Roemen in verdrukking
Omgaan met het lijden (4, slot, vervolgde kerk)
De vraag naar het waarom van het lijden is vaak een belangrijke reden om het christelijk geloof de rug toe te keren. Als God bestaat, hoe kan het dan dat...? Ontmoetingen met vervolgde christenen dagen ons uit om de vragen over het lijden vanuit een ander perspectief te zien.
‘ De kunst van het leven is de kunst om lijden te vermijden.’ Deze bekende uitspraak is van de Amerikaanse president Thomas Jefferson. In onze westerse cultuur weten we niet goed raad met pijn en lijden. In een wereld zonder God is lijden per definitie zinloos. De woorden uit Psalm 119:36 (berijming van 1773), ‘Het is goed voor mij verdrukt te zijn geweest’, vinden slecht weerklank. Evenals de woorden van Paulus: ‘Wij roemen ook in de verdrukkingen, omdat wij weten dat de verdrukking volharding teweegbrengt en de volharding ondervinding en de ondervinding hoop.’ (Rom.5:3)
Ontmoetingen met vervolgde christenen laten de waarheid en enorme kracht zien van deze woorden. Ze vertellen ons hoe het lijden toch betekenis kan hebben en laten zien hoe God het lijden kan gebruiken tot zegen voor jezelf en voor anderen.
Part of the deal
In de afgelopen jaren heb ik wereldwijd talloze christenen geïnterviewd die een hoge prijs betalen voor hun geloof. Ik sprak met weduwen in Nigeria en India van wie hun man is vermoord door strijders van Boko Haram of hindoe-extremisten. Ik ontmoette christenen die jarenlang opgesloten zaten in een zeecontainer of gevangenis. Tijdens gesprekken komt de vraag naar het waarom van het lijden vaak aan de orde.
Vrijwel altijd is de eerste reactie: ‘Het staat toch in de Bijbel dat je als volgeling van Jezus met lijden en vervolging te maken krijgt? Als zij Mij vervolgd hebben, zullen zij ook u vervolgen.’ (Joh.15:20) Of: En ook allen die godvruchtig willen leven in Christus Jezus, zullen vervolgd worden. (2 Tim.3:12) Soms zie ik verbazing in hun ogen. Voor hen is het volstrekt duidelijk: Jezus volgen en lijden horen bij elkaar. Het is part of the deal.
Impact
Een paar maanden geleden ontmoette ik de Duitse Susanne Geske (zie sdok.nl/geske). Ze werkt al 25 jaar in Turkije om een licht te zijn onder de moslimgemeenschap. In 2007 werd haar man Tilmann op klaarlichte dag vermoord door vijf jonge moslimmannen. Susanne bleef met drie jonge kinderen achter. Toen ik haar vroeg naar de impact van deze heftige gebeurtenis op haar relatie met God, antwoordde ze: ‘Er waren momenten waarop ik boos was op God en het uitschreeuwde naar Hem.’ Tegelijkertijd vertrouwde ze me toe hoe juist in deze moeilijke situatie God haar gezegend heeft.
Ze vertelde me dat ze nooit getwijfeld heeft aan Gods liefde en trouw voor haar en dat deze ingrijpende gebeurtenis ervoor gezorgd heeft dat haar relatie met God is verdiept. ‘God stond en staat altijd naast me!’, vertelde ze beslist en met overtuiging. ‘Hij leidde me door de hele situatie heen.’ Susanne legde me uit dat ze de Bijbel meer is gaan lezen en dat haar gebedsleven geïntensiveerd is. Ze voelt zich ook meer afhankelijk van God dan vóór de moord op haar man.
Smeltoven
Susanne vertolkt waar de apostel Petrus over spreekt. Hij maakt de vergelijking met onzuiver goud dat gelouterd wordt. Het goud wordt in een smeltoven zodanig verhit, dat het ruwe goud gescheiden wordt van de onzuivere bestanddelen en er puur goud overblijft (1 Petr.1:7). Volgens Petrus werkt het met geloof op dezelfde manier. Het verkeerde wordt verbrand, zodat je geestelijk sterker uit het lijden tevoorschijn komt. Dat is ook wat Jakobus zegt: ‘Want u weet dat de beproeving van uw geloof volharding teweegbrengt. Maar laat die volharding ook volledig mogen doorwerken, opdat u volkomen bent en geheel oprecht en in niets tekortschiet.’ (Jak.1:3-4)
Dankbaar
Een paar jaar geleden ontmoette ik Helen Berhane. Deze Eritrese gospelzangeres zat tweeënhalf jaar gevangen in een zeecontainer, vanwege het verspreiden van het Evangelie. Het was een vreselijke plek. Overdag kon het extreem heet zijn en ’s nachts erg koud. Ze zat er opgesloten met veel te veel mensen in een kleine ruimte en had ook te maken met martelingen, die haar bijna het leven hebben gekost. De autoriteiten lieten haar vrij, omdat ze dachten dat Helen zou overlijden, maar door een wonder knapte ze weer op. Ze vluchtte via Soedan naar Denemarken, waar ze nu nog steeds woont.
Toen ik haar vroeg in hoeverre ze worstelt met wraakgevoelens, gaf ze een opmerkelijk antwoord: ‘Ik heb geen haatgevoelens, maar ik ben dankbaar dat ik door wat zij me aangedaan hebben, ik mijn Jezus beter heb leren kennen.’ Juist op de meest moeilijke momenten ervoer ze Gods aanwezigheid zo dichtbij. Ze vertelde dat ze in de gevangenis ook christelijke liederen zong en dat dit haar nieuwe moed gaf om boven haar situatie uit te stijgen.
Het verhaal doet denken aan de geschiedenis van Paulus en Silas, die ook zongen in de gevangenis (Hand.16:25). Zou de reactie van Helen Berhane niet beschrijven wat Paulus bedoelt als hij zegt: ‘Maar wij roemen ook in de verdrukkingen’ (Rom 5:3)?
Geestelijke vruchten
God kan het lijden gebruiken tot zegen voor jezelf, maar Hij kan moeilijke omstandigheden ook gebruiken tot zegen voor anderen. Susanne Geske vertelde me dat ze twee dagen na de moord op haar man de daders live op tv heeft vergeven. Ze ervoer sterk dat God dit van haar vroeg, zo kort na de aanslag. Voor de Turkse moslimgemeenschap waar het principe ‘oog om oog, tand om tand’ hoog in het vaandel staat, was dit onbegrijpelijk. Het maakte moslims nieuwsgierig naar het christelijk geloof. Susanne vertelde over de geestelijke vruchten die de dood van haar man heeft opgeleverd. ‘Door deze vreselijke gebeurtenis hebben veel moslims Jezus leren kennen. Ze wilden meer weten over Jezus en over Zijn vergevende liefde.’
Susanne zei dat christenen in Turkije verschillend reageerden op de moord op haar man. ‘Sommigen werden bang, maar andere christenen werden juist extra vurig gemaakt. Het moedigde hen juist aan om niet bang te zijn, maar open het Evangelie te delen.’ Bij het horen van dit verhaal resoneren de woorden van Paulus uit Filippenzen 1:12, waar hij zegt dat zijn gevangenschap tot bevordering van het Evangelie heeft gediend. Wij zouden denken: Paulus zit gevangen, dus nu stagneert het werk van God. Het tegendeel is echter waar. Paulus komt bij stadhouder Felix en koning Agrippa en deelt het Evangelie op plekken waar hij normaal gesproken niet zo snel zou komen. God opent nieuwe deuren voor het Evangelie. Daarnaast schrijft hij dat christenen buiten de gevangenis gesterkt zijn, door de moed van Paulus. Hij geeft niet op! Hij spoort de jonge gelovigen ook aan om standvastig te zijn en niet op te geven.
Waarom
Het antwoord op de vraag waarom God het lijden toelaat, is niet te geven. Het blijft zoeken en tasten. Tegelijk weten we wel dat God het kwade ten goede kan keren en dat voor hen die God liefhebben, alle dingen meewerken ten goede (Rom.8:28).
God kan het lijden gebruiken om Zijn kinderen te vormen en op een bijzondere manier tot zegen te stellen. Dat geldt voor lijden dat ons overkomt als direct gevolg van het volgen van Jezus, maar ook voor andersoortig lijden dat ons overkomt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2023
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2023
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's