Gert-Jan Segers De verloren zoon en het verhaal van Nederland. Uitg. Balans, Amsterdam; 120 blz.; € 15.
Op zoek naar hoop voor een verdeeld en verweesd land, dat hij hartstochtelijk dienen wil, zag CU-leider Gert-Jan Segers in de gelijkenis van de verloren zoon een portret van onze tijd, wat hij uitwerkt in een boeiend essay. Zijn scherpste pijlen richt hij op ‘het rauwe kapitalisme dat prima zorgt voor enkelingen’, op neoliberaal beleid met zijn ontwrichtende uitwerking en dat onrecht creëert, dat mensen in sociaal opzicht treft: ‘Wij zijn in een vrijheid gaan geloven die uiteindelijk voor grotere ongelijkheid, grotere onzekerheid en soms ook meer onrecht heeft gezorgd.’ ‘Ronduit breken ermee,’ vindt Gert-Jan.
Omdat politiek over morele keuzes gaat, pleit hij voor het bewaken van de democratische rechtsstaat, voor een canon van Nederlandse waarden en wil hij de verweesde samenleving een weg wijzen. Zij die afscheid namen van gezag, van kerk en geloof, van het leven in dorpsgemeenschappen, ontberen zelf een fundament, omdat zij geen nieuwe wetten, waarden en gemeenschapsvormen ontwikkeld hebben. In deze context bepleit Segers de menselijke maat, een eerlijke menswaardige economie, een veilig gemeenschappelijk huis. Met zijn leerzame analyse van de Brexit – waarom willen de Britten weg uit Europa, terwijl hun eigen economie er schade van lijden zal? – brengt hij het dominante denken in onze cultuur dichtbij.
Dit essay biedt in kort bestek veel en kan op studiekringen de geest scherpen in het doorzien van onze tijd.
Voor ons land is het een zegen dat we politici als Segers hebben, zeker als zijn partij (al is het met neoliberalen…) in de regering zit.
Opvallend vind ik wel dat de auteur zich sterk vereenzelvigt met het denken in onze cultuur. ‘Ook ik maak deel uit van een verweesde samenleving. Ook ik ben een verloren zoon.’ Of: ‘Ook ik heb een fear of missing out (angst om iets belangrijks of leuks te missen, red.) én tegelijk een constant sluimerend verlangen om te vluchten voor alles in mijn leven dat een beroep doet op mijn trouw en verantwoordelijkheidsbesef.’ En: ‘Ik hoop dat ik hiervoor iets heb laten zien van wat voor verloren zoon ikzelf ben, van de onrust in mijn eigen hart en van het soort getob … waarmee ik mezelf ook weer erger.’ Eerlijk verwoord, is dit alles, dichtbij de ander – en tegelijk zou ik Segers willen vragen hoe deze positie zich verhoudt tot het appèl uit Romeinen 12 om veranderd te worden door de vernieuwing van onze gezindheid, om niet te gaan in het denkschema van deze wereld.
Met deze persoonlijke vraag aan hem ben ik in lijn met de strekking van zijn essay, dat sterk de aandacht voor de ander bepleit…
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 januari 2020
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 januari 2020
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's