De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Israël

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Israël

Uw naam zal voortaan niet Jakob heten maar Israël. Genesis 32:28

4 minuten leestijd

Jakob krijgt een nieuwe naam. Hij had al zo’n kostbare naam. God openbaarde zich immers als de God van Abraham, Izak en Jakob. Naast die verbondsnaam ontvangt Jakob een naam van overwinning.

We gaan voor de laatste keer naar de Jabbok, een plaats om nooit meer te vergeten. Jakob ontvangt de zegen (Gen.32:29). Welke zegen? Mag Jakob uit de mond van die Man een bevestiging ontvangen van Gods beloften? Vlak voor het vertrek bij Laban had God immers beloofd in Genesis 31:3: ‘Keer weder tot het land uwer vaderen, en tot uw maagschap, en Ik zal met u zijn.’ Zo kan Jakob straks Ezau in de ogen kijken, ja, zelfs voor hem buigen. Jakob gaat Ezau tegemoet met een nieuwe naam en met de zegen. Een nieuwe naam: ‘Israël’, die strijder Gods of vorst Gods betekent. Een wonderlijke betekenis. Hij kreeg in ieder geval die naam omdat hij zich vorstelijk heeft gedragen met God en met de mensen, zegt de Schrift. We zullen die naam Israël na Genesis 32 nog 1347 keer tegenkomen in de Schrift, de naam Jakob 193 keer. Een wonderlijke naam is het, en een wonderlijk volk. De twaalf zonen van Jakob worden de twaalf stammen van Israël, Gods uitverkoren volk. In Deuteronomium 7:6 zegt God: ‘Want gij zijt een heilig volk den Heere, uw God; u heeft de Heere, uw God, verkoren, dat gij Hem tot een volk ten eigendom zal zijn uit alle volken, die op de aardbodem zijn.’ Tot op de dag van vandaag heeft Israël een bijzondere plaats in het hart van God, ook als natie.

Verstoten

Maar ondanks alle voorrechten heeft het merendeel het niet begrepen. Ze waren het uitverkoren volk van God, voor hen gold de aanneming tot kinderen en de heerlijkheid en de verbonden en de beloften; uit hen is de Christus voortgekomen, zegt Paulus (Rom.9:4-5). Juist bij dit bevoorrechte volk ligt er een deksel op hun hart (2 Kor.3:15). Juist zij mogen niet zien op het einde van het oude verbond, dat tenietgedaan zou worden (2 Kor.3:13). Juist voor hen geldt: ‘Heel de dag heb Ik Mijn handen uitgebreid naar een ongehoorzaam en tegensprekend volk.’ (Rom.10:21) Je zou tot de eindconclusie kunnen komen dat God Zijn volk verstoten heeft. Nee, zegt Paulus, er is altijd, ondanks alles, een overblijfsel geweest tot op de dag van vandaag (Rom.10:11). Waar hebben ze dat aan te danken? Aan Gods verkiezing. Helaas, ze zijn vijanden aangaande het Evangelie maar ze zijn krachtens verkiezing beminden om der vaderen wil (Rom.11:28). Maar hoe zit het dan met dat deksel op hun hart waar het merendeel van het volk onder leeft?

Aangenomen

Er komt een tijd dat God dat deksel zal wegnemen, niet alleen bij de enkeling, maar bij het gehele volk (Rom.11:25). Wat zal dat wezen, wanneer God Zijn Israël zal bezoeken; het zal zijn als een opstanding uit de doden. Zal dan de tijd in vervulling gaan dat tien mannen de slip van een Joodse man zullen vastgrijpen en zeggen: ‘Wij gaan met jullie mee, want God is met jullie’ (Zach.8:23)? Dan breekt de tijd aan dat de aarde vol zal zijn van de kennis van de Heere, zoals het water de bodem van de zee bedekt (Jes.11:9). Een tijd dat de oude mannen en oude vrouwen zullen zitten op de straten van Jeruzalem, eenieder zal zijn stok in zijn hand hebben vanwege de veelheid der dagen. En de straten van de stad zullen vervuld worden met knechtjes en meisjes, spelende op haar straten (Zach.8:4-5). Een tijd dat een Koning zal regeren en Zijn vijanden zal brengen aan de voetbank van Zijn voeten. Een tijd dat God aan Zijn eer komt, niet alleen als het Lam maar ook als Koning!

Gebed

Roepen wij het samen met Paulus uit? We vergeten toch geen dag om het gebed op te heffen naar omhoog? Het gebed tot God voor Israël is tot hun zaligheid (Rom.10:1). Mozes had ook al dat geheimenis in zich: ‘Wat zult u dan met Uw grote Naam doen?’ Heere, gedenk aan Uw belofte aan Uw volk Israël.

Ds. A. Simons is predikant van de hervormde gemeente te Montfoort.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 augustus 2019

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Israël

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 augustus 2019

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's