Een christen is altijd leerling
Het doorvertellen van Gods loffelijke daden wekt geloofsvertrouwen
Een christen is blijvend leerling. Dat uitgangspunt is principieel, omdat de christen leeft van wat aan hem of haar is bekendgemaakt. Iets wat van hogerhand wordt onthuld, vraagt om een ontvangende houding. Gods zelfopenbaring roept om gelovige erkenning.
Voor de christelijke gemeente betekent dit in ieder geval dat de gemeente altijd ‘in de leer’ is. Dat begint van jongs af aan en dat stopt in dit leven niet. Er is immers een volheid in God en in Christus, waarin ook de meest geoefende gelovige niet raakt uitgeleerd.
Bij God begonnen
Veelbetekenend is de inzet van Psalm 78 met de dringende oproep aan het volk om het onderwijs ‘ter ore te nemen’. Dat is meer dan even snel luisteren. De oproep klinkt om ‘het oor te neigen’. Je ziet als het ware voor je hoe een luisteraar met de hand achter het oor het hoofd naar voren buigt om elk gesproken woord op te vangen. Daarbij maakt de dichter duidelijk dat dit geen nieuwe boodschap is. Door de generaties heen is er onderwezen en dat onderwijs moet verder worden gebracht. Kernachtig zijn de woorden ‘die wij gehoord hebben’ (vs.3a). Dat ‘gehoord hebben’ heeft betrekking op de overdracht van generatie op generatie.
Onmiskenbaar is datgene wat ‘gehoord’ wordt ergens begonnen. Waar dat begonnen is, is voor de dichter geen vraag. Het komt bij God vandaan. Juist dat maakt de overdracht zo indringend. Wanneer er een schakel ontbreekt en de woorden niet worden overgedragen of niet worden gehoord, stokt de voortgang van Gods openbaring.
Roemrijke daden
Urgent is de vraag wát er dan moet worden overgedragen. De psalm spreekt over ‘de loffelijke daden van de Heere’. Het zijn de daden waarmee God Zijn glorie heeft getoond. Wie het vervolg van de psalm leest, ziet hoe wordt ingezoomd op de weg die God is gegaan met Zijn volk Israël. Hij toont in Zijn daden Zijn onwankelbare trouw, ondanks de ontrouw van het volk. De daden van God zijn zichtbaar in zegen, maar ook in oordeel. Zelfs het doorgeven van Gods oordelende daden is een uiting van Gods genade; het roept immers tot bekering en het wil bewaren voor afdwaling. De roemrijke daden van de Heere willen in het licht stellen wie God is en waarom Hij het vertrouwen van Zijn volk meer dan waard is.
Welke daden van de Heere moeten worden verteld? ‘Zijn kracht en Zijn wonderen, die Hij gedaan heeft’ (vs.4b). Het gaat in de psalm over Gods uitredding uit Egypte, over Gods leiding tijdens de woestijnreis, over de weg die God baant bij de intocht in het beloofde land, over Gods verkiezende liefde via de stam van Juda en over Zijn herderlijke zorg voor het volk dat in Kanaän is gekomen. Ook door de oordelende daden van de Heere heen is én blijft Hij trouw aan Zijn heilsplan. Hij gaat ongehinderd door.
De Messias
Wie in de christelijke gemeente in de 21e eeuw gehoor wil geven aan de oproep van Psalm 78, zal allereerst Gods loffelijke daden in de schepping en in de verkiezing van Zijn volk Israël moeten doorgeven. Het is die doorgaande lijn door heel de Schrift heen, waardoor het getuigenis van Gods onwankelbare trouw oplicht.
Vanuit de oudtestamentische daden van de Heere gaat het over in het vertellen van Gods roemrijke daden in de Messias van Israël. Wie in het gezin of in de christelijke gemeente onderwijs geeft, zal boven alles moeten spreken over Gods daden in de zending, dood en opstanding van Jezus Christus. En wanneer je op de zondagsschool of op de club dan vertelt over het leven van de Heere Jezus op deze aarde, zullen Zijn wonderdaden de kern vormen van het geloofsonderwijs aan de kinderen van de gemeente.
Spreek met aandacht en ontzag
van Zijne wonderen, dag aan dag
(Psalm 105:1 ber.)
Verbondsgod
Opmerkelijk is dat in vers 4 de diepste naam van God gebruikt wordt, in onze vertaling weergegeven met ‘Heere’. Het is de naam Jahwe, de ‘Ik zal zijn, Die Ik zijn zal’, de ‘Ik ben, Die Ik ben’ (Ex.3:13-14). Het is de naam waarin klinkt ‘dat God is’, in Zijn verhevenheid en in Zijn nabijheid. Alle reden om deze naam Gods ‘verbondsnaam’ te noemen.
Het gebruik van deze naam in de context van Psalm 78 houdt in dat bij ‘de loffelijke daden van de Heere’ specifiek wordt gedoeld op de daden die God binnen de verbondsrelatie heeft verricht. Die gedachte wordt ondersteund door het vervolg van de psalm waar Gods daden met en voor Zijn (bevrijde) verbondsvolk worden bezongen. Ook de nadere duiding in vers 5, dat God een getuigenis opgericht heeft in Jakob en een wet geplaatst heeft in Israël, onderstreept deze focus op de Heere als de God van het verbond. De psalmist doelt hier immers op de geschreven wet die aan Israël gegeven is (Ex.19-24), als tastbare uitdrukking van Gods verbondsrelatie met Zijn bevrijde volk. Betekenisvol is dat ook in Psalm 19:8 ‘getuigenis’ en ‘wet’ aan elkaar verbonden worden: ‘De wet van de Heere is volmaakt, zij bekeert de ziel; de getuigenis van de Heere is betrouwbaar, zij geeft de eenvoudige wijsheid.’
De Eerste
Wanneer we ook in de christelijke gemeente deze wezenlijke notie van God als de God van het verbond belijden, is het onze roeping om Gods daden als ‘verbondsdaden’ door te geven. Dat betekent dat wie ‘de loffelijke daden van de Heere’ in de christelijke gemeente wil vertellen, dat mag en moet doen in het kader van de verbondsrelatie die God met de leden van Zijn gemeente is aangegaan, zichtbaar en tastbaar gemaakt in het sacrament van de heilige doop. ‘In de leer’ in de christelijke gemeente betekent dan ook dat het accent moet liggen op wat God uit eigen beweging deed: Hij was en is de Eerste, Hij verbond en verbindt Zich aan kinderen, jongeren en ouderen in de gemeente. In die verbondsrelatie laat Hij Zijn beloften verkondigen en dringt Hij tot gehoorzaamheid aan Zijn geboden. Leer kinderen, jongeren en ouderen hun doop verstaan!
De gewilligheid en de betrouwbaarheid van de Heere, de God van het verbond, moeten in alle toonaarden worden aangewezen en aangeprezen. Bij het vertellen van de loffelijke daden van de Heere hoort dan onmiskenbaar ook de uitstorting van de Heilige Geest. Het is immers Gods belofte, verzekerd in het sacrament van de heilige doop, dat die Geest ook in Zijn gemeente is uitgestort en geschonken wordt aan iedere hoorder van het Evangelie die zich gelovig tot God bekeert.
Waar er zicht komt op de Heere, de God Die Zich in Christus aan mij verbonden heeft, groeit het geloof, de hoop en de liefde, als vrucht van het werk van de beloofde Heilige Geest. In en door het sacrament van het heilig avondmaal geeft de Heilige Geest verdiepend en verzekerend onderwijs. Daarmee is gezegd dat wij en onze kinderen gebonden zijn aan de genademiddelen die God gebruikt (het Woord en de sacramenten).
Op God gericht
We komen uit bij datgene waar het uiteindelijk om te doen is. Het zevende vers van Psalm 78 vertolkt een drievoudige uitkomst. Heel de Schriften door verkondigt de Heere ons dat Zijn Zelfopenbaring wil brengen tot een innige relatie tussen God en Zijn volk. ‘Ik zal hen tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn.’ Het is doel en belofte tegelijk.
Het ‘in de leer’ zijn van generatie op generatie heeft als doel dat opeenvolgende generaties ‘hun hoop op God stellen’. Het gaat om geloofsvertrouwen, dat tot uiting komt in hartelijke overgave aan de Heere, de God van het verbond. De verkondiging van Gods loffelijke daden in verleden en heden wekt het geloofsvertrouwen en de verwachting dat de Heere Zijn beloften vervult, ook wanneer het oog (nog) niet ziet. Die hoop op God gaat samen met ‘het niet vergeten van Gods daden’. Het verband tussen deze twee aspecten is evident: hoe minder zicht er is op Gods bevrijdende maar ook oordelende daden, hoe oppervlakkiger het leven in de christelijke gemeente zal zijn. Juist het voortdurende besef van Gods daadwerkelijke ingrijpen door de eeuwen heen zal de hoop levend houden. Gods daden vinden zijn hoogtepunt in kruis en opstanding van Jezus Christus, en daarbij de verwachting van het definitieve ingrijpen van God dat aanstaande is.
Ook het derde zal daardoor worden bewerkt: Gods geboden in acht nemen. Leven met de God van het verbond is immers verbonden met beloften én geboden. Geloof en bekering zijn twee kanten van dezelfde medaille. Gods geboden in acht nemen, ‘om die te doen uit dankbaarheid’.
Ernstige waarschuwing
Het ‘vertellen’ van ‘de loffelijke daden van de Heere’ is boven alles om Gods waarachtigheid, Zijn macht en Zijn betrouwbaarheid ten toon te stellen. De hartelijkheid en welmenendheid waarmee God Zich uit enkel genade verbindt aan Zijn volk, duldt slechts het antwoord van gelovige gehoorzaamheid. De ernstige waarschuwing die in vers 8 wordt vertolkt, is dan ook bedoeld om de volgende generaties te behoeden voor ontrouw en de daaruit voortvloeiende ondergang.
Gods trouw rust zelfs op het late nageslacht,
dat Zijn verbond niet trouweloos wil schenden,
noch van Zijn wet afkerig d’oren wenden,
maar die, naar eis van Gods verbond, betracht.
(Psalm 103:9 ber.)
Psalm 78
Psalm 78 is een bijzondere psalm vanwege de lengte, maar ook vanwege de centrale plaats in het bijbelboek. De masoreten ( Joodse geleerden die de Hebreeuwse tekst van de Bijbel voorzagen van klinker- en accenttekens) vermelden in de kantlijn bij de Hebreeuwse Bijbel dat vers 36 de middelste tekst is van het hele psalmboek. Kenmerkend voor dit bijbelhoofdstuk is dat de psalm enerzijds zelf wil onderwijzen, maar anderzijds oproept tot het geven van onderwijs. Het is een typisch didactisch lied. Het is ‘een onderwijzing’ (vs.1a). We focussen hier op vers 1-8.
Gespreksvragen
1 ‘Een christen is blijvend leerling.’ Hoe beleef je dat voor jezelf?
2 Doorgeven wat je gehóórd hebt (vs.3a). Waarom is dat zo belangrijk?
3 Het gaat om het vertellen van ‘de loffelijke daden van de Heere’. Waarom? En welke ‘daden’ zijn voor jou dan essentieel om door te geven?
4 Bespreek het drievoudige doel van het geloofsonderwijs vanuit vers 7. Maak zo concreet mogelijk wat de drie aspecten betekenen voor het gezin en voor de christelijke gemeente.
5 God werkt in de lijn van de generaties; Hij is de God van het verbond. Hoe zie je dat vanuit de Bijbel? En wat betekent de doop voor jou? Hoe leer jij anderen hun doop verstaan?
Digitaal magazine Opvoedingsbron stopt
Dit artikel is in iets andere vorm onderdeel van Opvoedingsbron, een digitaal magazine dat ontstaan is vanuit de Werkgroep Educatief Beraad, een gezamenlijk initiatief van de Bond van Hervormde Zondagsscholen, de Hervormd-Gereformeerde Jeugdbond, de Hervormde Mannenbond en de hervormde vrouwenbond Vrouw tot Vrouw. ‘In de leer’ is de tiende en laatste editie van het magazine, dat sinds 2015 jaarlijks verscheen.
Het nieuwe magazine is binnenkort gratis te downloaden op: hervormdezondagsscholen.nl, hervormdemannenbond.nl en hgjb.nl. Voor € 1,- (excl. verzendkosten) is het blad ook als gedrukt exemplaar te bestellen via de webshop op vrouwtotvrouw.nl.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 januari 2024
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 januari 2024
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's