Viering en vrucht (1)
Terecht wordt er onder ons nadruk gelegd op de prediking van het Woord! Het geloof is uit het gehoor, en het gehoor door het Woord Gods.
De prediking wordt door de Heere als een middel gebruikt om Zijn Kerk te vergaderen. Een groot wonder is en blijft dat 'mannetjes uit het stof verrezen' met dit middel werkzaam zijn. Dat schenkt ze aan de ene kant vreugde, aan de andere kant dragen zij een grote verantwoordelijkheid.
Als eerste noemde ik: vreugde. Als God roept tot de verkondiging van Zijn Woord is dit een geschenk. Met name een geschenk van Hem wordt niet alleen in dankbaarheid aanvaard, doch ook met vreugde. Trouwens, als de Heere roept tot het bijzondere ambt van dienaar des Woords, geeft hij er de vreugde bij.
Men hoort mij niet zeggen, dat er altijd vreugde is. Soms kan men ook wel eens onder de last van het geroepen zijn tot het voortreffelijk ambt gebogen gaan. Niettemin wordt er toch ook vreugde in gevonden. En wat zeker is: de Heere vernieuwt die vreugde steeds weer.
Naast de vreugde over de roeping van Godswege om het Woord te verkondigen is er de verantwoordelijkheid. Déze kan zwaar op de schouders van een predikant drukken. Het is geen kleinigheid als men bedenkt dat de Heere allen aan zijn handen toevertrouwt die onder de prediking komen. Soms kunnen dat er honderden en nog eens honderden zijn. Allen horen het Woord. Maar gebeurt er bij allen wel iets? Landt het gepredikte Woord bij ouderen en jongeren? Kan de Heilige Geest het Woord dat wordt uitgedragen gebruiken? Het zal duidelijk zijn dat aan de verkondiging van het Woord door een dominee alle aandacht besteed moet worden. De prediking wordt als eerste in zijn beroepsbrief aangegeven. Het moet het eerste en voornaamste blijven!
God en de gemeente hebben er recht op dat de prediking werkelijk verkondiging is. Daarom moet er van de prediking werk gemaakt worden. De Heilige Geest móet ermee aan het werk kunnen in het hart van jongeren en ouderen.
Natuurlijk, de Heilige Geest kan met een kromme stok een rechte slag toebrengen. Maar nergens lees ik in de Schrift dat een prediker een kromme stok moet hanteren. Met andere woorden: men bedroeft de Heilige Geest als er niet alle aandacht wordt besteed aan en alle werk wordt gemaakt van de prediking.
Nogmaals: het geloof wordt gewerkt door het gepredikte Woord.
Vanwege het belang van de verkondiging ziet men in de meeste kerken de kansel dan ook in het midden staan. Het Woord heeft daardoor een ere-en een eerste plaats. Dat is zo en dat moet zo blijven. Alleen... in de kerk is er niet slechts het gepredikte Woord. Er gebeurt meer dan alleen de verkondiging.
Van tijd tot tijd vindt er de viering en bediening van het sacrament plaats. Er worden kinderen gedoopt, er wordt avondmaal gevierd. Niet 'zomaar' spreken wij over 'de aanklevende bediening van de sacramenten'. Soms is het zelfs te zien, hoe Woord en sacramenten wel te onderscheiden zijn, doch niet van elkaar te scheiden. In sommige kerken zit de doopschaal vastgeschroefd aan de kansel. Weliswaar onder het Woord, maar er dan toch heel nauw aan verbonden.
Hetzelfde geldt voor de Avondmaalstafel. Zij mag dan voor de kansel staan, maar dan toch zo dicht mogelijk bij de kansel. De eenheid van Woord en sacramenten komt op deze wijze tot uiting. Onderscheiden, doch niet gescheiden. De prediking als eerste, maar dan direct daarmee verbonden de beide sacramenten.
Over één van de sacramenten, nl. het Heilig Avondmaal wil ik in een aantal artikelen het een en ander schrijven.
Ik ben mij bewust dat er over dit onderwerp reeds veel geschreven is. Artikelen en boeken daarover zijn rijkelijk voorhanden. Daaronder vindt men voortreffelijke werken, waarheen ik direct zou kunnen verwijzen om die te lezen. Daarop afgaande is het niet nodig om een aantal artikelen te schrijven.
Toch wil ik het op verzoek van onze eindredacteur graag doen, omdat de pastorale vragen rondom het Heilig Avondmaal groot in aantal zijn. En wellicht kunnen er lezers geholpen worden die met vragen dienaangaande zitten.
Naast de vragen en de problemen die verband houden met de viering van het Heilig Avondmaal, wil ik ook ingaan op de inhoud van de viering alsmede de vruchten die, erop behoren te volgen. Bij vruchten denk ik dan aan de uitwerking van het avondmaal naar elkaar als gemeente, doch ook naar de samenleving.
Voldoende stof om een aantal artikelen te schrijven. Zoals bekend doe ik dit op een pastoraal-meditatieve wijze.
Geschenk van God
Evenals de doop is het avondmaal een geschenk van God! De Heere heeft het niet bij Zijn Woord als het ene geschenk gelaten. Hij heeft er twee geschenken aan toegevoegd. Met welk doel? Opdat wij des te beter Zijn beloften zullen verstaan.
Beide sacramenten, doop en avondmaal, onderstrepen de beloften Gods. Op een wel heel mooie wijze geeft de Heidelberger antwoord op de vraag: 'Wat zijn sacramenten? ' In zondag 25 van de Heidelberger lezen wij: 'De sacramenten zijn heilige zichtbare waartekenen en zegelen van God ingezet, opdat Hij ons door het gebruik daarvan de belofte des Evangelies des te beter te verstaan geve en verzegele; namelijk, dat Hij ons vanwege het enige slachtoffer van Christus, aan het kruis volbracht, vergeving der zonden en het eeuwige leven uit genade schenkt.'
Nu zijn déze geschenken (de sacramenten) ervoor bestemd om gebruikt te worden.
In het dagelijkse leven komt het wel voor dat men een geschenk ontvangt waarmee men weinig kan doen. Het kan er mooi uitzien, doch functioneel is het niet. Zo n geschenk zetten wij dan meestal in de kast. Mooi om te zien, maar als gebruiksvoorwerp heeft men er niet veel aan. Let wel: alzo is het niet met de sacramenten. Zij zijn door Christus ingesteld om te gebruiken.
Het is niet dan tot schade van het geestelijk leven als men ze niet gebruikt. Eenvoudiger gezegd: men doét zichzelf ernstig tekort.
Een andere zaak is dat wij de zichtbare prediking van de sacramenten zo nodig hebben.
Versterkt wordt door doop en avondmaal wat de Heere in ons leven heeft gewrocht. Men moet dan toch wel dwaas zijn om te minachten of te kleineren wat de Heere in de sacramenten wil geven. Men onthoudt zich bemoediging, vertroosting, kracht etc!
Onderschat — overschat
Nog iets anders is er in dit verband op te merken. Hoewel men belijdt dat beide sacramenten een geschenk van God zijn, wordt het ene sacrament soms overschat, terwijl het andere wordt onderschat.
In de christelijke gemeente laat wel een ieder zijn kind dopen. Ongedoopt door het leven gaan — zo denkt men — dat kan niet. Inderdaad, dat kan ook niet. Een ieder behoort gedoopt te zijn. Echter... als het om het avondmaal gaat, ziet men heel iets anders. Zo gemakkelijk als men een kind laat dopen, zo gemakkelijk blijft men soms weg van de avondmaalstafel. Zelfs gebeurt het wel dat een groot deel van de gemeente thuisblijft of elders ter kerke gaat als het avondmaal gevierd wordt.
Ik schreef dat het ene sacrament overschat, het andere onderschat wordt. Misschien moet men als men nadenkt toch ook van het sacrament van het avondmaal zeggen dat het overschat wordt, doch dan in negatieve zin.
Voor de doop — zo wordt er gezegd — behoeft men niets te hebben, maar voor het avondmaal is het wel nodig dat er in ons iets is.
Het is wellicht kras uitgedrukt, maar ik weet wel zeker dat men zonder de Heere zijn kinderen niet kan laten dopen en dat men zonder de Heere ook geen avondmaal kan vieren. Want wordt het sacrament van de heilige doop door ons rein gehouden als wij onze kinderen laten dopen zonder een levende band met de Heere? Ik denk het niet!
Wij moeten derhalve de sacramenten onderscheiden, doch beide in het geloof gebruiken. En wanneer dit gebeurt, zal men de Heere alleen maar dankbaar kunnen zijn dat Hij naast Zijn Woord de sacramenten heeft gegeven.
Overbelast
Terecht heeft ooit eens ds. L. Blok opgemerkt dat de sacramenten overbelast zijn.. Wanneer wij aan overbelasting denken, denken wij onwillekeurig aan een te zwaar gewicht. Welnu, wij hebben wel eens te zware gewichten gehangen aan de sacramenten tengevolge waarvan er sprake is van overbelasting.
Maar wat is dan het te zware gewicht, dat wij eraan gehangen hebben? Dat wij
nadruk leggen op wat de mens doet. De menselijke kant staat als het ware centraal. Niet wat ons in de sacramenten van Boven naar beneden wordt geschonken, maar wat de mens van beneden naar Boven moet brengen.
Laat ik het maar direct neerschrijven: als men alleen ziet naar wat de mens doet of móet doen, schiet men altijd tekort, eeuwig tekort. Menig ouder zal bij het volwassen worden van zijn kinderen zeggen: 'Van de doopbelofte heb ik niet veel terechtgebracht.'
Ook zal menige Avondmaalganger na de viering van de tafel van het nieuwe Verbond zeggen dat de vruchten van het nieuwe leven nog zo weinig worden gehoord en gezien.
Het komt zelfs wel voor dat er helemaal geen vruchten zijn na de viering. Op de oorzaak ga ik later in.
Het gaat er mij nu om, dat wij voorzichtig moeten zijn om de sacramenten te overbelasten naar wat de mens doet.
Niet wat wij doen of nalaten is het voornaamste! Zelfs niet eens de gesteldheid van ons hart is het belangrijkste. Daarmee is niet gezegd, dat het niet van belang is, hoe men de sacramenten ontvangt en gebruikt. Zij dienen altijd in het geloof gebruikt te worden.
Maar waarom gaat het ten diepste in de sacramenten? Wat wordt daarin verzegeld? Niet onze genade-staat wordt daarin verzegeld, maar de Heere verzegelt daarin Zijn beloften. Hij zet een streep onder Zijn eigen werk. Van Zijn werk mogen wij leven. Anders gezegd: Zijn werk doet ons delen in Zijn heil. Misschien dat ik mij dogmatisch uitdruk, doch zo is het zeker niet bedoeld als ik stel dat onze genade-staat een gevolg is van Zijn werk. Het gaat in het Woord en in de sacramenten allereerst om Gods eigen werk, waarin wij delen. Wat zeker is: als er méér op God en Zijn werk wordt gezien, krijgen de sacramenten een rechte en een echte plaats in ons leven. Wanneer wij daarentegen altijd op onszelf zien, komen èn het Woord èn de sacramenten er bekaaid af in ons leven. Het is bepaald niet tot eer van God! Een volgend keer wil ik Calvijn en Teellinck over het Avondmaal laten spreken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 november 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 november 1995
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's