen, wie Hij besloten heeft met het geloof te begiftigen te rechtvaardigen, aan te nemen en het eeuwige leven te schenken, tot lof van zijn heerlijke genade.

Uit de disputatie van Gomarus in 1604:

Stelling 17: Verder zijn er twee soorten van predestinatie (...): de ene is tot het eeuwige leven en de verheerlijking en tot de middelen daartoe. Deze is structureel (gezien) de eerste en wordt bij uitstek ‘predestinatie’ genoemd. De ander is tot de eeuwige dood en smaad. Dit wordt ook achteraf en uit de uitkomst duidelijk, omdat God niets in de tijd doet, wat Hij niet van eeuwigheid af besloten heeft.

Uit de disputatie van Gomarus in 1601:

Stelling 7: Iedereen (in de gemeente, WV), wordt door het bevel van God gehouden te geloven dat hij tot de weinigen behoort die tot de zaligheid verkoren zijn.


Volgende week deel 2, over het verschijnen van ‘De Remonstrantie’ van Wtenbogaert.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 oktober 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

OPLOPENDE SPANNINGEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 oktober 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's