DE MENS ALS PION
Karikaturen van ‘Dordt’ in de Nederlandse literatuur
In veel moderne romans komen we hen tegen: ernstige, hardwerkende mensen. Ze gaan naar de kerk, lezen de Bijbel, tobben met zonde en schuld, moeten zich aan allerlei regels houden en vreugde lijken ze niet te kennen: ‘typisch gereformeerd’. Is dat de invloed van ‘Dordt’? Of een karikatuur?
Jan Wolkers, Maarten ’t Hart, Jan Siebelink en Franca Treur zijn auteurs die de meeste Nederlanders wel kennen. Hun werk wordt meteen met het gereformeerde geloof geassocieerd. Op verschillende manieren komt dat in de romans tot uiting: de hoofdpersonen verkeren in een benauwd geestelijk klimaat, worstelen met opgelegde regels en gedragscodes en hebben vaak een verwrongen godsbeeld. Het lijkt weinig verschil te maken of het verhaal zich in een gereformeerd, een paauweaans of een reformatorisch milieu afspeelt. In sommige romans komt de leer van Dordt nadrukkelijk ter sprake. Twee van zulke romans worden hier kort besproken.
MAARTEN ‘T HART
‘Dordt’ heeft drie formulieren aanvaard: de Heidelbergse Catechismus, de Dordtse Leerregels en de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Maarten ’t Hart heeft de catechismus een prominente plaats gegeven in zijn roman Een vlucht regenwulpen (1978). Vier jaar geleden werd dat boek door de Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) nog gratis verspreid in het kader van de actie ‘Nederland leest’.
De schrijver heeft zondag 10, over de voorzienigheid van God, als motto gekozen. Door die voorzienigheid kreeg de moeder van hoofdpersoon Maarten keelkanker, waaraan ze vreselijk leed. Van de roman werden meer dan een miljoen exemplaren verkocht en bovendien werd hij verfilmd. Geen wonder dus dat zijn representatie van het gereformeerde geloof veel lezers te denken gaf. De karikaturale beschrijving van de ouderlingen die zonder compassie de zieke vrouw bezoeken (en onder het bidden nog een koekje weten te bemachtigen), terwijl ze de zieke dreigen met eeuwig verloren gaan, kon het (lezers)publiek wel bekoren.
Overigens dachten velen wat al te gemakkelijk dat de schrijver samenviel met de hoofdpersoon en dat de zieke moeder werkelijk mevrouw ’t Hart was. Zij overleed echter pas in 2012. De schrijver heeft dus in de jaren zeventig een verhaal geschreven dat weliswaar autobiografische elementen bevat, maar dat vooral een instrument lijkt om het vraagstuk van Gods voorzienigheid en het lijden te bekritiseren.
Dat gebeurde op een manier die niets aan duidelijkheid te wensen overliet. God én gelovigen werden, zoals dat in de jaren zeventig dikwijls gebeurde, met grof geschut beledigd. Wie hierover meer wil lezen, kan in Digibron een uitstekend artikel vinden: Rudy Ligtenberg, ‘De pijn van zondag 10’.
ARTHUR VAN SCHENDEL
Naast Gods voorzienigheid is de leer van de predestinatie voor velen een struikelblok. Dat leerstuk, uitgebreid beschreven in de Dordtse Leerregels, was voor Arthur van Schendel (1874-1946) een interessant thema. Hij heeft het uitgebreid verwerkt in zijn roman Een Hollands drama. Deze roman verscheen in 1935 en werd vele malen herdrukt. In 2010 verscheen hij opnieuw, in een band met twee andere romans, De waterman en De grauwe vogels. Van Schendels hoofdpersonen in deze zogenaamde Hollandse romans zijn steevast kopstukken: zij volgen hun eigen verlangens of geweten, tot elke prijs.
Een Hollands drama speelt zich af in Haarlem. Het hoofdpersonage, kruidenier Gerbrand van Werendonk, heeft zich voorgenomen de torenhoge schuld die zijn zwager heeft opgebouwd, af te betalen. De zwager heeft zelfmoord gepleegd, zijn zoon Floris lijkt op hem: hij heeft dezelfde neiging tot verkwisten. Floris wordt aan alle kanten gestimuleerd op het rechte pad te blijven, maar zijn verkeerde vrienden blijken te sterk voor hem. Sterker dan Wijntje, het meisje dat van hem houdt, sterker dan zijn moeder en ooms.
Meer dan twintig jaar duurt de strijd van Gerbrand van Werendonk. Al die jaren drukt niet alleen de financiële schuld hem, maar sombere gedachten over predestinatie en erfzonde lijken daarmee gelijke tred te houden. Ook Floris denkt daar veel over na. Het besef wel te willen, maar niet te kunnen verlamt hem. Na korte momenten van hoop draait uiteindelijk alles uit op de ondergang van Gerbrand en Floris.
BEKLEMMEND
Van Schendel heeft deze romans geschreven in een strenge, sobere, beeldende stijl. Hij kent de kunst van het verzwijgen, waardoor de taal een beklemmende kracht heeft. Ook de opbouw en uitwerking van het thema zijn van grote klasse.
Eddy du Perron, in de jaren voor de oorlog een van Nederlands scherpste recensenten, schreef: ‘de manier waarop je het drama behandelt (...) is zo, dat zelfs de meest onchristelijke lezer – waartoe ik mij vlei te behoren – de grootheid erkennen moet die zelfs in deze christelijke onderwereld heersen kan.’
En zijn collega Menno ter Braak merkte op dat de mens in de roman niet veel meer is dan een pion die geschoven wordt. In een calvinistisch zondebesef ziet hij Floris de macht van zijn instincten ervaren. Die heersen over geloof en rede.
WETSBETRACHTING
Het calvinistische milieu is een onderwereld waarin de mens een pion is, onderworpen aan kwade machten. Inderdaad heeft de auteur geprobeerd een beeld te geven van een calvinistische geloofsbeleving in een negentiende-eeuws burgermilieu en de beide recensenten waren van mening dat zij in Een Hollands drama een typisch calvinistisch milieu hadden leren kennen.
Wie echter nauwkeurig leest, ontdekt dat de verkiezing vooral in verband wordt gebracht met de erfzonde: de mens is gedoemd om het kwade te doen. Gerbrand wil Floris met harde hand opvoeden en zegt aan diens moeder: ‘Je kind is niet anders dan alle mensen, vlees waarin de zonde woont. Maar de genade zal hem toekomen uit de kennis van de wet. Dit moet hij voor de ogen houden, en ons voorbeeld van rechte zeden.’
Deugdzaamheid en wetsbetrachting moeten dus heil brengen. Verschillende personages houden Floris voor dat er verlossing is, maar niemand vertelt hem van Jezus Christus. ‘Wij zijn allemaal slecht, zei hij, groot en klein, rijk en arm, maar de een is zwakker en doet het kwaad en de ander wordt er voor behoed, dat is uitverkiezing. Het voornaamste is dat je het geloof hebt dat je eenmaal verlost zal worden. Heb het geloof toch, het is zo makkelijk en je zal zien wat je dan al niet overwinnen kan. En als de beproeving je te zwaar wordt, zeg het en ik zal je helpen. Ik ben de man van wie je hulp kan verwachten.’
Gerbrand biedt zich aan als hulp en steun voor Floris, hij offert zich in feite op. De Man van Wie je hulp kunt verwachten, Jezus Christus, blijft buiten beeld. Een verticale dimensie ontbreekt.
De strijd tussen willen en doen uit Romeinen 7 komt regelmatig in de roman voor, maar Romeinen 8 heeft er geen plaats in. De strijd – die bij Paulus overigens nadrukkelijk in het kader van de wedergeboorte en geloof staat en bij Van Schendel niet – overheerst en maakt van Floris en Gerbrand uiteindelijk verliezers.
VERKIEZING
Is de roman wel zo gereformeerd als velen denken? Hij is zeker als zodanig beschouwd. Dat blijkt uit het feit dat Du Perron en Ter Braak uitgebreid over het calvinisme schreven en anderen over ‘verstrikt zijn in zondebesef en schuld’, én dat er een spotprent van Arthur van Schendel met ds. Kersten getekend werd. Uit recensies van scholieren, waarvan er genoeg zijn te vinden op het internet, blijkt ook: dit is een typisch gereformeerd milieu.
Van Schendel had zelf niets met het christelijk geloof. Mogelijk was het voor hem een interessant thema om te bezien hoe een bijbels leerstuk tot in het extreme op de menselijke geest kon uitwerken. Dat deed hij weliswaar subtieler dan dat Maarten ’t Hart dat ruim veertig jaar later zou doen, maar daarmee is Een Hollands drama niet minder een karikatuur van Dordt.
Een God Die uit genade mensen liefheeft, kent, verkiest, rechtvaardigt en verheerlijkt, is de God Die in Jezus Christus ook voor zijn dagelijkse leven zorg draagt. Voor deze God en het geloof in Hem is in beide romans geen plaats.
Dr. J. de Jong-Slagman uit Bergambacht is docent Nederlands aan Driestar Hogeschool te Gouda.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 februari 2019
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 februari 2019
De Waarheidsvriend | 20 Pagina's