De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Invloed van de cultuur

Bekijk het origineel

Invloed van de cultuur

Gebod en belofte in de christelijke levenswandel (3, slot)

8 minuten leestijd

De wisselwerking tussen de culturele contexten waarin de Schrift is ontstaan en die waarin de Schrift wordt gelezen, is het ingewikkeldste deel van het hermeneutische proces. Eén ding is helder: de boodschap van God in de oorspronkelijke situatie is normatief.

Dr. H. van den Belt is hoogleraar systematische theologie aan de Vrije Universiteit.

Eenvoudig samengevat komt het hierop neer dat we alleen kunnen begrijpen wat de Heilige Geest nu tot ons zegt, als we eerst te weten komen wat de profeet Jeremia tegen Israël wilde zeggen en welke boodschap de apostel Paulus voor de gemeente van Rome had. De intentie van de menselijke auteur, maar vooral de boodschap van God door die auteur in de oorspronkelijke situatie is normatief.

Concrete toepassing

De toepassing die wij nu maken, mag daar niet haaks op staan. De richtlijnen voor het huwelijk in het Nieuwe Testament hebben in de toenmalige context een bevrijdende uitwerking gehad. De vrouw is geen eigendom van de man, maar zij is zijn lichaam. In de seksualiteit regeert de vrouw net zo goed over het lichaam van de man als de man over dat van de vrouw. Als deze teksten in latere culturele contexten gebruikt worden om onderdrukking te legitimeren, dan is er kennelijk iets misgegaan in het hermeneutische proces.

Bij de omgang met de wisselwerking tussen Woord en cultuur mogen we ook vertrouwen op de leiding van de Geest, Die de kerk der eeuwen in alle waarheid leidt. Dat betekent concreet ook luisteren naar de stemmen van andere christenen uit de kerkgeschiedenis en uit de wereldkerk.

Soms kan voortschrijdend inzicht in de betekenis van de Schriften ook onomkeerbaar zijn, denk aan het verstaan van de slavernij in het licht van de Schrift. Niemand kan de Bijbel nu meer uitleggen op een wijze die de slavernij legitimeert.

De grote vraag is echter hoe ver de invloed van de cultuur mag reiken bij de concrete toepassing van de geboden van God. Neem de apostolische opdracht – viermaal in het Nieuwe Testament – om elkaar te groeten met een heilige kus. Als ik dat aanstaande zondag letterlijk neem, dan weet iedereen dat maandag of dinsdag. Als we zeggen dat we de kern van de groet handhaven, maar dat de vorm cultureel bepaald is – waar veel voor te zeggen valt – roept dat meteen de vraag op of dat niet een beetje willekeurig is.

Licht

Het Woord van God schijnt als een licht in een donkere wereld. Enerzijds heeft het de kracht om elke cultuur te bereiken, dat blijkt op het Pinksterfeest, de Geest spreekt alle talen. Geen enkele cultuur is zo van God los dat zij onbereikbaar wordt voor de boodschap van Christus.

Anderzijds staat het Woord van God ook haaks op het zondige in elke cultuur. Het licht van het Woord is sterker dan de duisternis, maar de duisternis kan soms meer of minder actief zijn. Zending onder moslims is soms veel lastiger dan onder kannibalen. De duisternis van een cynische postchristelijke cultuur is van een andere orde dan van het antieke heidendom dat snakte naar waarheid.

Vrouwelijke ambtsdragers

Achter de veranderde visie in de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt op de vrouwelijke ambtsdragers schuilt de redenering dat Paulus vooral geen aanstoot wil geven. Vrouwen moesten toen zwijgen om geen aanstoot te geven, maar moeten nu juist spreken om in onze cultuur geen aanstoot te geven. Deze redenering is best de moeite van het overwegen waard, maar de kloof tussen de betekenis van de tekst en de toepassing nu wordt wel heel groot als die toepassing precies het tegenovergestelde is van wat de tekst zegt.

De onuitgesproken vooronderstelling is dat de antieke visie op de relatie tussen mannen en vrouwen en de moderne geëmancipeerde visie vergelijkbaar zijn. De moderne visie is echter veel gecompliceerder. Enerzijds is er invloed van het christendom – de fundamentele gelijkheid van ieder mens voor God – maar anderzijds ook van het verzet tegen dat christendom, van de verlichte nadruk op de vrijheid van het autonome individu.

Dat is geen reden om van de weeromstuit uit traditionalisme alle veranderingen tegen te houden. Het spreken over ‘de vrouw in het ambt’ is bij tegenstanders daarvan vaak nogal massief. ‘De vrouw’ bestaat niet en ‘het ambt’ al evenmin. Er zijn vrouwen met een roeping en bediening in Gods Koninkrijk. Het Nieuwe Testament kent ook diaconessen. Het echte probleem is dat de gereformeerde ambtstheologie de differentiatie van de ambten in de weg staat. Dat probleem laat zich niet heel gemakkelijk en snel oplossen.

Tegelijk moeten we wellicht zelfs meer dan vroeger benadrukken dat mannen en vrouwen verschillend zijn en dat zij beiden hun eigen roeping hebben in gezin, kerk en samenleving, hoe aanstootgevend dat ook is.

Taal

Het toenemende bewustzijn voor en verlegenheid met deze vragen hebben we te danken aan de nieuwe filosofische hermeneutiek. Daarover zou veel meer te zeggen zijn, maar kort samengevat komt het neer op de overtuiging dat onze taal geen expressie meer is van onze kennis, maar dat die taal zelf de werkelijkheid construeert.

De klassieke opvatting is dat ik als subject kennis kan hebben van de objectieve werkelijkheid en dat die kennis in meerdere of mindere mate ‘waar’ kan zijn. Over die kennis van de objectieve werkelijkheid kan ik – en dat is uniek voor de homo sapiens – via de taal communiceren.

De nieuwe hermeneutische filosofie keert het om. Taal is geen middel meer om de waarheid uit te drukken, maar creëert zelf betekenis, schept een nieuwe werkelijkheid.

Bij het lezen van bestaande teksten, ook van heilige teksten, betekent dat dat iedere lezer door zijn of haar eigen vooronderstellingen een eigen mening in de tekst inleest. Onbewust worden daardoor de rollen omgedraaid en beginnen we niet meer bij de Bijbel, maar bij onszelf. De Bijbel is geen objectieve norm, want iedereen benadert dezelfde tekst nu eenmaal met een verschillend vooroordeel en leest er dus ook iets anders in.

De wijze waarop orthodoxe christenen in de afgelopen jaren de moderne hermeneutische inzichten hebben omarmd, is te onkritisch en heeft geleid tot een sterke relativering van het Schriftgezag. Dat heeft grote gevolgen voor de praktijk van het christenleven.

De relatie tussen de gereformeerde Schriftleer en de nieuwe hermeneutiek moet dan ook een speerpunt zijn voor het theologisch onderzoek. Anders dooft het licht van het Woord op ons pad.

Bijbellezen en gebed

Ten slotte – maar dit wel het belangrijkste punt – is het voor de gereformeerde hermeneutiek van wezenlijk belang dat het Woord steeds open blijft gaan en dat we leren om biddend te luisteren naar Gods antwoorden op onze vragen. Als de persoonlijke omgang met God taant, wringen we ons tevergeefs in allerlei hermeneutische bochten om het Woord adequaat uit te leggen.

Als we wandelen in het licht en in Gods heilige geboden, zien we Wie Hij zelf is: eeuwig, almachtig, volkomen wijs. Als we Hem zien als de Vader, Die Zijn Zoon gegeven heeft uit liefde voor deze wereld, Die Hem ook – eer dat Hij de zonde ongestraft liet blijven – in Zijn heilig recht voor onze zonden gestraft heeft, dan kunnen we de zonde niet meer liefhebben. Dan is het onze vraag – ook in de kleinste dingen van ons leven – ‘Vader, wat wilt U dat we zullen doen?’

Onfeilbare richtlijn

Een klein lichtje, een waakvlammetje, maakt in een donkere kelder al een enorm verschil. God heeft ons geen schijnwerper gegeven. We kennen ten dele en profeteren ten dele, maar bij dat kennen en profeteren mogen we ons wel laten leiden door het licht van Gods Woord.

Dat is ook in een seculiere en postchristelijke cultuur een onfeilbare richtlijn en dus een rijke troost. De wet wijst ons de weg van de vrijheid, de christelijke vrijheid om geheel anders te zijn, terwijl we door diezelfde wet steeds meer leren dat we geen haar beter zijn.

Er is geen tegenstelling tussen Gods geboden en beloften. ‘De uitdrukking ‘Uw woord’ in Psalm 119 herinnert ons er juist aan om Gods geboden als beloften te lezen, zoals Augustinus dat geleerd had: ‘Al mijn hoop ligt alleen in Uw grote barmhartigheid. Geef wat U vraagt en vraag dan wat U wilt.’

(Confessiones IX.29)

In Psalm 119:105 staat geen ‘is.’ Je kunt de tekst lezen als een belijdenis, maar je kunt hem ook lezen als een gebed. De dichter spreekt God aan: ‘Een lamp voor mijn voet ... Uw woord ... een licht op mijn pad.’ Het waakvlammetje wordt al biddend een helder licht. Daar kun je mee thuiskomen.


Gereformeerde hermeneutiek

Wanneer we zoeken naar de betekenis van de Bijbel voor ons dagelijks leven, zijn vijf aspecten van de gereformeerde hermeneutiek van groot belang. We moeten:

1. luisteren naar wet en Evangelie met ontzag voor Gods heiligheid

2. uitgaan van de eenheid van de Schriften

3. de verbinding leggen met Gods universele openbaring in de schepping, de geschiedenis en het hart van de mens

4. rekening houden met de wisselwerking tussen het Woord en de cultuur

5. ons oefenen in de omgang met God door bijbellezen en gebed

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 2019

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Invloed van de cultuur

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 2019

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's