De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Verzadigd van het leven

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Verzadigd van het leven

Eeuwigheidsmomenten in woonzorglocatie voor ouderen

8 minuten leestijd Arcering uitzetten

Soms overvalt het me, op de fiets van de woonzorglocatie naar huis: is dit een andere wereld, een dal vol schaduw van de dood? Een aantal decennia terug woonden mensen gemiddeld acht à negen jaar in een woonzorglocatie. Hoe anders is dat vandaag. Over de toekomstverwachting van ouderen.

Hij was terug uit het ziekenhuis. Een hersenbloeding had geen goed gedaan aan zijn toch al kwetsbare gezondheid. Voorzichtig ga ik bij hem zitten. Zijn ogen zijn nog gesloten. In dit moment gaan mijn gedachten terug naar de gesprekken met hem. De man is belezen en heeft brede (culturele) interesse. Spreken over de troost van het Woord was een zoektocht. Het gebeurde soms, tussen de regels door. Terwijl ik aan zijn bed zit, lijkt de stilte eindeloos te duren. Totdat hij zijn ogen opslaat en mij aankijkt. Opeens fluistert hij deze woorden:

Wat de toekomst brengen moge,

mij geleidt des Heren hand;

moedig sla ik dus de ogen

naar het onbekende land.

‘Ja’, zo zei hij, ‘ooit is mij dit lied op zondagsschool geleerd’.

Een andere wereld

Mensen wonen gemiddeld nog geen jaar in de woonzorglocatie. Is er dan alleen de werkelijkheid van het nabije levenseinde? Dat klinkt weinig hoopvol. Hoe anders lijkt dat vaak te zijn als je buiten komt. Op loopafstand staat de middelbare school. Ruim 1500 jongeren zijn daar iedere dag te vinden. Soms denk je terug aan de schooltijd daar. Om naar het bijgebouw te komen, kwam je langs het terrein van verpleeghuis De Samaritaan. Onderweg hoorde je soms het nummer Forever young. Het waren de jaren van de Koude Oorlog, met een altijd overschaduwende angst voor een kernoorlog. Er lijkt weinig veranderd te zijn voor de scholieren en de jongeren nu. Ook nu zijn er crises genoeg.

Sterfbed

De woorden van dit lied kwamen terug tijdens een bijbelkring deze afgelopen zomer. Een aantal weken hebben we stilgestaan bij het leven van Jakob. De serie werd afgesloten met de terugkeer van Jakob naar Bethel en het sterven van Izak (Gen.35). We hadden genoeg gespreksstof voor dit uur. Jakob keert terug naar (El) Bethel: de plaats waar God Zich aan hem geopenbaard had, toen hij voor zijn broer Ezau vluchtte. Na deze terugkeer van Jakob neemt de schrijver ons mee in het dal van de schaduw van de dood. Het begint met het sterven van de voedster van Rachel, Deborah. God verschijnt opnieuw aan Jakob en bevestigt Zijn belofte. God is in Bethel. Met de belofte van God gaat de reis verder. Maar dat betekent niet dat de werkelijkheid van de dood er voor Jakob niet meer is. Rachel had bij de geboorte van Jozef het verlangen geuit naar nog een kind en deze wens gaat nu in vervulling, echter wel zo anders dan Jakob en Rachel hadden gedacht. Het kraambed wordt voor haar een sterfbed. Stervende geeft ze haar zoon de naam Ben-oni (zoon van mijn pijn/rouw). Jakob geeft hem echter de naam Ben-jamin (zoon van mijn rechterhand). Rachel sterft en Jakob begraaft haar en plaatst een opgerichte steen op haar graf.

Emoties

Het hoofdstuk eindigt met het thuiskomen van Jakob, na een vlucht van twintig jaar. Hoe anders is het gegaan dan moeder Rebekka had gedacht. Terwijl ze Jakob het bevel gaf om te vluchten, vertelde ze dat zodra de boosheid van Ezau bedaard was, zij een bode zou sturen om haar zoon Jakob terug te laten halen. Dat moment is nooit meer gekomen. Bij Jakobs thuiskomst lezen we niet meer van een ontmoeting met moeder Rebekka. Ze was begraven op de akker van Machpela.

Ook aan het leven van Izak komt een einde. Er staat: ‘Toen gaf Izak de geest en stierf en werd met zijn voorgeslacht verenigd, oud en van dagen verzadigd. En zijn zonen Ezau en Jakob begroeven hem.’ (Gen.35:29) Nu lijkt het alsof het moment dat Jakob het bebloede gewaad herkent ná het sterven van Izak is gebeurd, maar dat blijkt anders te zijn. Izak heeft het intense verdriet bij zijn zoon Jakob over zijn (klein)zoon Jozef gezien. De Bijbel zwijgt over de emoties bij Izak, maar het zou ons niet verwonderen dat het de oude Izak intens geraakt heeft. Bij deze woorden hebben we elkaar de vraag gesteld: Wat zegt het sterven van Izak ons? Herkennen we dit in ons leven? Welke woorden/gedachten komen er naar boven als we denken aan onze toekomst?

Levensmoeheid

Samen denken we na over de betekenis van het woord ‘verzadigd’. Wat betekent dat nu concreet? We blikken nog even terug. Twintig jaar eerder had Izak tegen zijn zoon Ezau gezegd: ‘Zie toch, ik ben oud geworden, en ik weet de dag van mijn dood niet (...). Maak een smakelijk gerecht voor me klaar (...). Dan zal mijn ziel je zegenen voordat ik sterf.’ (Gen.27:2-4) Toen dacht Izak dat zijn levenseinde dichtbij was, maar er volgden nog twintig jaren. Dat roept herkenning op.

Iemand vertelde: ‘Je stond midden in het leven. Getrouwd en gezegend met (klein)kinderen, maar opeens was daar een CVA (beroerte, red.). Ik dacht dat mijn einde gekomen was, maar ik ben er nog.’ Er valt een stilte, die ze zelf weer doorbreekt: ‘Soms dacht ik: waarom ben ik hier nog, het leven is voorbij.’ Je proeft iets van de pijn die ze onder woorden wil brengen. Iemand anders vult aan: ‘Ja, dan is er weer een operatie, weer een onderzoek, weer een tegenvallende boodschap.’ Opnieuw neemt zij het woord en vertelt hoe ze met haar kleinkinderen spreekt over een andere toekomst, een toekomst vol van hoop. ‘Er zijn tijden, dan voel ik me zo ellendig, zo eenzaam, dan denk ik aan de hoop die wacht.’ Dit is geen gelatenheid, maar meer een zekere levensmoeheid. Men verlangt om heen te gaan.

Altijd jong

Weer terug naar de wereld van de middelbare school. Meer dan regelmatig zijn scholieren hier te vinden voor een activiteit of doen ze (vrijwilligers)werk. Zo komen ze in contact met de bewoners. Op enig moment kwamen de jongeren ter sprake en toen merkte een bewoner op: ‘Hoe oud we ook zijn of mogen worden, in Christus zijn we voor altijd jong.’ En, zo vervolgde ze: ‘Het leven is door God gegeven en straks mogen we het net als Izak weer toevertrouwen aan God. Dan zijn de dagen hier op aarde verzadigd of voltooid, maar er is een heerlijke toekomst.’ We zouden kunnen zeggen: dit is gelovig wachten, verzadigd van het leven, op het thuiskomen.

Puzzelstukje

Is dit geloofsvertrouwen op een heerlijke toekomst er altijd? Nee, er is ook aanvechting en strijd. Bijvoorbeeld als de dementie daar is. Iemand vergeleek deze ziekte ooit met een grote puzzel. Die puzzel zijn wij. Gaandeweg zorgt de dementie ervoor dat puzzelstukjes wegvallen, gaan ontbreken. Dit proces kan ook zoveel doen met het houvast in het Woord. In gedachten zie ik hen zitten. Vele puzzelstukjes zijn bij haar weggevallen. Het maakt haar onzeker. En daarbij is ze altijd een bezorgde vrouw en moeder geweest. Eén tekst kan ze zo navertellen, Romeinen 14:8b (SV): ‘Hetzij dan dat wij leven, hetzij dat wij sterven, wij zijn des Heeren.’ Aan dit puzzelstukje klemde ze zich vast. Aangrijpend was het om te ervaren dat ook dat steeds moeilijker werd. Toch waren er ook die heerlijke en bemoedigende momenten. Samen zitten we in de woonkamer. Een intiem moment. Haar hand zoekt mijn hand. Terwijl ik de eerste woorden van Psalm 25:8 zing (‘Zie op mij in gunst van boven; wees mij toch genadig, Heer’), vervolgt ze met haar zachte stem en haar ogen vullen zich met tranen.

Eenzaam ben ik en verschoven:

Ja, d’ ellende drukt mij neer.

’k Roep U aan in angst en smart;

Duizend zorgen, duizend doden

Kwellen mijn angstvallig hart;

Voer mij uit mijn angst en noden.

Nadat we samen gezongen hebben, kijkt ze me diep in de ogen en dankt ze de Heere voor dit moment en zegt: ‘Nu hoop ik dat ik het even vast kan houden.’ Een eeuwigheidsmoment in de tijd, zo ervaar ik deze momenten.

Er is of was ook gelatenheid of berusting. Voor haar kabbelt het leven hier rustig door. Terugblikkend op het leven klinkt er soms het verlangen om het ‘over te doen’, om het ‘anders te doen’. Bij het doorluisteren en vragen wordt de pijn, (non-)verbaal zicht- en hoorbaar. De toekomst wordt berustend tegemoetgezien. De schaduwen van het leven worden langer. Terwijl de levenszon haar kracht meer en meer verliest, gaat er opnieuw iets van de andere Zon oplichten. Soms in het Woord, soms in de viering. Zo doofde langzaam maar zeker haar leven hier op aarde uit. De laatste momenten samen waren met gevouwen handen. Biddend tot God, om God.

Inscherpen

In vele ontmoetingen is er de herkenning in het Woord. Soms overduidelijk, maar meer dan eens is het een biddende zoektocht naar wat ooit gehoord en/of geleerd is. Dit onderstreept het belang, ook in deze tijd van vluchtigheid en ontlezing, om samen met onze kinderen de Bijbel en de psalmen lezend en zingend in te scherpen. Daarin klinkt de meest hoopvolle boodschap. Om met alle geloofsgetuigen die stad te verwachten die fundamenten heeft, waarvan God de Ontwerper en Bouwer is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 2023

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Verzadigd van het leven

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 2023

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's