De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Bijbel vertalen en Bijbelvertalingen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bijbel vertalen en Bijbelvertalingen

9 minuten leestijd

II.

De Vulgata.

Zo ontstond de Vulgata, die van zulk een grote betekenis is geweest en nog is voor de r.k. kerk. Dit werk is een werk van lange adem geworden. Hieronymus werkte eraan van 390-404 en moest daarbij optomen tegen een zeer sterke oppositie; daarbij kwam dat hij nogal prikkelbaar was en een zeer gevoelig man. Hij is één van de grootste Bijbelgeleerden geweest van zijn tijd. In de loop der jaren, is zijn vertaling de authentieke geworden, maar zelf heeft hij dat niet meer beleefd. (Hij stierf in Bethlehem, 72 jaar oud).

Hieronymus en de Septuaginta.

Hieronymus hield zich aan de Hebreeuwse tekst. Met Augustinus, die meer dan eens gecorrespondeerd heeft met Hieronymus en die aanvankelijk of geen antwoord kreeg op zijn brieven, omdat Hieronymus ze niet had ontvangen of een kribbig antwoord zo in de stijl van: laat mij, oude man, toch met rust, is later een bijzonder hartelijke vriendschap gegroeid. Maar aanvankelijk heeft Augustinus het werk van Hieronymus niet kunnen toejuichen. In N. Afrika waren heel wat Grieken en meer dan één merkte óp, hoe de tekst van Hieronymus, dus een nieuwe vertaling van het Oude Testament, in de kerk gelezen werd. Men nam dit niet; men was opgevoed bij de oud-latijnse; die klopte met de Septuaginta. Men klaagde erover, dat men een nieuwe Bijbel had gekregen en Augustinus zat in zorg over beroering in een dienst in Oea (Tripolis), toen de tekst gelezen werd naar de uitgave van Hieronymus. Een andere tekst leefde in de herinnering van de mensen en zovele generaties was deze tekst gelezen! De Grieken hadden een groot aandeel in deze beroering en zij uitten de beschuldiging, dat de woorden vals waren. Men was wel gedwongen van de lezing van de nieuwe vertaling af te zien, uit vrees, dat de bisschop zonder gemeente zou achterblijven. Augustinus was bang, dat heel de kwestie van de nieuwe vertaling van Hieronymus een breuk zou betekenen in de kerk.

Augustinus tegenover Hieronymus.

Welke argumenten vinden wij nu bij Augustinus? Voor Augustinus was de vertaling van de zeventig een Goddelijk werk. Hij ging daarbij uit van het legendarische verhaal, dat de 72 vertalers ieder voor zich bij hun arbeid tot hetzelfde resultaat waren gekomen. Zo gaf God een Goddelijke aanbeveling voor zulk een Goddelijk werk (De Civitate Dei, 1. 18, c 42). Meer dan eens vindt men bij Augustinus het argument: Wie kon zovele autoriteiten veroordelen? Bovendien, zegt Augustinus in een brief aan Hieronymus: Zou er in de Hebreeuwse tekst nog iets te vinden zijn dat aan zovele deskundige vertalers van de Septuaginta was ontgaan? De Septuaginta had dus onbestreden autoriteit voor Augustinus en daarmede de oudlatijnse vertaling, die op de Septuaginta berustte. Wij gevoelen hoe zwak en naïef deze argumentatie van de Kerkvader is. Bovendien meent Augustinus: Als er duistere plaatsen gebleven zijn, dan moet men aannemen, dat ook Hieronymus zich kan vergissen ten aanzien van deze moeilijke teksten.

Ook elders wijst hij het werk van Hieronymus af: Hij kan aan het werk van één man geen voorkeur geven boven dat van velen (de 72), vooral omdat zij door de hogepriester voor deze taak zijn uitgezocht.

Nu wist Augustinus wel, dat er verschillen waren tussen de Griekse vertaling en de Hebreeuwse tekst. Maar dezelfde Geest, die sprak in de profeten, was in de vertalers van de Septuaginta. In verschillen met de Hebreeuwse tekst hebben wij te doen met profetische inspiratie. Dezelfde Geest kan er aan toevoegen of er vanaf doen om te tonen, dat het niet mensenwerk is, maar dat de werkende Geest de vertalers heeft geleid. Wat Hieronymus dan volgens Augustinus doen moet? De oud-latijnse vertaling naar de Griekse vertaling van de zeventig herzien. Maar Hieronymus hield voet bij stuk: het ging hem om de hebraica Veritas, de Hebreeuwse waarheid. De correspondentie tussen Augustinus en Hieronymus komt maar moeilijk op gang; eerst later is er over en weer vriendschap en verering. De bisschop van Hippo bewonderde de grote geleerdheid van Hieronymus en hij heeft niet gerust voordat alle misverstanden uit de weg waren geruimd.

Hieronymus verdedigt zich.

Hoe heeft Hieronymus zich nu verdedigd? Hij had ook een kritische vertaling van de Septuaginta gegeven. Nu had Augustinus op deze wijze geargumenteerd: Als de Septuaginta klaar is, waarom is het dan nodig opnieuw te beginnen? Als zij onduidelijkheden bevat, kan men het dan beter doen dan de ouden? Hieronymus antwoordt hierop: Als dit beginsel waar is, dan zou niemand het meer wagen tegenover vroegere opvattingen een eigen mening erop na te houden en als iemand zich op een thema had geworpen, dan zou niemand meer gerechtigd zijn daarover te schrijven. Hieronymus verdedigt zijn nieuwe vertaling van de Graeca. Hij heeft die gemaakt opdat ieder zou weten, wat in de Hebreeuwse grondtekst staat. Wie zijn vertaling niet lezen wil, wel hij zal niemand daartoe dwingen! Wij hebben er niets van onszelf bijgevoegd, maar de heilige tekst, zoals wij die bij de Hebreeën gevonden hebben, vertaald. Als gij eraan twijfelt: Vraag het aan de Hebreeën." — Augustinus' antwoord is een voorbeeld: niet altijd en overal komt de rabies theologorum voor (de woede der godgeleerden)! Hij wil naar zijn beste krachten laten zien, dat men elkaar kan tegenspreken zonder dat de liefde er onder lijdt. En hij voegt er de fijne opmerking aan toe: Hoewel de waardigheid van bisschop hoger is dan die van priester (Hieronymus is priester, Augustinus bisschop), in vele opzichten staat Augustinus beneden Hieronymus. Een woord dat geheel in overeenstemming is met het leven van de man, die zoveel over nederigheid en ootmoed sprak en schreef!

De Hervorming en de Septuaginta.

Wij zijn nu vele eeuwen verder. Wat vindt men nu van de Septuaginta en de Vulgata? De Hervorming heeft de apocriefe boeken niet erkend en heeft zich gehouden bij de hebraica Veritas. Ook een Bijbelvertaling als vertaling valt onder het woord van de Ned. Geloofsbelijdenis dat het een menselijk geschrift is en dat vandaar dus beroep mogelijk — en noodzakelijk soms — is op het Woord van God, zoals dat tot ons is gekomen in de H. Schrift in de grondtalen. Vandaar de grote betekenis van de studie der oude talen voor de theologen der Hervorming. Vandaar ook geen vertaling van een vertaling; dat kon alleen een noodoplossing zijn, maar noodzakelijk was „een vertaling uit de oorspronkelijke talen, getrouwelijk overgezet". Dat neemt de betekenis noch van de Septuaginta noch van de Vulgata weg, maar een bijzondere inspiratie van deze vertalingen kan niet worden aanvaard.

R.K. theologen en de Septuaginta.

In de r.k. kerk bleef de gedachte van een goddelijke autoriteit van de Septuaginta gehandhaafd, totdat in de 18e eeuw deze gedachte steeds meer terrein verloor. Het is merkwaardig, dat in de vijftiger jaren en daarna opnieuw of over de inspiratie van de Septuaginta geschreven wordt door r.k. theologen. Men wees op een woord b.v. van Clemens van Alexandrië, die de Griekse vertaling een profetie in het Grieks noemde, geschreven voor de Grieken. Wij zouden hier te doen hebben met een bijzondere leiding des Geestes om te zorgen, dat de apostelen een taalkundig instrument te hunner beschikking hadden in de tijd van het Nieuwe Testament. Bovendien wees men er op — en dat is niet te ontkennen — dat men in de vertaling van de zeventig niet een vertaling heeft zonder meer, maar met 'n aanpassing van de tekst. Barthélémy spreekt ervan, dat het Oude Testament in Alexandrië rijp geworden is. En Seeligmann, van uit een geheel andere gezichtshoek, wees (1940) op de actualisering en hellenisering van het Oude Testament in de Septuaginta. Men moet deze vertalers zien als auteurs, zegt men, die de tekst in zekere zin herscheppen. De Septuaginta is meer dan een andere vertaling van de Bijbel. En als men dan wijst op de verschillen en soms de fouten, die in de Septuaginta gevonden worden? Wel zegt men: Inspiratie heeft ook niet de bedoeling te stellen, dat daardoor de schrijvers op alle gezichtspunten onfeilbaar en volmaakt zijn, maar de inspiratie maakt van hen geautoriseerde getuigen van het Woord Gods door de boodschap zelf, die zij op schrift stellen. — Deze argumentatie is voor ons een waarschuwing. Hier is een andere gedachte van inspiratie aan het woord dan in onze belijdenis wordt gevonden. Dat bij een pleidooi voor de vaststelling van de inspiratie van de Septuaginta heel de zaak van de traditie van grote betekenis is lijkt mij buiten kijf.

De protestant aanvaardt geen authenticiteit van enige Bijbelverklaring.

De Vulgata na het concilie van Trente.

En wat de Vulgata betreft: De oudlatijnse vertaling is door de nieuwe vertaling van Hieronymus volkomen weggedrongen. Op het concilie van Trente, dat van den beginne een sterke spits tegen de Hervorming had heeft men verklaard, dat de Vulgata, die door het lange gebruik van zo vele eeuwen door de kerk is goedgekeurd, als authentiek moét worden beschouwd in openbare voorlezingen, disputaties en in de prediking. Over de juistheid van de vertaling werd niets gezegd. Op grond hiervan is een uitgave van de tekst van de Vulgata verzorgd, eerst door Sixtus V, later de Clemtina onder Clementinus VIII (1592). Ook in deze tekst kwamen onjuistheden voor. Vanuit kritisch oogpunt erkent de r.k. theologie dat men beter een moderne vertaling kan nemen op grond van de Hebreeuwse tekst. Maar wat betekent dan de uitdrukking authentiek van het concilie van Trente? Op het eerste concilium Vaticanum is hierover verklaard, dat „de boeken van de Vulgata met al haar delen canoniek zijn, niet omdat zij door vlijtige mensen vervaardigd zijn of door de kerk geapprobeerd zijn of openbaring bevatten, maar omdat zij, door de inspirerende Heilige Geest geschreven. God hebben tot auteur en als zodanig aan de kerk zelf zijn overgeleverd. Ten aanzien van de uitdrukking authentiek van het concilie van Trente heeft Paus Pius XII verklaard, dat deze authenticiteit niet zozeer kritisch is als wel juridisch, d.w.z. de Vulgata is absoluut vrij van dwaling wat betreft het geloof en de zeden. Officieel is dus daarmede erkend, dat de Vulgata, die zovele eeuwen door gebruikt is, als vertaling niet het laatste woord heeft, ondanks het grote gezag, dat door het concilie van Trente en het eerste concilium Vaticanum aan deze vertaling is toegekend. Daar men algemeen overtuigd was van een noodzakelijke revisie van de Latijnse vertaling, die op de hoogte zou zijn van de huidige theologische wetenschap, is een pauselijke Vulgata-commissie in het leven geroepen, die een nieuwe kritische uitgave van de Vulgata voorbereidt en waarvan een eerste deel in 1926 verscheen. (In 1964 waren reeds 10 delen uitgekomen, bevattende de boeken Genesis tot de Psalmen).

Wat het verleden betreft laat ik het hierbij. In latere tijd vinden wij zelfde gevoelens en gevoeligheden, zelfde argumenten vóór en tegen, van Luther af tot nu toe.

Over het heden een volgende keer.

Utrecht, H. Bout.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 oktober 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Bijbel vertalen en Bijbelvertalingen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 oktober 1966

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's