Overdracht in het gedrang
Het belang van de geboden (2, slot)
Het ging er Paulus op zijn reizen vooral om dat heidenen in de Heere Jezus geloofden als Zaligmaker en dat ze daarnaar wilden leven. Al die Joodse wetten en regeltjes wilde hij de gelovigen uit de volkeren niet opleggen. Wat betekent dat voor ons?
Ds. H. Liefting uit Gouda is emeritus predikant en lid van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond.
Toen Paulus als heidenapostel met het Evangelie de wereld introk, werd hij volop geconfronteerd met de vraag hoe hij met diverse, vooral Joodse, wetten en inzettingen moest omgaan. Voor veel heidenen die christen werden, waren allerlei Joodse wetten, zoals de besnijdenis, afstotend.
Eigen zendingsmethode
Paulus begreep dat die wetten niet het wezen van het christelijk geloof inhielden. Daarom koos hij voor een eigen zendingsmethode en legde hij veel Joodse wetten en regels niet op.
Hij had hier echter geen mandaat voor van de moedergemeente in Jeruzalem, die hieraan wel wilde vasthouden. Dat alles leidde tot een vergadering in Jeruzalem, die we het apostelconvent noemen. We kunnen hierover lezen in Handelingen 15.
Na een pittige vergadering werd uiteindelijk Paulus’ manier van zending bedrijven toch goed gekeurd. En dan staat er zo mooi in Handelingen 15: ‘Want het heeft de Heilige Geest en ons goedgedacht u verder geen last op te leggen dan deze noodzakelijke dingen....’ Prachtig dat heel die vergadering zich laat leiden door de Heilige Geest en dat ze van hieruit allemaal eensgezind tot een gezamenlijk besluit komen. Dit is een les voor onze kerkenraadsbesluiten.
De vier noodzakelijke dingen die we vervolgens in Handelingen 15 lezen, lijken in eerste instantie wat willekeurig. Iedereen moest zich onthouden van afgodenoffers, van bloed, van verstikt vlees en van hoererij. Je onthouden van afgodenoffers en hoererij begrijpen we wel. Maar waarom geen bloed en verstikt vlees? In het Oude Testament golden deze geboden echter ook al voor mensen die als vreemdeling verkeerden in Israël. Het waren dus niet specifiek Joodse geboden.
Ingrijpende oplossing
Al met al was de uitkomst van het apostelconvent ingrijpend. Want waarom hoefden heiden-christenen ineens veel minder geboden in acht te nemen? Waren al die mozaïsche geboden dan toch niet zo belangrijk? Betekenden deze vier geboden dat daarmee ook de Tien Geboden niet meer golden voor christenen uit de volkeren? Nee, het was voor iedereen helder dat deze sowieso voluit bleven gelden.
Betekent bovenstaande dat hiermee voor ons, christenen uit de volkerenwereld, ineens alle vragen over Gods heilige geboden zijn opgelost? Zo eenvoudig ligt dit niet. Er zijn namelijk legio casussen.
Een mooi voorbeeld hiervan las ik in het vorig jaar verschenen missionaire boek Bewogen met de wereld van Elco van Burg, Jan van Doleweerd en Dick Kroneman. Een van de essays uit dat boek gaat in op de noodzaak van het breken met het heidense verleden door mensen op het zendingsveld die tot geloof komen. Maar stel dat een polygamist in een zendingssituatie tot geloof komt en gedoopt wil worden. Moet zo iemand dan eerst zijn tweede, derde en misschien wel vierde vrouw wegsturen, voordat hij gedoopt mag worden? Vanwege sociale en economische redenen is dat vaak lastig. Weggestuurde vrouwen komen namelijk in veel gevallen in armoede of in de prostitutie terecht.
Mede daardoor worden polygamisten die tot geloof komen, vaak wel gedoopt, zonder dat ze eerst moeten breken met hun polygame levensstijl. Na de doop mag men echter geen andere vrouw meer nemen, tenzij alle eerdere vrouwen overleden zijn. Ook mogen mannen die meerdere vrouwen hebben geen ambt bekleden. Als mensen na hun doop echter polygaam gaan leven, dan komen ze onder kerkelijke tucht te staan.
Betekent dit dat je ook zo zou moeten handelen in ons eigen land met bijvoorbeeld twee mensen van hetzelfde geslacht die met elkaar getrouwd zijn en tot geloof komen? Kunnen zij dan ook hun partner houden en gedoopt worden, zonder een ambt te mogen bekleden?
Ik besef echter meteen dat dit wel een heel andere discussie betreft dan de polygamie. Het Oude Testament heeft polygamie nooit radicaal veroordeeld, hoewel op de genoemde voorbeelden ook nooit zegen rustte.
Heilig Evangelie
Na uitgebreide aandacht voor het heilig gebod staan we nu ook stil bij het heilig Evangelie. Dit hoort bij elkaar, al stijgt de laatste ver boven de eerste uit.
Vanuit de titel ‘heilig Evangelie’ mag helder zijn dat de heiligheid ervan een eerbiedig luisteren en een eerbiedige omgang vereist en dat we de hele Schrift als uitgangspunt hebben te nemen.
Laat het Schriftgetuigenis onder ons volkomen zekerheid hebben en het naleven van de leefregels ook de praktijk zijn. Het gaat er toch om dat de Heilige Geest ons door een waar geloof met Christus heeft verenigd, waardoor ons verstand verlicht, onze gevoelens gereinigd en onze wil bevrijd werd, om te willen wat God wil.
Maar ook dan leggen we de Bijbel nog niet allemaal precies hetzelfde uit. We nemen allemaal onze achtergronden mee, onze opvoeding, onze biografie, onze eigen opvattingen, onze vooroordelen. Ook is het niet onbelangrijk welke hermeneutische bril we dragen. Ik denk aan de Protestantse Theologische Universiteit (PThU), waar onze toekomstige dominees opgeleid worden. Daar dragen allerlei hoogleraren zeer moderne hermeneutische brillen. Daardoor lijkt het nogal eens dat het helemaal vrij is wat we in een tekst lezen en dat we bijbelteksten net zo lang mogen masseren totdat er uitkomt wat wij graag willen dat er uitkomt.
Hermeneutiek
De moderne hermeneutiek verslaat zijn duizenden. Denk alleen maar aan de grote invloed van mensen als de Duitse filosoof Hans-Georg Gadamer, die in 2002 op meer dan honderdjarige leeftijd overleed. Volgens hem kan de waarheid in principe niet gekend worden. De betekenis van een tekst heeft altijd met de ontvanger en met de context te maken. Daarom moet je als ontvanger ook altijd in gesprek gaan met de tekst. En dat gesprek doet wat met je. Volledige objectiviteit om dingen te verstaan, bestaat niet. We zijn altijd in gesprek, we zijn immers hermeneutische wezens. Teksten moeten altijd geïnterpreteerd worden. Eigenlijk moeten we ook altijd bemiddelen tussen de tekst en de concrete, actuele situatie. Dat alles betekent dat taal geen middel meer is om een objectieve waarheid uit te drukken, want met taal creëer je een nieuwe werkelijkheid. Het is aan de lezer hoe die eruit ziet. Je kunt gewoon je eigen mening in een tekst inlezen. Dat betekent dat er ten diepste geen objectieve waarheid meer is en dat bijbelse normen dus ook geen objectieve normen meer zijn. Die creëer je zelf. Dat alles betekent natuurlijk wel de doodssteek voor het Schriftgezag, met alle consequenties van dien. Teksten hebben niet meer hun eigen gezag, maar hun betekenis hangt altijd af van de concrete, actuele situatie. Hiermee zijn we ten diepste overgeleverd aan het goeddunken van ons eigen hart.
Onze tijd en cultuur
Wat mij vooral in onze tijd en cultuur opvalt, is dat veel zaken die voorheen onder ons heilig waren en volkomen zekerheid hadden, momenteel nogal gerelativeerd en ontzenuwd worden. Heb je het over het huwelijk volgens de Bijbel, dan kun je zomaar geconfronteerd worden met opmerkingen over de polygame levenswijze van Abraham, die dan ook bijbels zou zijn. Bovendien zijn we als kerk veelkleurig geworden, en mag de ene waarheid niet boven de andere verheven worden.
In een dergelijke setting is het geen sinecure om de waarden en inzettingen van het heilig Evangelie, geschreven vanuit een totaal andere cultuur, over te dragen. Als mannen en vrouwen in onze samenleving gelijk zijn, is het weerbarstig om het bijbels onderscheid tussen man en vrouw te benoemen.
Laat staan om daar consequenties aan te verbinden.
Mensen kunnen zomaar ontstemd raken als ze horen dat allerlei kerkelijke gemeenten bijvoorbeeld geen vrouwelijke ambtsdragers toestaan.
En in een cultuur waarin het homohuwelijk is geaccepteerd en wordt gepromoot, is het weerbarstig om daar anders over te denken. Laat staan om daar als kerk consequenties aan te verbinden.
Bovendien lijkt het soms wel of bij velen het godsbesef en het morele besef, waardoor we zouden moeten kunnen aanvoelen dat bepaalde dingen absoluut niet goed zijn, niet meer aanwezig zijn.
Overdragen
Dat alles geeft wel weer hoe moeilijk het is om de heilige geboden van het heilig Evangelie ook echt tot zijn recht te laten komen en over te dragen en voor en na te leven. Belangrijk daarbij is om de heilige God erachter steeds voor ogen te houden en te zien op Jezus, de Leidsman en Voleinder van het geloof, Die zelf de wet volkomen heeft voorgeleefd en nageleefd. Laten we voortdurend bidden om licht en wijsheid van de Geest, Die in alle waarheid leidt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 november 2019
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 november 2019
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's