De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

HULP AAN VERSLAAFDEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HULP AAN VERSLAAFDEN

Machiel en Erika Kommers: ‘Genade heeft extra inhoud gekregen’

8 minuten leestijd

Het wonen in Mexico was voor het echtpaar Kommers bepaald geen straf. ‘Ik heb genoten van het hete weer.’ Maar samenwerken met de lokale kerk om mensen uit de goot te helpen ging anders dan gedacht.

Zending is Machiel ‘met de paplepel ingegoten’. Zijn ouders waren zendeling in Kenia en Mozambique en drie van de zeven kinderen zijn de zending ingegaan. Machiel: ‘Enerzijds maakte die achtergrond het makkelijker om de zending in te gaan, maar aan de andere kant moet je er ook samen, als man en vrouw, je weg in zoeken.’

Jullie waren verbonden aan Center Shalom, een centrum voor alcohol- en drugsverslaafden. Wat was jullie rol?

Machiel: ‘We werden aangesteld als organisatieadviseurs. Al gauw kwamen we erachter dat het veel verder ging dan adviseren.’ Erika: ‘Toen we kwamen, was er een kleine groep vrijwilligers, nu is het een professionele organisatie geworden. De huidige directeur is een ex-verslaafde, die begrijpt waar de verslaafde doorheen gaat, hij snapt de therapieën.

Hij wist weinig van rapportages schrijven of de computer, maar die dingen kon hij leren. We hebben veel gedaan op het gebied van bijscholen en toerusten.’

Zending is in de eerste plaats Woordverkondiging, maar jullie waren uitgezonden voor een diaconale taak. Hoe zit dat?

Machiel: ‘Ik zie niet veel in een scherpe scheiding tussen diaconaat en zending. Woord en daad gaan hand in hand. Dat heb ik ook in Mexico gezien: verslaafden werden praktisch geholpen en er werd op een natuurlijke manier voor en met hen gebeden. In onze terugkomdienst ging het over een gedeelte uit Jakobus. Het gaat erom daders te zijn van het Woord, het is niet óf daden óf het Woord.’ Erika: ‘Praktische dingen hebben een groot evangeliserend effect. In Center Shalom kwamen veel mensen tot geloof. En als je iets doet voor alleenstaande moeders, kun je hun kinderen uitnodigen voor de kerk of voor club en zo het Evangelie delen.’

Deel van jullie werk was ook om de lokale kerken te ondersteunen bij hun diaconale taak. Is diaconaat iets wat de kerk in Mexico van nature goed afgaat?

Machiel: ‘De kerk in Mexico is wettisch, geloven moet per se op een bepaalde manier. Ze is ongeveer honderd jaar geleden gesticht door kerken uit de VS. De Mexicaanse kerk heeft nauwelijks haar eigen kerkelijke tradities of theologie ontwikkeld. De kerk is sterk naar binnen gericht en zet zich af tegen alles wat rooms-katholiek is. Een diaconale houding past daar niet bij, want de katholieken deden juist veel op dat gebied.’

Erika: ‘De verslaafde leert dat hij het moet hebben van genade. Er kwamen verslaafden tot geloof, ze bloeiden op. Vervolgens kwamen ze in de kerk. De kerkmensen zeiden: Blijf jij maar achterin zitten. Neem maar geen Bijbel mee, dat is toch te moeilijk. Er is een sterk veroordelende houding. Daarover hebben we veel gesprekken gehad met de kerk. Maar de houding blijft: het is toch de eigen schuld van die mensen, ze hebben het verkeerde pad gekozen. Dat wil niet zeggen dat er geen gemeenteleden waren die wel hielpen. Maar de kerk als geheel had er geen visie voor.’

KEURIG GEORGANISEERD

Machiel: ‘De zondagse diensten duurden van ’s ochtends tien tot ’s middags twee uur. Vooraf werd er nog gevast en bijbelstudie gedaan. Er is geen pauze, er wordt niet gegeten met elkaar. Doordeweeks is er bijna elke avond wel een activiteit. Het is alsof ze het idee hebben: we moeten nog iets volbrengen. Het is niet gauw goed genoeg wat we doen. Men heeft ook het idee dat alles in de kerk moet gebeuren. Thuis bidden of bijbellezen doen mensen nauwelijks. Daarom wordt er in de kerk ook voor de kleinste dingen, zoals een verkoudheid, gebeden – en het telt eigenlijk alleen als de dominee het doet.’ Erika: ‘Mensen missen het concept van wat genade is. Het is sneu dat ze zo trouw samenkomen en toch de vrijheid missen die je door het geloof zou moeten krijgen. Het kerkgenootschap in Mexico is groot en goed georganiseerd. Alles loopt goed. Zorg aan verslaafden past daar helemaal niet goed bij. Het percentage verslaafden dat blijvend afkickt, is laag, dat is overal zo. In Nederland ligt dat op maar elf procent; wij zaten rond de 20-25 procent. De kerk zegt dan: Het levert niks op, waar doe je het voor? Laten we van Center Shalom maar een kindertehuis maken, of een kantoor voor de kerk.’

Machiel: ‘Omdat de kerk weinig in het centrum zag, moesten we als NGO verder en op juridisch vlak los komen te staan van de kerk. Zo was er niet meer het risico dat Center Shalom verkocht werd en konden we fondsen aanvragen bij overheden en bedrijven. Ondertussen probeerden we individuele gemeenteleden die wel meededen, betrokken te houden.’

Wat hebben jullie geleerd van de mensen met wie jullie werkten?

Machiel: ‘Genade heeft voor mij een nieuwe invulling gekregen. Verslaafden ervaren hun verlossing niet alleen geestelijk maar ook lichamelijk. ‘Ik lag in de goot, ik was niks meer waard. Ik had het verbruid, ik verdiende niks en mocht niks hebben; maar door genade mag ik er weer bij horen.’ Verslaafden hebben vaak een achtergrond met geweld en afpersing. Toch mogen ze nieuw leven ontvangen.

Een keer ben ik met vijf mensen die werkten bij Center Shalom naar andere centra geweest. Dat was een prachtige reis. We zaten duizenden kilometers bij elkaar in de auto en konden veel bespreken. De directeur vond het bemoedigend om bij andere centra te kijken, er was herkenning. We hebben vanaf toen ingezet op het aannemen van mensen met een verslavingsachtergrond. Het effect was dat we meer mensen zagen komen en er meer mensen afkickten. Het centrum wordt nu gerund door ex-verslaafden. Er is nog ondersteuning van de GZB; Erika heeft als programmaleider contact met hen.’ Erika: ‘We hebben echt met die mensen opgetrokken. We liepen samen een proces door en maakten samen veel mee. We vierden onze verjaardagen ook in Center Shalom.’

Wat valt jullie het meeste op nu jullie weer terug zijn in Nederland?

Erika: ‘Alles werkt gewoon, dat is wel relaxed. En ik was verrast hoe blij mensen in de kerk waren dat we terug waren. Hartverwarmend.’ Machiel: ‘We hadden in Mexico veel vrijheid, het bestaan was flexibel. ’s Ochtends wist je nog niet hoe je dag eruit zou zien. Dat is hier wel anders.’ Erika: ‘Het valt me op dat mensen in Nederland verwachten dat je altijd blijft streven naar iets mooiers. We hebben al vaak de vraag gehad hoelang we nog op dit flatje blijven zitten. Het wordt toch wel tijd voor een huis met een tuintje...’

Esther Visser-den Hertog is eindredacteur van De Waarheidsvriend.


Machiel en Erika Kommers werden in 2009 vanuit de Advents-kerk in Amersfoort via de GZB uitgezonden naar Mexico. Naast hun werk bij Center Shalom waren ze actief als programmaleiders van projecten in Latijns-Amerika en Afrika. Sinds een jaar heeft de GZB het beleid dat alle projecten als doel moeten hebben om de lokale kerk te dienen. Erika is momenteel werkzaam als programmaleider van projecten in Namibië, Malawi, Nicaragua, Cuba, Colombia en Costa Rica.


ILSE VISSER: ‘HET WAS PLOETEREN’

In 2008 werd Ilse Visser via de GZB uitgezonden naar Malawi om te werken aan een bijbelvertaalproject voor de Llomwebevolking. Sinds 2015 is ze terug, maar pas begin dit jaar is het project afgerond.

Alles schaars

‘De Llomwebevolking telt 900.000 mensen. Eind negentiende eeuw zijn ze uit Mozambique naar Malawi gevlucht. Ze verkeren in een minderheidspositie, hebben een lage sociale status. Vaak werken ze op plantages. In hun taal bestond nog geen bijbelvertaling. Veel Llomwe gingen wel naar de kerk, waar echter niets gebeurde in hun moedertaal; daardoor landde de bijbelse boodschap vaak niet. Mijn taak was om het team van vertalers te trainen. Er waren drie lokale Llomwe-mannen bereid gevonden om de vertaling op zich te nemen. Zij maakten een conceptvertaling van een stukje tekst die ik nakeek op basis van het Grieks en Hebreeuws.

Het onderlinge vertrouwen tussen ons vieren moest groeien – een gelijkwaardige manier van samenwerken is in die cultuur allerminst vanzelfsprekend. Alles is er schaars: mensen, materiaal, internet en elektriciteit. Zonder internet stagneerde het werk. Dat was lastig, want we moesten steeds resultaten laten zien om de financiering van het project niet in gevaar te brengen. Moeilijk was het dat er vanuit de kerken weinig vertrouwen was in het project. En de vertalers ondervonden grote weerstand bij hun familie en ervoeren het geloof in duistere machten bij hun familieleden. Er is veel occultisme en hekserij in Malawi.’

Aan de basis

‘Van de mensen met wie ik samenwerkte, leerde ik te vertrouwen op God, ook al zit alles tegen. Ondanks het feit dat het leven kwetsbaar voelt en dicht bij de dood, is er rust en dankbaarheid. Je ervaart afhankelijkheid van God sterker, je leeft meer aan de basis.

Een hoogtepunt was de acceptatie van het project door andere kerken in 2014. Toen kwam er een ommekeer. Het Nieuwe Testament kwam dat jaar uit. De maanden erna trokken we langs de dorpen – we lieten mensen stukjes tekst lezen om te kijken of ze het begrepen. De tekst werd goed ontvangen, en andere organisaties kregen interesse om ook iets voor de Llomwe mensen te gaan betekenen.

Het moeilijkste was de periode 2008-2014, toen we weinig vrucht zagen en veel tegenstand ondervonden. Het was een kwestie van stug doorploeteren. In 2013 was het ook zwaar: ons tweede kind werd te vroeg geboren, we moesten direct het land uit om goede medische zorg te krijgen. Dat is goed gegaan. We gingen terug naar Malawi, wat diepe indruk maakte: dat had men niet verwacht. We lieten zien dat we om deze mensen gaven.’

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

HULP AAN VERSLAAFDEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 november 2018

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's