HET SPANNINGSVELD
Mijn jeugd was doordrenkt van de bijbelse wereld. Ik had als jongetje het gevoel dat de geschiedenissen van het Oude Testament tot de voorgeschiedenis van Nederland behoorden.
Mijn opa plaatste ik ergens in de lijn van de aartsvaders. Ik ging naar christelijke basisscholen, en deed mijn vwo op de Driestar. In die werkelijkheid was het onmiskenbaar noodzakelijk dat ik de Christus van de Schriften leerde kennen. Ik wist dat ik voor eeuwig verloren was, als ik Hem niet kende. En ik heb Hem leren kennen.
ANDER GROOT VERHAAL
Dankbaar ben ik voor die opvoeding. Het heeft mijn leven op een goede manier gestempeld. Wel merk ik dat het me lange tijd veel moeite kostte om te zien en onder woorden te brengen wat Christus te maken heeft met mensen en de cultuur waar we nu in terecht zijn gekomen. Behalve de overtuiging dat iedereen Christus moet leren kennen, had ik er geen woorden voor of beelden bij.
Die niet door christendom gekenmerkte cultuur was er natuurlijk al in mijn jeugd. Gaandeweg kwam die steeds meer in mijn leven, zeker na de komst van internet. En zo groeide er naast het bijbelse, een ander groot verhaal, dat van de Nederlandse cultuur en haar seculiere opvattingen. Christus en Zijn werkelijkheid werden daardoor in mijn leven een eigensoortige ruimte in mijn ziel. Zolang die gespletenheid er is, loop je het risico dat de werkelijkheid van Christus door de andere wordt verdrongen of opgeslokt.
ANDERE WERELD
Na de jaren van wonen en kerken in Groningen kom ik nu geregeld in gemeenten in het zuidwesten van het land. Op zondagen in de erediensten, en ook doordeweeks tijdens ontmoetingen met kerkenraden wanneer ik gesprekken voer over de missionaire roeping. Vaak denk ik dan aan vroeger. En dat bedoel ik positief. Ik denk aan een cultuur van gemeentezijn waarin er veel goeds is bewaard aan omgang met de Heere. Aan het voeren van het geloofsgesprek onderling, waarin een nieuwe generatie het weer overneemt van de vorige. Dat is een zegen.
Tegelijkertijd hoor en zie ik daar op gemeenteniveau gebeuren wat zich eerder in mij voltrok. En wat er waarschijnlijk ook binnen in de gedachtewereld van veel gemeenteleden plaatsvindt. Wat je op zondag beleeft, is in onze cultuur lastig communiceerbaar geworden. Je stapt ’s zondags bijna letterlijk een andere wereld binnen. Hoe kunnen we de schatten die we aantreffen in de gemeente, het kostbare dat opgetast ligt in de Schrift en in de liederen, de troost die we horen in de preek, delen met anderen? Drijven we daar handel mee, zoals Jezus in de gelijkenis over de talenten zei? We zijn dringend verlegen om meer verbanden tussen zondag en maandag, dat duidelijker wordt waarin het Woord ons leven nu raakt en stuurt. Verlegen om meer mogelijkheden om het geloof te delen, als individuele gelovige en als gemeente. Het kan toch niet de bedoeling zijn dat de gemeente een eiland is, zonder echt contact met de ‘buitenwereld’? Hoeveel diepgaande contacten hebben we buiten onze ‘bubbel’? Hebben we anderen nog iets te zeggen? We mogen het toch niet voor onszelf houden?
VERDAMPEN OF VERDIEPEN?
Meteen voel je het spanningsveld opdoemen. Wat gebeurt er als je de deur openzet? Nu al staat de werkelijkheid van de Bijbel onder druk in de ziel van de gemiddelde kerkganger. De verhalen die het leven van Nederland bepalen, vaak ingekleurd door geld en succes, sturen ook die van veel kerkgangers. Zal de directe confrontatie met de cultuur het geloof doen verdampen, of is het mogelijk dat het zich verdiept, doordat we oog krijgen voor de waarde van wat ons is toevertrouwd: God te kennen, Zijn Woord, Zijn genade, troost en zegen?
We kunnen het spanningsveld lang uit de weg gaan, maar vroeg of laat krijgen we ermee te maken. Het is eigen aan het leven van een christen en aan het leven van de gemeente. In dit spanningsveld zijn er geen eenvoudige antwoorden of oplossingen. Het is samen zoeken en tasten. Dichtbij Jezus komen en blijven. Zoeken naar goede gidsen, die helpen om en dichtbij God en dichtbij de cultuur te zijn. Verhalen delen over hoe de Levende ook nu met ons is en voor ons uit gaat en soms ook buiten ons om in mensen werkt. Dat helpt om een weg te vinden. Zodat de schat van het Evangelie niet onder welke grond ook maar verstopt blijft, maar dat er handel mee wordt gedreven. Handel die, ook voor ons, de waarde vermeerdert.
Dr. J.A. van den Berg is algemeen directeur van de IZB.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 2019
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 2019
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's