Kerkverdwijning
‘ Eén ding is nodig. En uitgerekend om dat éne lopen we in ons (kerkelijk) beleid en belijden heen.’ Het zijn woorden van de in 1995 overleden theoloog Henk Berkhof. Jarenlang was hij hoogleraar Dogmatiek in Leiden. Kerkhistoricus Eginhard Meijering typeerde hem als ‘ongetwijfeld een van de meest invloedrijke en in het buitenland bekende Nederlandse theologen van de 20e eeuw’. In het recente nummer van Confessioneel/Credo besteedt dr. Jacques Schenderling aandacht aan een artikel dat Berkhof in 1987 schreef. Het is de moeite waard om daarvan kennis te nemen.
Confessioneel/Credo
In een oude jaargang van het tijdschrift Kerk en Theologie stuitte ik onlangs op een intrigerend artikel van de bekende theoloog Hendrikus (Henk) Berkhof over het fenomeen secularisatie. In het artikel is duidelijk te merken dat Berkhof aan het eind van zijn leven worstelde met de vraag hoe het mogelijk is dat Nederland na de oorlog in zo’n hoog tempo geseculariseerd is. Toch eindigt hij zijn artikel met de optimistische stellingen: ‘De vloedgolf van de secularisatie loopt al weer terug’, en ‘De secularisatie is omkeerbaar en haar omkering is reeds begonnen.’
Zijn hoofdwerk Christelijk Geloof werd talloze malen herdrukt en was jarenlang verplichte kost voor alle theologiestudenten. Een kenmerk van dit werk is de optimistische toon: Berkhof ziet allerlei positieve ontwikkelingen in de samenleving (bijv. de democratisering na de Tweede Wereldoorlog, de toegenomen welvaart, de Europese samenwerking) en in de kerk (bijv. de oecumenische toenadering). Dit optimisme is wel verklaarbaar, want Berkhofs kerkelijke loopbaan kwam tot ontwikkeling in de jaren van de Wederopbouw. Ook de kerken maakten in de jaren ’50 en ’60 een bloeiperiode door: nooit eerder werden er zoveel nieuwe kerken gebouwd en werd er zoveel werk verzet door christelijke zorg- en welzijnsinstellingen. Er leek iets tot stand te komen van wat de opstellers van de Hervormde kerkorde van 1951 voor ogen stond, namelijk: ‘De Kerk richt zich in de verbreiding van het Evangelie tot hen, die daarvan zijn vervreemd, om hen terug te brengen tot de gemeenschap met Christus en Zijn Kerk’ (art. VIII, lid 4).
In de jaren ’80 lijkt Berkhof zijn optimisme te zijn kwijtgeraakt. Een voorbeeld daarvan is het artikel dat hij in 1987 in Kerk en Theologie publiceerde onder de titel ‘Weerstand in de godsverduistering’. Dit artikel begint met de geladen stelling: ‘Onze kerk heeft in haar officiële organen de confrontatie met de secularisatie als theologisch probleem ontweken; zij is daardoor een deel van het probleem geworden in plaats van een deel van de oplossing’. Daar staat nogal wat: de leiding van de Hervormde kerk heeft na de oorlog haar plicht verzaakt en daardoor is ze medeschuldig aan de sterk toegenomen secularisatie in Nederland! Verderop komen we op het spoor wat Berkhof de kerkleiding verwijt: ‘de kerk heeft geen weerstand geboden ‘in de boze dag’. Ze heeft haar roeping verzaakt, namelijk ‘God ter sprake brengen in ons leven en samenleven’.
Aan het eind van het artikel vat Berkhof zijn betoog nog eens samen: ‘Eén ding is nodig. En uitgerekend om dat éne lopen we in ons (kerkelijk) beleid en belijden heen.’ De kerkleiding had de leiding moeten nemen in het gesprek over de verhouding tot de nietchristelijke religies, de vormgeving van de pluriforme samenleving, de eigenheid van het huwelijk en de ‘privatisering van de kerken’. ‘De “motivatie” (zoals dat heet) op die terreinen is tot nu toe amateurswerk gebleven. We behelpen ons dan graag met een beroep op de tolerantie als christelijke deugd en vergeten daarbij dat de tolerantie geen element in het Evangelie is, maar alleen een randvoorwaarde ervan. Maar zo ontwijken we wel mooi een botsing met de secularistische machten van onze samenleving’.
Bij deze laatste opmerkingen van Berkhof is wat uitleg nodig. Sociologen definiëren ‘secularisatie’ als de gestage daling van het aantal kerkleden en van de kerkelijke betrokkenheid, en de afnemende invloed van de kerken in de samenleving. Deze meetbare en kwantificeerbare ontwikkeling komt ook tot uitdrukking in een verandering in het mensbeeld waarin steeds meer nadruk wordt gelegd op autonomie en vrijheid en op het bereiken van binnen-wereldse doelen. Voor deze laatste, geestelijke ontwikkeling gebruikt Berkhof net als Martin Buber de term ‘godsverduistering’.
Daarnaast bestaat er volgens Berkhof – en bijvoorbeeld ook volgens de bekende Anglicaanse theoloog Rowan Williams – iets als ‘secularisme’. Daarmee bedoelen ze dat een invloedrijke groep intellectuelen al sinds de Verlichting probeert om religie te weren uit het publieke domein. Volgens deze ideologie hoort religie thuis in de privésfeer en behoren morele en politieke oordelen ‘neutraal’ geformuleerd en beargumenteerd te worden.
Vaak werd deze ‘neutraliteit’ bepleit met een beroep op ‘tolerantie’, zoals Berkhof hierboven signaleert. Omdat de kerkleiding naïef in dit pleidooi voor tolerantie is meegegaan, heeft ze volgens Berkhof haar plicht verzaakt: ‘Zo is het gekomen, dat de kerk, onze kerk, geen weerstand biedt in de boze dag’. Want als de kerk zich niet langer op geloofsargumenten mag beroepen, ‘dan kan de kerk niet anders dan heel bescheiden over een “bijdrage” spreken; en velen vinden dat die bijdrage dan niets nieuws oplevert’.
Berkhof schetst hier een vicieuze cirkel: omdat de kerk zich uit het publieke domein heeft laten verjagen, verliest ze haar relevantie; en omdat ze haar relevantie heeft verloren, kan ze ook haar kerkleden niet langer binden. Berkhof verwijt de kerkleiding dat ze hierin te passief en voorzichtig heeft geopereerd. Het naïef meegaan in het ‘secularisme’ heeft namelijk de ‘secularisatie’ aangewakkerd.
Maar Berkhof zou Berkhof niet zijn, als hij vanuit het geloof en op grond van zijn theologische overtuigingen geen enkel perspectief meer zou zien. De derde en laatste stelling van zijn artikel luidt dan ook: ‘De secularisatie is omkeerbaar, en haar omkering is reeds begonnen. Maar in Nederland is het nog lang niet zo ver’. En hij besluit het artikel met de kloeke woorden: ‘Tot het jaar 2000 zullen wij nog leven in een maatschappij waarin de meerderheid van ons volk denkt God niet nodig te hebben – hoewel ze wel voelen dat het kil en killer wordt. Daartegen hebben wij weerstand te bieden – niet terwille van ons kerkelijk overleven, maar terwille van hun menselijk overleven.’ Intrigerende woorden die tot nadenken stemmen.
Religie hoort thuis in privédomein en de kerk lijkt daarmee in te stemmen, is het verwijt van Berkhof in 1987, en zo bevordert de kerk de secularisatie. Heeft hij geen gelijk? De kerk van nu is een heel andere kerk dan de kerk in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. De volkskerk is ingestort, de theocratische idealen zijn decennia geleden al verdampt, gemeenten verkeren in nood en de preek heeft zijn kracht verloren. Met als resultaat de godsverduistering, zoals Berkhof dat noemde. Hij schreef in 1987 het artikel dat hierboven aangehaald werd en in 1988 was hij de auteur van de nota Kerkzijn in een tijd van Godsverduistering.
Sindsdien blijft het op synodaal niveau stil over de secularisatie. Het heeft geen urgentie. De optimistische Berkhof dacht: het waait wel over. Maar het waait niet over. De tijd van krimp is bijna voorbij, nu begint de tijd van verdwijning. Die signalen komen overal vandaan. Als Berkhof onze situatie had gezien, zou hij niet stil gebleven zijn. Kerkverlating is geen lot dat ons treft. Kerkverlating en secularisatie zijn een gevolg van Bijbelverlating. Wie uitgekeken is op de Bijbel, raakt vanzelf van God en de kerk vervreemd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 2024
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 2024
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's