De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Maria baart

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Maria baart

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

…en zij baarde haar eerstgeboren Zoon… Lukas 2:7a

Maria krijgt in de kerkgeschiedenis de titel theotokos, zij die God heeft gebaard. Ze heet dus ‘moeder Gods’. Dit is een gevaarlijke, maar toch onmisbare titel. Het Kind Jezus is immers God Zelf.

Na alle ontberingen is het eindelijk zo ver, Maria baart een mensenkind. Het is nauwelijks verantwoord dat dit meisje onder deze omstandigheden moeder wordt, met alleen Jozef aan haar zijde. Zo wordt een Kind geboren in de nacht, in het donker van talloze bange vragen en bittere waaroms.

Hij was een weerloos mensenkind, ook toen al zonder gedaante of heerlijkheid. Dit Kind in Maria’s armen is één van ons, honderd procent mens onder de mensen. Hier ligt een Adamskind, door een keten zonder hiaten verbonden met onze eerste voorouders in het paradijs.

Het komt ter wereld zoals wij allen, geboren uit een vrouw, vlees van haar vlees en bloed van haar bloed. De bevalling is niet minder pijnlijk dan elke menselijke bevalling.

Waar is God?

Maria baart, maar waar is God? In het grootste deel van het kerstevangelie lijkt Hij de grote Afwezige. God houdt Zich verborgen. Daarom is de wereld zo donker. Is dit nu het Licht dat de duisternis van de wereld moet verdrijven?

Wat is dat Kind in de kribbe van Bethlehem vergeleken met de machtige wereldbeheerser in het paleis te Rome? Wat is de stal of geboortegrot tegenover de keizerlijke kraamkamer?

In de kerkgeschiedenis woedde een heftige strijd tussen hen die Maria theotokos wilden noemen, ‘zij die God gebaard heeft’ en hen die niet verder wilden gaan dan de titel christotokos, ‘zij die Christus gebaard heeft’. Laatstgenoemden zagen het gevaar van een onbijbelse Mariaverering en inderdaad vond en vindt die maar al te zeer plaats in roomskatholieke en oosters-orthodoxe kringen. Het is maar een kleine stap van de aanspraak ‘moeder Gods’ naar de voorstelling van een moedergodin die Jezus van Zijn plaats drijft en zelf alle aandacht opeist.

Kloof overbrugd

Toch is het goed dat op het concilie van Efeze in 431 gekozen is voor theotokos. Het Kind Dat Maria baarde, is immers Immanuel, God met ons. Hij is niet een afgezant van God, niet een engel naast God, maar God in eigen Persoon. Hij is dus niet een Joods kindje, Jezus van Nazareth, dat dan later geadopteerd zou zijn tot Zoon van God.

Hij is geen mensje dat later God geworden is. Vanaf het prilste begin in Maria’s moederschoot en in haar armen is Hij God, Die mens geworden is. Er is nooit een Kindje Jezus geweest Dat niet tegelijkertijd de eeuwige Zoon van God was.

Dat Maria baart, opent voor ons het geheim dat Gods Zoon bleef wie Hij was, God, en dat Hij werd wat Hij niet was, mens. Zo is de kloof overbrugd tussen de Eeuwige en Heilige enerzijds en ons, sterfelijke zondaren, anderzijds.

Kom, laten wij aanbidden het machtige heilsfeit van Kerst: God met de menselijke natuur verenigd, opdat mensen weer met God verenigd zouden worden.

Onze zuster

Het grootste is voor Maria niet dat zij ‘moeder van God’ is, maar dat zij door genade ‘kind van God’ is. In vreugde en verdriet, in verwondering en aanvechting ervaart ze dat de Christus meer en meer gestalte krijgt in haar hart en leven. Haar barensweeën duren in zekere zin levenslang. Als moeder moet ze haar Kind leren loslaten, zelfs tot in de gevloekte kruisdood, om Hem als haar Rabbi, haar Redder, haar Kurios, te omhelzen.

Ze staat als moeder, als mater dolorosa, aan de voet van het kruis om in die smartelijke weg straks als zuster haar plaats in te kunnen nemen in de gemeente die vanuit Pasen en Hemelvaart op weg is naar Pinksteren (Hand.1:14).

Op de pinksterdag zal ze een van de 120 zijn geweest die vervuld van de Geest de grote daden van God verkondigden. Ze is niet meer en niet minder dan geliefde zuster in de gemeenschap der heiligen, zalig met allen die het Woord van God horen en het bewaren (Luk.11:28).

Wanneer we vanuit hartelijk geloof in het kerstevangelie naast haar neerknielen, is Maria onze zuster in Christus. Met haar zien we op naar Hem Die door Zijn Geest en Woord ons heeft gebaard tot eeuwig leven. Dat is zalig kerstfeest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 2019

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's

Maria baart

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 2019

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's