De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Milieutheologie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Milieutheologie

7 minuten leestijd

Dr. A.A.A. Prosman uit Amersfoort is emeritus predikant.

Het klimaatdebat houdt de gemoederen al geruime tijd bezig (zie ook het themanummer van De Waarheidsvriend van 26 september jl.). Duidelijk is dat het geen theoretisch debat is dat geleerde dames en heren in hun vaktijdschriften voeren. Klimaatverandering en natuurbehoud gaan iedereen aan.

Daarvan zijn de boerenprotesten wel een heel duidelijk bewijs. De maatregelen die de overheid wil doorvoeren, raken rechtstreeks de boerenbedrijven en ook de bouwbedrijven. Ik hoorde iemand in een tv-programma zeggen: ik heb begrip voor het protest van de boeren, maar iedereen moet zijn steentje bijdragen. Maar het probleem is niet dat iedereen zijn of haar steentje moet bijdragen maar dat het steentje van de één een hunebed is en van de ander een kiezelsteen. Dat er een serieus probleem is, zullen weinigen ontkennen.

Confessioneel

De vragen die hier in geding zijn, houden ook theologen bezig. In Confessioneel schrijft dr. Wim de Ruyter erover. Zijn vraag is: bestaat er zoiets als een christelijke milieutheologie?

Elke tijd heeft zijn eigen uitdagingen. In de negentiende en twintigste eeuw waren armoede, de verdeling van de welvaart tussen rijken en armen, vrede, gelijkberechtiging van mannen en vrouwen en de bestrijding van rassenwaan zulke uitdagingen. Hoewel de zorg om het milieu niet nieuw is, is het als thema het laatste decennium wel steeds belangrijker geworden. (...) Die bezinning juich ik toe, maar hoe specifiek christelijk kan die bezinning zijn? (...)

Ook in Bijbelse tijden bestonden er problemen die wij nu zouden benoemen als milieuproblemen. Er waren problemen rond erosie, ontbossing, overbeweiding en lokale milieuvervuiling. Maar er was geen enkel besef dat de mens door zijn handelen de toekomst van de mensheid als geheel op het spel zette. Veel werd niet eens opgemerkt. In de Romeinse tijd moet loodvergiftiging op betrekkelijk grote schaal zijn voorgekomen. Maar de verbinding met lood werd nooit gelegd.

De urgentie van het huidige milieudebat hangt goeddeels samen met de overbevolking. Overbevolking was in de oudheid hoogstens een lokaal probleem.

Het klinkt misschien wat cru, maar voordat overbevolking in die tijd echt een onbeheersbaar probleem kon worden, hadden honger en ziektes de bevolkingsomvang wel weer tot een beheersbare omvang teruggebracht. Dat is dan ook het perspectief dat we in de Bijbel tegenkomen. God geeft zijn zegen in de oogst en in een groot gezin. Hij redt van het verderf van rondwaaiende ziekten. Hij geneest wie op Hem vertrouwt. Gezinsplanning was bij de hoge sterftecijfers in de oudheid iets ongekends.

De mens krijgt de aarde om die te bebouwen en te bewerken. Voor de bijbelschrijvers waren zaken als overbemesting, afgifte van schadelijke stoffen, natuurbehoud en andere thema’s die ons heden bezighouden, volstrekt onvoorstelbaar. Het probleem speelde niet doordat de gemiddelde menselijke voetafdruk een stuk kleiner was en doordat de bevolkingsdichtheid meestal veel lager was. (...)

Dit zijn problemen die zich pas voordeden aan het begin van de negentiende eeuw door de industrialisatie, het geleidelijk toenemen van de welvaart en een daarmee gepaard gaande sterke toename van de bevolking, aldus De Ruyter. Hij vervolgt:

In het huidige debat over het milieu waar uiteindelijk ook zaken als geboortebeperking een belangrijke rol spelen, lijkt mij een zakelijke analyse belangrijker dan een hermeneutische discussie over teksten die (...) iets heel anders wilden zeggen dan wij tegen de achtergrond van de huidige discussie graag horen. Daarmee wil ik niet zeggen dat noties van God als Schepper geen betekenis in deze tijd hebben, maar wel dat het onmogelijk is die betekenis eenduidig aan te geven. Fundamentalistische christenen hebben gelijk dat de bijbel geen aanknopingspunten geeft om tot geboortebeperking te komen. En toch zou het mijns inziens heel verstandig zijn als daar ook in de kerk over wordt nagedacht. Concreet, zou een kerkelijke zendingsorganisatie initiatieven in Afrika over voorlichting rond anticonceptie kunnen ondersteunen?

Dat is een lastige vraag. Dr. De Ruyter snijdt hiermee een gevoelig punt aan. De huidige klimaat- en milieuproblemen hebben niet alles, maar wel veel te maken met overbevolking. De prognoses met betrekking tot de ontwikkeling van de wereldbevolking spreken duidelijke taal. Toch weet ik niet of bevordering van anticonceptie een taak van de zending moet zijn.

Iets wat hiermee verband houdt en wat De Ruyter zelf signaleert, zou ik wat meer willen benadrukken. Er zit iets verontrustends in het feit dat juist de mens als vervuiler wordt gezien. Het respect voor menselijk leven staat steeds meer onder druk. We hoeven maar te denken aan de stuitende abortuspraktijken. Respect voor de schepping begint bij het ongeboren leven. Als dat leven niet veilig is, dan wordt toch de vraag klemmend welke kant het opgaat met de milieu- en klimaatdiscussie.

Nederlands Dagblad

Onlangs schreef de christelijke gereformeerde predikant Wim de Bruin uit Zutphen een opinieartikel in het Nederlands Dagblad. Volgens hem zou het toeschrijven van menselijke emoties aan bomen weleens cruciaal kunnen zijn in de strijd tegen ontbossing.

Afgelopen zomer maakten wij een wandeling in een productiebos in Tsjechië, precies op het moment dat een aantal machtige loodrechte dennen door motor-zagen neergehaald werd. Het gebrul van de zagen en het gekraak waarmee de bomen ter aarde vielen, werden onze oudste dochter (10) te veel. Hoe konden mensen andere levende wezens zo behandelen!

Huilend vroeg ze of we weg konden. Onze rationele uitleg dat bomen geen gevoel hebben en dat er met die bomen nuttige dingen zouden gebeuren, was aan haar niet besteed.

Bij het zien van de bosbranden in de Amazone, later deze zomer, begon ik meer van mijn dochter te begrijpen. Waarom die oeroude wouden die vol leven zijn, neerhalen, louter vanwege economisch gewin?

Hebben de verantwoordelijken niet door dat dit niet alleen een houding van disrespect is tegenover de Schepper, maar ook het kappen van onze eigen levenslijn? (...)

Wat betreft eerbied voor de schepping houdt de Bijbel ons een spiegel voor. Als wij ons die eerbied voor alles wat in de schepping leeft, opnieuw eigen maken en er met andere ogen naar gaan kijken, zullen we van binnenuit veranderen en anders gaan leven. Het benaderen van bomen als bezielde wezens kon weleens cruciaal zijn in de strijd tegen ontbossing. Mijn dochter voelde aan: als je een leven neemt, zelfs het leven van een boom, dan doe je iets groots, iets dat je niet zonder reden mag doen. Het helpt haar om op een andere manier te leven. Ze is vegetariër en voor haar staat er margarine zonder palmolie op tafel. Zodat er niet nog meer bomen onnodig zullen sneuvelen.

Over bovenstaande woorden zullen de lezers van ons blad ongetwijfeld verschillend denken. Gaan we de natuur niet vermenselijken? Huisdieren worden al vermenselijkt, moeten daar de bomen aan toegevoegd worden?

Het punt is echter dat hier de vraag gesteld wordt naar wat leven is. Leven is een mysterie. Om dat mysterie te benoemen gebruikten de Grieken het woord ziel en Augustinus deed dat ook: alles wat leeft, heeft een ziel. In het natuurlijke zit ook het geestelijke: de ziel. Het geestelijke kan niet zonder het natuurlijke en andersom. Wat wij uiteen gehaald hebben, hoort bij elkaar. De schepping is Góds schepping en daarom een mysterie en dat mysterie moet geëerbiedigd worden.

Voor mij is de les dat het klimaatdebat zonder bezinning op wat leven is ons op den duur niet verder zal helpen. De vraag is wat de context van het klimaatdebat is. De brede context is mijns inziens het leven in al z’n vormen. Dat is een heel principieel punt dat onder dreigt te sneeuwen in de grafieken en computermodellen van het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change, een organisatie van de Verenigde Naties om de risico’s van klimaatverandering te evalueren).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 november 2019

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Milieutheologie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 november 2019

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's