Samen studeer je beter
Generatie Z en het christelijk onderwijs – zorgen en kansen (2, slot)
Er zijn gelukkig heel veel jongeren tussen 10 en 25 jaar (Generatie Z) die geen mentale problemen ervaren en met wie het goed gaat. Maar we kunnen niet om onderzoeksresultaten en concrete ervaringen van docenten heen. Waar komt de toename van problematiek onder jongeren vandaan?
De mentale problemen die een fors deel van de jongeren volgens de Integrale Gezondheidsmonitor COVID-19 heeft, zijn niet alleen het gevolg van corona. Ook zonder de pandemie zou er sprake zijn van een generatie die verdrietiger en angstiger is dan voorgaande generaties. Natuurlijk geldt hier ook dat het om onderzoeksresultaten gaat die niet voor iedereen herkenbaar hoeven te zijn.
Stoppen
We stonden in het vorige artikel al stil bij de impact van de digitale wereld. Wat ook impact heeft, is dat het voor Generatie Z niet zeker is dat zij het beter zullen krijgen dan hun ouders. Het is voor hen maar de vraag of hun inspanningen voor de toekomst zich wel uitbetalen. Dat was in het verleden wel altijd het geval.
Voor deze generatie geldt echter dat ze ondanks een uitstekende opleiding misschien geen passende baan vinden. Dat ze zich hun lange werkzame leven zullen moeten blijven ontwikkelen, omdat beroepen veranderen. Ze weten bijvoorbeeld al dat ze voor een deel beroepen zullen gaan uitoefenen die nu nog niet bestaan. En kunnen ze straks wel aan een huis komen? Hoe zal het gaan met de onrust en oorlogen in de wereld? Wie zegt dat er niet nog weer een keer een pandemie komt?
Kortom, er is veel onzekerheid over de toekomst en weinig reden om aan te nemen dat het beter zal worden. Dit geeft gevoelens van moedeloosheid en somberheid.
Ook zie je dat veel jongeren niet zo bezig zijn met langetermijnplannen. Zelfs bij het kiezen van een opleiding speelt dit een rol. Jongeren kiezen een opleiding maar besluiten net zo makkelijk om er weer mee te stoppen en te gaan werken. Een illustratie hierbij is dat momenteel de Associate Degrees (Ad) in de lift zitten. Steeds meer jongeren kiezen na hun mbo liever voor een tweejarige Ad dan voor een vierjarige hbo. Die twee jaar is beter te overzien dan vier jaar en na die twee jaar zien we wel weer verder, is dan nogal eens de redenering.
Toekomstverwachting
Een belangrijk doel van onderwijs is dat jongeren worden voorbereid op het leven, op de toekomst. Juist als het gaat om somberheid vanwege zorgen over de toekomst, is de onderwijssector geroepen om hier aandacht aan te geven. Leerlingen en studenten kunnen ontdekken dat ze niet alleen slachtoffer zijn, maar dat ze ook impact hebben. Ze krijgen de mogelijkheid te leren om verantwoordelijkheid te nemen. Als ze zich bijvoorbeeld inzetten voor een activiteit in de wijk, dan zullen ze merken dat ze invloed hebben en ervaren ze zingeving.
Het onderwijs kan leerlingen en studenten helpen om door een andere bril naar de werkelijkheid te kijken. Docenten helpen hen om meer begrip te krijgen voor de complexiteit van de samenleving en hoe ze zich daarin staande kunnen houden. Met het oog op de toekomst neemt het belang van geschiedenisonderwijs toe. Ook het onderdeel burgerschap op het voortgezet onderwijs helpt de leerlingen om grip te krijgen op hun toekomst.
Voor het christelijk onderwijs ligt hier een unieke kans. Christenen hebben immers een toekomstverwachting die van een andere orde is. De wetenschap dat jouw leven in Gods Vaderhanden is, geeft een toekomst vol van hoop. In het christelijk onderwijs mag de boodschap van zonde en genade, van verlossing en vernieuwing, van Gods zorg voor jouw leven en van een eeuwige toekomst flink worden uitgepakt.
Fiksen
Individualisme is ook een oorzaak van de problemen die we in het onderwijs tegenkomen bij Generatie Z. De cultuur waarin deze generatie leeft, is doordesemd van het belang van het individu. Het gaat erom dat jij je ontwikkelt, dat je tot ontplooiing komt, dat je geniet, enzovoorts. Het leven wordt gezien als een project; en dat project moet succesvol zijn en dat laat je dan ook aan anderen zien. De achterkant van dit denken is dat het niet slagen van dit project je eigen schuld is. Dit leidt tot een hogere prestatiedruk en meer stress. De gedachte dat het allemaal om jou draait, wordt nogal eens onbewust in de opvoeding meegegeven. De meeste ouders zorgen erg goed voor hun kinderen. Misschien ook weleens te goed. De angst om kinderen ongelukkig te maken, leidt ertoe dat ouders hun best doen om in alle behoeften van hun kinderen te voorzien. Ze doen er alles aan om teleurstellingen voor hun kinderen te voorkomen en zo kan het zijn dat jongeren soms weinig weerstand op hun levenspad ervaren.
Ouders wenden zich vaker direct tot de school om het voor hun kinderen op te nemen. Zelfs in het hoger onderwijs komt het voor dat ouders dingen voor hun nageslacht willen fiksen. Grenzen stellen en die consequent handhaven, valt menig ouder zwaar. Het gevolg hiervan is dat kinderen dan ook niet altijd zo goed leren omgaan met grenzen, gezag en weerstand.
Roeping
Wat kan het een bevrijding zijn om te weten dat je onderdeel uitmaakt van een gemeenschap en dat het niet om jou als individu draait. Uit een onderzoek dat is gedaan door Charlotte Vissenberg, associate lector Familie & Veerkracht bij hogeschool Windesheim, blijkt dat studiesucces alles te maken heeft met ‘sense of belonging’ (gevoel van verbondenheid, erbij horen). Juist als je onderdeel uitmaakt van de onderwijsgemeenschap en je gezellig iets doet met medestudenten, gaat je studie beter. In het belang van leerlingen en studenten mogen scholen gemeenschappen vormen en een dam opwerpen tegen het individualisme. Ook op dit terrein hebben het christelijk onderwijs en christelijke gemeenten een roeping en tevens voorsprong. Voor christenen is het onderdeel uitmaken van de gemeenschap essentieel. Christenen weten hoe heilzaam het is om bij elkaar te komen. Ze weten dat ze elkaar nodig hebben om elkaar te bemoedigen, te corrigeren, te bidden en God groot te maken.
Christelijk onderwijs mag dan ook voluit investeren om een gemeenschap te vormen, waarin niet het individu en de individuele prestaties centraal staan, maar waarin het gaat om de gemeenschap die Jezus Christus centraal stelt.
Wat is er aan de hand?
Stress, psychische problemen, demotivatie en eenzaamheid: zaken waarmee Generatie Z en daarmee ook het onderwijs te maken heeft. In het eerste deel van dit tweeluik zagen we dat uit onderzoek blijkt dat er inderdaad wat aan de hand is. De coronapandemie versterkte een ontwikkeling die al gaande was en waar de onderwijssector al langer mee te maken heeft. Ik ging dieper in op de problematiek van afnemende sociale vaardigheden en toenemende eenzaamheid. Onderwijs, en zeker christelijk onderwijs, kan een belangrijke rol spelen door samen met christelijke gemeenten te investeren in de sociale functie van het onderwijs. In dit tweede deel kijken we naar andere kenmerken van Generatie Z en de belangrijke rol die onderwijs en christelijke gemeenten kunnen spelen voor deze generatie.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 mei 2024
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 mei 2024
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's