De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

‘CLOECKE MEESTERS’

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

‘CLOECKE MEESTERS’

Organisten tijdens ‘Dordt’ maakten prachtige psalmbewerkingen

3 minuten leestijd

Ten tijde van de befaamde Synode van Dordrecht in 1618/1619 woonde en werkte in ons land een aantal vooraanstaande organisten.

In dit artikel ontbreekt de ruimte om hen allemaal aandacht te geven. Daarom beperken we ons tot de voornaamsten onder hen: Speuy, Schuyt en Sweelinck.

SPEUY EN DORDT

In de stad Dordrecht, waar de Synode van 1618-1619 werd gehouden, dus middenin de Tachtigjarige oorlog, was daar toen de organist Henderick Janszoon Speuy als zodanig werkzaam en verbonden aan de Grote of Onze Lieve Vrouwekerk. Deze organist was geboren omstreeks 1575 in Den Briel en overleed in Dordrecht in 1625. Hij was na 1596, maar in ieder geval voor 1602 organist in Dordrecht geworden.

Van zijn levensloop is dit zo ongeveer het enige wat wij van deze Dordrechtse organist weten, zo weinig is er opgetekend omtrent deze persoon. Toch leefde hij in een van de belangrijkste perioden aan het eind van de zestiende eeuw en begin van de zeventiende eeuw, een periode voor en tijdens het Twaalfjarig Bestand en dus ook in de dagen van de Nationale Synode van 1618-1619.

DUO’S

Speuy was een tijdgenoot van Sweelinck in Amsterdam en Schuyt in Leiden, de drie bekendste orgelmeesters in die tijd.

Gerard Vossius Johanneszoon schrijft over Speuy: ‘de uitnemende die de eerste was, die een harmonie van de Psalmen Davids uitgaf om met twee partijen te spelen op de gewijde Orgelen en op Clavecymbelen’.

Eén ding is derhalve gelukkig, en wel dat wij een overtuigend stuk van hem hebben, namelijk het eerste in Nederland gedrukte en uitgegeven, in een Hollandse stad van de pers gekomen: Psalmen Davids (gestelt op het tabulatuer van het Orghel ende Clavecymbel) met twee partijen zijnde 24-tal Psalmbewerkingen, ‘Duo’s’ genoemd, tweestemmig dus. De organist Jan Zwart, die de gegevens over Speuy wist te bemachtigen, schrijft daarover dat deze uitgave een prachtig unicum van psalmbewerkingen voor orgel vormt. Sweelinck, Schuyt en tijdgenoten zullen Speuy hierom wel benijd hebben.

Een enkele keer komen we een van zijn Psalmen-Duo’s nog wel eens tegen op een concertprogramma. Overigens raad ik organisten die een één-klaviers orgel in de kerk tot hun beschikking hebben, aan deze Duo’s voor orgel aan te schaffen. Het zijn uitstekende koraalinleidingen bij de te zingen Psalmen. Speuy en Dordt – ze vormen als het ware een twee-eenheid, schrijft dr. K. Deddens in zijn Mu ziek-mixturen (Uitgave Oosterbaan & le Cointre, Goes, 1978).

SCHUYT IN LEIDEN

We hebben de organist Cornelis Schuyt (1557-1616) van de Hooglandse kerk in Leiden al even genoemd. Hij heeft zich ongetwijfeld ook beziggehouden met de psalmen en deze in zijn dagelijkse bespelingen ten gehore gebracht. Van hem zijn ons dienaangaande geen psalmen voor orgel overgeleverd. Cornelis Schuyt had in Italië gestudeerd, en bij terugkomst bleek dat men hem in Leiden als volwaardig musicus accepteerde. Het stadsbestuur van Leiden wilde ‘Meester Cornelis’, zoals men hem noemde, graag voor de sleutelstad behouden en hem levenslang aanstellen als stadsorganist, een soortgelijke functie als Jan Pieterszoon Sweelinck in de hoofdstad bekleedde.

SWEELINCK IN AMSTERDAM

Maar de onbetwiste grootmeester uit deze periode, die ver uitstak boven alle andere ‘cloecke meesters in de orgelkunst’ was ongetwijfeld Jan Pieterszoon Sweelinck (1562-1621). Hij was van 1580 tot oktober 1621 organist van Oude kerk in Amsterdam. Sweelinck heeft ons zeer veel orgelwerken nagelaten, waaronder diverse psalmbewerkingen, maar zijn grootste en indrukwekkendste verdienste is toch wel geweest, zonder geringschattend te doen over zijn vele prachtige orgelwerken, zijn Psalmenproject, waarbij alle 150 psalmen voor vier- tot achtstemmig koor werden getoonzet. Zonder meer een klankdocument van de hoogste orde waaraan met name de laatste tijd wat meer aandacht wordt besteed. En terecht. Met name wil ik hierbij de verdiensten van Harry van de Kamp noemen. Hiervan kan met name gezegd worden: Ydele Const versmaet. God’lycke Const doet leven.

M. Seijbel uit Elburg is organist.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 2019

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

‘CLOECKE MEESTERS’

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 2019

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's