De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Ere Wie ere toekomt

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ere Wie ere toekomt

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

Eer zij aan God. Lukas 2:14a

Ooit maakte ik mee dat na de zegen het engelenlied gezongen zou worden, maar de organist zette niet in. Hij bleek moeite te hebben met de melodie. We hebben het toen maar a capella gezongen. Nu, zo klonk het ooit ook boven de velden van Efratha. Wij luisteren nu naar de inzet.

In de velden van Efratha was het niet de eerste keer dat de engelen gezongen hebben. Job schrijft dat ‘de morgensterren’ zongen in de scheppingsmorgenstond (Job 38:7). Nu zingen de engelen hun lied bij de geboorte van Hem Die wil zorgen voor een nieuwe schepping. Nog nooit heeft een koor, welke klinkende namen ze ook hebben, zo volmaakt en zuiver gezongen.

Inzet

Hoeveel keer zal in deze tijd het ‘Ere zij God’ niet gezongen worden? Laten we ons oor eens te luisteren leggen bij wat die engelen zongen daar in de omgeving van Bethlehem.

De inzet van het lied dat de engelen gaan zingen, is eigenlijk eigenaardig. Er wordt immers niet expliciet gezongen over het Kind in de kribbe. De naam van het Kind wordt niet genoemd. Toch gaat het om Hem. De engelen kijken niet zozeer naar beneden, maar naar boven. Zij richten hun blik, via het Kind, op God in de hemel. Daarom zingen ze: ‘Eer zij aan God in de hoogste hemelen.’ Ze kijken naar Hem Die Zijn Zoon gaf aan deze wereld. Ere Wie ere toekomt.

Heerlijkheid

De inzet van het lied zou ook op een andere manier kunnen klinken. Niet: Eer zij aan God, maar heerlijkheid zij aan God. Dat woord komt heel vaak in de Bijbel voor. In het Oude Testament gaat het dan over de kabod van God en in het Nieuwe Testament wordt er dan gesproken over de doxa van God.

We kennen dat eerste woord uit de naam van dat kind van Pinehas. Ikabod: de eer, de heerlijkheid is weg. Die was in die tijd ver te zoeken. De ark was zelfs in de handen van de Filistijnen gekomen en bij het volk van God was er veel mis. Het is wellicht ook bekend dat het laatste gedeelte van het Onze Vader wel de doxologie wordt genoemd. Het gaat daar immers om de heerlijkheid van God. ‘Want van U is het Koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid.’

Nu zingen die engelen dus: kabod, doxa, aan God. Met het oog op dat Kind geven ze eer en heerlijkheid aan God, aan de Vader, Die Zijn Kind naar deze wereld zond. En in dat Kind komt God aan Zijn eer. Daarin herstelt God Zijn heerlijkheid. Die heerlijkheid zijn wij immers kwijtgeraakt. Paulus zegt in Romeinen 3:23: Wij missen de heerlijkheid van God. Maar nu zorgt die Vader in de hemel, door het zenden van Zijn Zoon, voor herstel van deze heerlijkheid. Onze naam is: Ikabod, maar door Hem mogen we herschapen worden naar Zijn beeld en mogen we delen in de heerlijkheid van God. Onvoorstelbaar, maar waar.

Ontluistering

Nu ligt dat Kind in de kribbe niet met een stralenkrans om Zich heen. Integendeel, Hij ligt daar in mijn schamelheid en oneer. Hij heeft, zoals Jesaja zegt, geen gestalte of glorie. We wenden onze blik eerder van Hem af. Het is een en al vernedering en ontluistering. Voor ons is Hij Ikabod geworden. Zo voor het oog geen heerlijkheid in dit Kind. Maar met de ogen van het geloof mag er meer gezien worden in dit Kind. Johannes, de evangelist, heeft zo’n gescherpte blik ontvangen. Aan het begin van zijn Evangelie spreekt hij over het vleesgeworden Woord van God. Ja, dat is dat Kind in de kribbe: vlees geworden. Hij is afgedaald in onze schande. Maar zegt Johannes dan: wij hebben Zijn heerlijkheid gezien, een heerlijkheid als van de Eniggeborene van de Vader.

Wie oog krijgt voor dit Kind, gaat ook zingen: Eer zij aan deze God. Wat ik kwijt ben, hebt U in Uw Zoon teruggegeven. Wat ik te grabbel gooi, wilt U herstellen. U daarvoor alle eer. Met de engelen zingen we dan, stamelend, maar in verwondering: Eer zij aan God! De hemelse opperzangmeesters zingen het ons voor en wij zingen het mee: Eer zij aan deze God Die Zijn ondoorgrondelijke liefde getoond heeft in de gave van Zijn Zoon. Ere Wie ere toekomt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 2023

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Ere Wie ere toekomt

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 2023

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's