De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Studeren en doceren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Studeren en doceren

Ds. K. Exalto zag honderd jaar geleden het levenslicht

11 minuten leestijd

Deze week (11 juni) is het honderd jaar geleden dat ds. K. Exalto werd geboren. Van 1969 tot 1989 was hij bestuurslid van de Gereformeerde Bond. Vele, vele artikelen schreef hij in De Waarheidsvriend. Wie was deze markante man die pas later in zijn leven predikant werd?

Vanaf 1955 tot 1985 diende ds. Exalto in een vijftal hervormde gemeenten. Hij vond het wijs en verstandig op een moment te vertrekken dat het in de gemeente nog goed ging. De invloed die hij op de gemeente uitoefende, was in het geheel niet persoonsgericht. Na het vertrek werd nergens een standbeeld (letterlijk of figuurlijk) opgericht. Hij liet wel veel na.

Doorwrocht

Op de preekstoel kwam hij met doorwrochte preken die zorgvuldig en nauwgezet werden voorbereid.

Wie leerde om naar hem te luisteren, deed een schat aan schriftkennis op. Daarbovenuit was het hem een lieve lust om Christus in Zijn volheid te verkondigen. Hij haalde dikwijls Ezechiël 33 aan: Wanneer een dienaar niet getrouw is, zal het bloed van de hoorders van zijn hand geëist worden. Tijdens de catechisatie-uren, kerkgeschiedenislessen en op de kringavonden was hij in zijn element. Kennis overdragen, uitdelen van dat wat hij zelf studerend en mediterend had ontdekt. Vele zestigplussers uit Hasselt spreken met grote liefde over hun leraar, ds. Exalto. Eerlijkheidshalve mag niet worden verzwegen dat zijn concentratie en liefde meer gericht was op de studie dan op het pastoraat. Hij stimuleerde en motiveerde menigeen. Zijn onderwijs heeft vrucht gedragen.

Naast het dienen in de gemeente heeft hij ook in de breedte van de kerk en van de diverse bonden (van HGJB tot GB) zijn invloed uitgeoefend. Vele artikelen en lezingen werden grondig voorbereid en vervolgens in periodieken en in boekvorm gepubliceerd.

Collega-predikanten

Zijn omgang met collega-predikanten was opbouwend en opbeurend. Hoewel niet ieder het in alles met hem eens was en men hem dus niet blindelings volgde, wist menig mededienaar zich gesterkt en gesteund door zijn vele pennenvruchten. Het gedegen onderricht dat hij daarin bood, was dienstbaar aan de voorbereiding van de prediking of aan de verdieping van het pastoraat. Niet weinigen echter fronsten de wenkbrauwen en kruisten met hem de degens. Soms gaf hij daar ook wel aanleiding toe. Hij kon in zijn benadering van mensen bij wie hij de funeste invloed van moderne theologieën bespeurde, fors en ferm uit de hoek komen.

Hij was de onbetwiste leider en docent in menig gezelschap. Jarenlang doceerde hij kerkgeschiedenis aan de catechetencursus. Menige les werd opgesierd en gelardeerd met anekdotes, die bij de leerlingen in de smaak vielen. Zijn vormende invloed heeft vooral diep gewerkt op predikanten en studenten die bij hem op de studiekring kwamen. Dan was hij in zijn element. Het straalde uit op de velen die maandelijks aan zijn voeten zaten. Onvergetelijk waren de ‘colleges’ over de Institutie van Calvijn. Het ‘Opus Magnum’ (grote werk) van de Geneefse reformator werd grondig doorgenomen. Op enkele van die gevulde dinsdagochtenden liet hij aan de hand van de Institutie zien dat de Schrift een eenheid is. Er is één substantie (stof), één re (zaak). In de geschriften van het Oude en Nieuwe Testament is sprake van tweeerlei administratio (bediening), maar van één substantie (wezen). Waarderend sprak hij zich tijdens die morgen uit over het proefschrift van ds. W. Balke, de latere hoogleraar, over Calvijn en de doperse radicalen.

In de ontmoeting met predikanten gaf hij vaderlijke adviezen op broederlijke toon uitgesproken: ‘Zorg ervoor dat er altijd een boek open ligt op de studeerkamer, zodat er geen minuten verloren gaan; bestudeer de grote werken (De Servo Arbitrio, De Civitate Dei en Ongeloof en Revolutie); houdt vast aan de Reformatorische belijdenissen.’ Wie nu kennis nemen wil van zijn ‘theologie’, leze zijn preken op internet over de Catechismus (drskexalto.nl).

Theologische accenten

Hij was een doctorandus die in meerdere opzichten doctor was. Gepromoveerd was hij niet. Een eredoctoraat was niet misplaatst geweest. De geschriften die rijpten en verschenen na vele uren studeren, memoriseren en doceren dragen zonder uitzondering een pastoraal karakter. Hij ziet de gemeenten voor zich. Met haar vragen rond en afwijkingen van het reformatorische spoor. In haar worsteling om de toe-eigening van het heil. Rond verdriet en pijn vanwege onbegrijpelijke en raadselachtige gebeurtenissen. Al was hij niet iemand die schoenen versleet met bezoekwerk, rennend en dravend, de typelinten waren niet aan te slepen. Ook op vakantie te Ouddorp rammelde de machine op regendagen in de caravan. Een drang en drive om mensen te helpen en de weg te wijzen.

Naast het pastorale element mag niet achterwege blijven dat hij in zijn vertolking van de Schrift accenten en nuanceringen aanbracht die hij baseerde op de belijdenis der kerk. Hij had de geschriften van de reformatoren lief, leefde eruit en deelde eruit in vertalingen en samenvattingen, in weergave en interpretatie. Deze houding waarin hij soms onverzettelijk aan iets vasthield, leverde wel eens botsingen op. Menigeen kon ds. Exalto in zijn visie op Israël niet altijd volgen. Ook wat meer naar het midden van de kerk neigende ‘bonders’ konden niet altijd op zijn sympathie rekenen.

In Protestants Nederland werd na zijn overlijden in het In memoriam geschreven: ‘Als ware ‘verdediger van het protestantisme’ en groot kenner van Luther verliezen we in hem een broeder. Hij mocht echter rust vinden bij zijn Zender Die hem nu tot zich riep. Wij gedenken hem in eerbied en dankbaarheid.’

Zijn leven

De wieg van ds. Klaas Exalto stond in het Zuid-Hollandse dorp Linschoten. Zijn afkomst ligt in het ernstige klimaat en van een hervormd piëtistisch gezin. Dit hield voor baby Klaas in dat hij niet als kind ten doop werd gehouden. Deze ontboezeming deed hij in een lezing over een wat onbekender geschrift van Guido de Brès over de kinderdoop. In dat verband liet hij zijn hoorders weten een vurig voorstander te zijn van de kinderdoop als de verzegeling van de belofte Gods. Op zijn 36e jaar werd hij na intensieve studie (studententijd was voorbij, studeren bleef hij) tot dienaar van het Woord bevestigd in de hervormde gemeente te Brakel. Vier gemeenten volgden. Ruim 51 jaar mocht hij door de band van het huwelijk in liefde en trouw verbonden zijn met de door God op zijn weg geplaatste Anna Vroege. Zij was de hulpe tegenover. In de gemeente vulde zij hem aan in haar pastorale fijnzinnigheid en liefdevolle inzet voor de kerk. Hun zoon Dick typeert vader aan de hand van een gezegde dat standhoudt: ‘de ene Naam, de twee wegen en de drie stukken.’ Exalto overleed in 2003. Aan pastor en broeder prof. A. de Reuver vertrouwde hij toe na een inzinking: ‘Die inzinking was te donker dan dat ik het ooit zou kunnen of willen vertellen.’ De stoere Exalto was nergens meer. Maar ook in dat nergensland had zijn God hem weten te vinden. Met De Reuver zat hij aan de voeten van de Gekruisigde, Die in al onze benauwdheden benauwd is geweest.

Ds. H. Westerhout is predikant van de hervormde gemeente te Hasselt.


Ds. Exalto als mentor

Mijn herinneringen aan drs. K. Exalto gaan vooral terug naar de winter van 1979-1980, de tijd waarin ik bij hem vicaris was in Benthuizen. Veel heb ik van hem geleerd over het pastoraat, maar ook over allerlei theologische vragen die in die tijd actueel waren. Bovendien heeft hij mij nog veel aanwijzingen gegeven omtrent de positie die we als predikanten in het geheel van de kerk dienen in te nemen. Zo legde hij grote nadruk op het belang van het trouw bijwonen van de meerdere vergaderingen van de kerk.

In het pastoraat was het, volgens mijn mentor, belangrijk goed naar de gemeenteleden te luisteren, te proberen in te leven wat het bewuste gemeentelid op dat moment meemaakt en vervolgens het Woord ter sprake te brengen. Het is duidelijk dat hiervoor een grote schriftkennis nodig is. Ieder gemeentelid verkeert immers in een andere situatie, zowel wat zijn privéleven als zijn geloofsleven betreft. Zijn kennis van de Bijbel was bewonderenswaardig groot.

Nadat ik pastorale bezoeken had afgelegd, evalueerden we de gesprekken. Daarnaast bespraken we ook de preken die we ’s zondags gehouden hadden. Hij accentueerde dat voor iedere preek een grondige exegese noodzakelijk was en wees er daarbij op dat als de uitleg van de tekst niet correct was, ook de lijnen naar de toepassing niet juist getrokken werden.

In de grondtalen van de Schrift was hij goed thuis. Een voorbeeld van een grondige exegese van de tekst gaf hij zelf in de preek waarmee hij mij in Hei- en Boeicop in het ambt bevestigde. De belijdenis van de kerk waardeerde hij zeer. Vaak zei hij: De belijdenis van de kerk staat niet op gelijke hoogte met de Schrift, maar in de belijdenis is in principe alles over het christelijk geloof gezegd.

Hoewel hij zelf scherp kon zijn in de polemiek, leed hij ook aan het verval van de kerk. Zijn grote zorg was dat de kerk steeds verder van haar belijdenis verwijderd zou raken. We kunnen vaststellen dat die zorg volkomen terecht is gebleken.

Als we bedenken dat hij aan het einde van zijn leven met een ernstige inzinking te kampen heeft gehad, zullen we begrijpen dat zijn leven niet gemakkelijk is geweest. Maar hij mocht weten dat wanneer zijn aardse huis afgebroken zou worden, hij een gebouw van God had, niet met handen gemaakt, maar eeuwig in de hemelen.

T.C. Guijt, Katwijk aan Zee


Ds. K. Exalto en de oudvaders

Drs. Exalto is van kindsbeen af opgegroeid met de oudvaders. Op schoot werd hij al voorgelezen uit Bunyan’s Christenreis. Toen hij als landarbeider van vroeg in de morgen tot laat in de avond bij de boeren werkte, presteerde hij het om – terwijl de boer zijn middagslaapje deed – een preek van Abraham Hellenbroek te lezen.

Nog ruim en breed voordat hij theologie ging studeren, had hij kennisgenomen van de reformatoren en nadere-reformatoren. Want zijn spaarzame vrije tijd gebruikte hij voor studie. Van ds. Exalto gold niet de bekende uitdrukking ‘veel geprezen maar weinig gelezen’. Dit bleek ook uit de vele publicaties die hij later het licht deed zien. Uit deze grote reeks noemen we slechts De dood ontmaskerd. Hij heeft leidinggegeven aan een kring van aanstaande predikanten in de pastorie te Benthuizen alsmede een kring voor dienstdoende predikanten in het verenigingsgebouw te Molenaarsgraaf waarin hij onder andere Wilhelmus à Brakels Redelijke Godsdienst behandelde.

Als docent aan de cursus theologische vorming aan gemeenteleden te Harderwijk, Middelharnis en Zeist heeft hij menig geïnteresseerd gemeentelid op het ‘goud van oud’ mogen wijzen. Zelfs op het seminarie op Hydepark werd hij uitgenodigd zijn kennis dienaanaande door te geven. Overigens stak hij zijn kritiek niet onder stoelen en banken wanneer hij meende dat de nadere-reformatoren dreigden te ontsporen. Niet minder hekelde hij een zogenaamde bevindelijke prediking die niet overeenkwam met wat de vaderen voorstonden.

Naar aanleiding van zijn overlijden schreef dr. A.de Reuver in dit blad een ‘In memoriam’. Daarin merkte hij op: ‘Zijn vriend en broeder ds. G. Boer had hem eens toegevoegd – precies zoals hij later ook mij aanbeval —: ‘Als je ver wilt kijken, moet je op de rug van een groot man klimmen’. Laten we ons dat voor gezegd houden. De prediking van Reformatie en Nadere Reformatie blijft actueel.

M. van Kooten, Elspeet


Ds. Exalto in het bestuur van de GB

Klaas Exalto, een eikenhouten calvinist, zoals ook Hugo Visscher werd geduid, een leermeester die hij vaak ‘een kerel’ noemde. Maar ook een hartstochtelijke ‘Lutheraan’. Zo liet hij zich kennen in het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond. Wanneer het gereformeerde belijden conform de gereformeerde belijdenis in het geding was, kwam hij in beweging. Linksom en rechtsom. Dat kwam in extenso tot uitdrukking toen wij samen in de pastorie van Hasselt tot een afwijzend oordeel kwamen inzake het Eenparig geloofsgetuigenis van de gereformeerde hoogleraren G.C. Berkouwer en H.N. Ridderbos (1974).

Kwam niet aan Calvijn, ook niet als er voorzichtig vragen werden gesteld bij momenten in diens theologie. Ik heb het geweten! Uiteindelijk overwint de vriendschap. Tijdens een van de kerkhistorische reizen onder zijn en mijn leiding was hij in tranen, toen hij plaats nam op de zetel van Calvijn in diens auditorium in Genève.

Als het over de plaats van Israël binnen de gereformeerde theologie ging, volgde hij ook strikt Calvijn. Nochtans gedoogde hij in De Waarheidsvriend de bezinning op de verhouding van kerk en Israël, waarbij Israël Israël was en niet de kerk die in de plaats van Israël kwam. Hij was vooral ook sterk betrokken op Luther. Zijn kennis van deze reformator was encyclopedisch. Hij had ook iets van diens humor, met een aanstekelige lach.

Tijdens de vergaderingen van het hoofdbestuur kon hij soms verzonken zijn in een boek. Dat vond hij dan belangrijker dan middelmatige bestuurlijke zaken die aan de orde waren. Dat gebeurde ook een keer tijdens een enerverende bezinning op een hoogtepunt van ‘Samen op Weg’: ‘Het gaat toch wel door!’ Wat hij te zeggen had, was altijd transparant, ondubbelzinnig, ondiplomatiek, gefundeerd, historisch onderbouwd, op het scherp van de snede en geloofsmatig. Soms mis ik zijn stoere geluid in kerk en theologie. In de synode vond hij altijd gehoor, al liet hij het er soms ‘knetteren’, iets waarnaar de emeritus hoogleraar H.W. de Knijff recent bleek te verlangen. Dat deed hij soms ook in eigen kring, terecht of onterecht. Waarom? Das Wort sollen Sie stehen lassen!

J. van der Graaf, Huizen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juni 2019

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Studeren en doceren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juni 2019

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's