Genade en gericht
Studieweek Geref. Bond over ‘Leven en sterven in het licht van de eeuwigheid’
De studieweek van de Gereformeerde Bond had dit jaar als thema ‘Leven en sterven in het licht van de eeuwigheid.’ Een zwaar thema, dat juist daarom voor ons als studenten aanleiding gaf tot goede gesprekken en aanzette tot een hernieuwd besef van de roeping tot de verkondiging van het Evangelie.
Van 21 tot 24 augustus kwamen ruim veertig theologiestudenten samen in Elspeet voor de jaarlijkse studieweek. Na de opening door ds. J.A.W. Verhoeven nam ds. A.J. Mensink ons mee naar het leven en werk van dr. A. van Brummelen, voorzitter van de Gereformeerde Bond van 1995 tot 1998. Kenmerkend voor hem was de meditatieve levenshouding. Door stil te worden en de verborgen omgang met God te zoeken ontstaat en verdiept zich de relatie met de Heere. Deze meditatieve levenshouding mag niet leiden tot een vlucht naar de eeuwigheid, maar leidt tot heiliging van het heden. De lezing deed een appèl op ons als theologiestudenten. Juist in deze jachtige tijd is het zoeken van de stilte allernoodzakelijkst. Om van daaruit van betekenis te kunnen zijn.
Heilig leven
Prof. dr. M.J. Paul ging in op de visie op leven en dood in het Oude Testament. Op dit terrein spelen veel vragen. In ieder geval benadrukt het Oude Testament de absolute soevereiniteit van de Heere: ‘De Heere doodt en maakt levend, Hij doet in het graf neerdalen en Hij doet daaruit opkomen.’ (1 Sam.2:6) In het verlengde hiervan hield dr. J. van den Os op dinsdag een lezing vanuit het Nieuwe Testament, en dan met name vanuit de brieven van Paulus. Leerzaam vond ik dat Van den Os het kader schetste waarbinnen Paulus spreekt over hemel en hel. Hij noemde dat ‘het kader van pastoraal leiderschap’: Paulus wil de gemeente oproepen tot bekering en aanzetten tot levensheiliging. Juist in het licht van de eeuwigheid doet dit leven ertoe. Een heilig leven is het gepaste antwoord op de genade die de gemeente ontvangen heeft.
’s Middags ging de groep in tweeën uiteen: De HGJB verzorgde een lezing over het werk dat hij doet. Onderdeel hiervan was een open en eerlijk gesprek over de plaats die deze organisatie inneemt binnen het geheel van de Protestantse Kerk en de spanning die dat ook kan opleveren.
Voor de studenten die er voor het eerst waren, was er de gebruikelijke lezing over roeping en ambt, ditmaal onder leiding van ds. M. Krooneman. Deze lezing wordt altijd als zeer waardevol gezien door studenten. Niet alleen omdat er vanuit de Bijbel en de traditie duidelijk wordt gemaakt wat een gezonde visie is op dit onderwerp, maar ook omdat er volop ruimte is voor een open gesprek. Het werd gewaardeerd dat de aanwezige afvaardiging vanuit het hoofdbestuur ook hun ervaringen deelden vanuit hun jarenlange werk in de kerk.
Visies op de dood
’s Avonds hield dr. G.A. van den Brink een lezing over de stervenskunst bij Maarten Luther. Niet voor het eerst viel mij de radicaliteit van Luther op. Enerzijds wijst hij op de ernst van de dood als gevolg van de zonde, anderzijds roept hij zijn lezers/hoorders op niet op de dood, de hel en de duivel te zien, maar op de hemel, het leven en Jezus. De evangelieprediking is van groot belang bij de voorbereiding op de dood: ‘Het Evangelie moet een gestage drup zijn tijdens ons leven, die ons stenen hart uitholt.’
Op woensdag werden we zelf actief aan het werk gezet in een werkcollege door prof. dr. H. van den Belt. Naast stemmen uit de Bijbel en de kerkgeschiedenis betrok hij hierin ook hedendaagse visies op de dood. In de moderne wetenschap wordt de mens vaak gereduceerd tot een toevallig product van biologische processen. Het is daarom de taak van de theologie om uit te leggen wat de ziel is en hoe die te onderscheiden valt van ons brein.
Oordeel
’s Middags nam ds. M. Goudriaan ons mee naar de praktijk van de prediking. Hoe moet het gericht van God functioneren in de prediking? Dat is nogal een opdracht in een tijd waarin vooral Gods liefde wordt benadrukt. In het huidige klimaat is een toornende God onverdraaglijk. Het godsbeeld is dan ook bepalend voor de manier waarop het gericht in de prediking functioneert. Genade en gericht zijn niet te scheiden. De prediking van het gericht staat namelijk in het kader van de Christusprediking. Duidelijk komt dat naar voren in de prediking van Johannes de Doper. Enerzijds zegt hij dat de bijl al aan de wortel van de boom ligt, anderzijds roept hij het uit: ‘Zie het Lam van God!’ Ds. Goudriaan wees erop dat je als predikant allereerst zelf van het oordeel moet weten. Zoals Paulus dat ook zegt: ‘Nu wij dus deze vrees voor de Heere kennen, bewegen wij de mensen tot het geloof’ (2 Kor. 5:11).
Ethiek
Op de laatste dag van de studieweek werd het thema vanuit niet-theologische perspectieven belicht. Allereerst door dr. A.A. Teeuw, in het dagelijks leven specialist ouderengeneeskunde. Door middel van een aantal casussen werden we meegenomen naar de praktijk van het verpleeghuis. Om een voorbeeld te noemen: een familie wilde niet dat er bij een patiënt morfine zou worden toegediend. Als arts ben je echter bevoegd om dat toch te doen, tegen de zin van de familie in. Wat doe je dan?
Vanuit deze en andere casussen ging Teeuw in op de ethiek. Binnen zijn vakgebied gelden vier basisprincipes, die over het algemeen aanvaard worden: respect voor autonomie, het niet-schade beginsel, weldoen, en een rechtvaardige verdeling van middelen. Op die manier is de afgelopen decennia geprobeerd te komen tot een ethiek die voor ieder aanvaardbaar is. Het spreekt echter voor zich dat ook op basis van de vier basisprincipes behoorlijk verschillende keuzes te maken zijn. Ik neem van deze lezing dan ook mee dat de ethiek rondom het sterven niet zwart-wit is.
Moderne literatuur
Een ander perspectief op ons thema werd geboden door dr. J. de Jong-Slagman. Zij liet zien hoe de moderne literatuur spreekt over de dood en gaf daarbij vier antwoorden: de dood als verlosser, als metgezel, als het grote niets, als hoop. Na afloop merkte ik dat meerdere studenten sterk aangegrepen waren door de voorbeelden die ze had gegeven. De zinloosheid van het bestaan en het gebrek aan perspectief op een eeuwig leven komen sterk naar voren in moderne literatuur.
De literatuur laat daarmee zien wat het algemene levensgevoel is in onze tijd. Het verlies van een hoger perspectief levert de moderne mens over aan een gevoel van absolute leegte, en van daaruit aan het hedonisme (streven naar zo veel mogelijk genot). Gelukkig zijn er ook schrijvers te noemen die wel hoop bieden.
Al met al mogen we dankbaar zijn voor wat we deze week ontvingen aan inhoudelijke toerusting. Minstens even dankbaar ben ik voor de vele goede gesprekken en contacten met medestudenten van de verschillende universiteiten. Daarbij namen we afscheid van ds. en mevrouw Floor uit Ede, die zich de afgelopen tien jaar met hart en ziel voor de studieweek hebben ingezet. In de ontroerende afscheidswoorden van ds. Floor proefde ik de liefde voor de Heere Jezus en de dankbaarheid dat het werk in Gods Koninkrijk doorgaat.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 september 2023
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 september 2023
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's