De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbesprekingen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbesprekingen

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

B. Hooghwerff Zegen op de Veluwe. Herinneringen aan geestelijke oplevingen. Uitg. Den Hertog, Houten; 256 blz.; € 23,50.

Wie zoals ondergetekende op de Veluwe (in Putten) is opgegroeid, is altijd weer geïnteresseerd in wat gepubliceerd wordt over deze streek en haar kerkelijk en geestelijk leven. Zo verscheen onlangs het boek Zegen op de Veluwe over diverse oplevingen in de achttiende en negentiende eeuw. De auteur schrijft erover, daartoe aangespoord door brieven van Veluwse gezelschapsmensen, die hij in handen kreeg, alsook door de vraag waarom veel gemeenten in de classis Harderwijk behoudende voorgangers wilden hebben. Het boek begint met de bekendste opwekking: de ‘Nijkerkse beroeringen’ (1749-1752) ten tijde van ds. Gerardus Kuypers. ‘Weinig vreze Gods’ trof hij bij zijn komst in Nijkerk aan. Ernstige preken stelde men wel op prijs, maar in de alledaagse praktijk was van een geheiligd leven geen sprake. Totdat ‘de verkondiging zoveel kracht begon te krijgen dat sommigen van weedom en ellende met wenen en geklaag overluid ruimte zochten voor hun beklemd gemoed’, schrijft Kuypers. Het ging er dus nogal emotioneel aan toe in de diensten, iets wat Kuypers allerminst stimuleerde en waartegen de kerkenraad maatregelen nam. Maar ook: ‘Een uitwendige bekering is er bij velen, de roepende zonden zijn zeer gedaald.’ Officiële kerkelijke organen hadden overigens hun bedenkingen. Zo werd op het ministerie voor de Hervormde Eredienst een dossier aangelegd getiteld ‘Dweepzucht op de Veluwe’.

Een halve eeuw later (hfdst.2) is er in Nijkerk evenals elders opnieuw sprake van een opleving. En zo’n twintig jaar later weer; de naam van de bekende ds. Bernardus Moorrees is daaraan verbonden. De geslachten door hebben de opwekkingen hun zegen verspreid. Dat laat Hooghwerff in het derde hoofdstuk zien. We komen daarin de naam tegen van ds. C.C. Callenbach, die de jaren door op de Veluwe een grote plaats innam.

Het vierde hoofdstuk is gewijd aan het ‘effect’ van de Nijkerkse beroeringen in de buurgemeente Putten. Daar stond destijds ds. Johannes Smith, die er de eerste acht jaar vruchteloos arbeidde. Maar dan komt er een moment met ‘zovele doorslaande blijken van Gods wonderhand ter bekering van zondaren’ dat men slechts kan zeggen: ‘Hier is de vinger des Heeren.’

We lezen verder over wat er aan zegenrijks gebeurde in de gemeenten van Barneveld, Otterlo, Nunspeet en Hierden. In Hierden werd de kerk te klein; zelfs in de barre wintertijd wilde men Gods Woord horen, ook al moest men buiten staan. We worden meegenomen naar Woudenberg en Scherpenzeel, naar Heerde en Elspeet. In Scherpenzeel woonde enige tijd de Réveilman Abraham Capadose, die daar het zijne bijdroeg aan het geestelijk leven. Aardig om te weten: op een dag ontving hij Kohlbrugge op zijn gezelschap. In hoofdstuk 10 reizen we af naar het zuidwesten, naar Ede en Bennekom, waar we ds. D.A. Detmar ontmoeten, die ‘in zijn ouderdom ook vet en groen wordt’. Tot slot zetten we in de twee laatste hoofdstukken koers naar de Noordwest-Veluwe, waar we ds. A.P.A. du Cloux (Oldebroek) en ds. D. Gildemeester (Elburg) ontmoeten. Zegen op de Veluwe is een mooi boek om te lezen, al lijkt het hier en daar vanwege tal van namen en jaartallen meer op een kroniek. Waardevol is het uitvoerige notenapparaat. Het kroniekachtige karakter brengt met zich mee dat een zekere (theologische, maar ook historische en sociologische) duiding van de opwekkingen ontbreekt. Wellicht is daar bewust voor gekozen. Hoewel, meer dan eens gebruikt de auteur het woord ‘schriftuurlijk-bevindelijk’. Die hedendaagse term past min of meer bij de piëtistische Detmar. Maar dekt deze uitdrukking ook de prediking en de geloofsbeleving van de Réveilvoorgangers Callenbach en Gildemeester? Al gaat het uiteindelijk om de grondtoon en die is dezelfde.

Een intrigerende vraag zou vervolgens zijn hoe de geestelijke oplevingen die in deze uitgave beschreven worden, zich verhouden tot wat dr. A. Sulman stelt in zijn Geloven aan de zoom van de Veluwe, namelijk dat er in de negentiende eeuw op de Noordwest-Veluwe geen sprake was van een overwegend bevindelijk gekleurd calvinisme.

Deze evaluerende opmerkingen nemen niet weg dat de auteur terecht rept over een ‘rijke episode in de Nederlandse kerkgeschiedenis’. Het boek riep bij mij iets op van heimwee, iets waarvoor Prediker (7:10) overigens waarschuwt. Maar toch...

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 2023

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's

Boekbesprekingen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 december 2023

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's