De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Aangeraakt door een tekst

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Aangeraakt door een tekst

Dogterom sr.: God werkt door het lezen van de Bijbel

7 minuten leestijd

Welke plaats neemt de Bijbel in het leven van de familie Dogterom uit Oude Tonge in? Vader Jan, zoon Paul en kleindochter Adriënne spreken erover in ‘In de familie’, de interviewbundel die volgende maand naar aanleiding van de uitgave van de HSV verschijnt. Een voorpublicatie.

I n de tijd dat de familie van Zoetermeer naar Oude Tonge vertrok, was Paul een puber. Geen gemakkelijke tijd, zegt hij zelf. ‘De wereld trok. Ik liep met vragen: Wat is nu waar, ís de Bijbel wel waar? Ik zag dat God realiteit was in het leven van mijn vader en moeder. Dat Hij bestaat, ervoeren ze in hun leven; God was echt aanwezig. Hij is een heilig God, maar ook een Vader die voor je zorgt. Dat is voor mij heel belangrijk geweest. Als God voor mijn ouders alleen te maken had met een boek, met ken-

nis, dan zag mijn leven er vandaag misschien anders uit. (…) Achteraf zie je de dingen die in je leven gebeurd zijn als de bewarende hand van God: het gebed van mijn ouders, dat ik mijn vrouw leerde kennen, andere dingen die gebeurden. Hoe ouder ik werd, hoe meer ik ontdekte hoe belangrijk bidden is, praten met God. Hij leidt de dingen. Als je terugkijkt, zie je veel tekorten bij jezelf. Maar ik wist altijd wel dat er voor me gebeden werd.’

Openbaar

Jan: ‘Als ouders kijk je of er bij je kinderen iets van de Heere openbaar komt. Als dat zo is, geeft dat een diepe vreugde. Zelf ben ik in mijn verkeringstijd tijdens de preek van een confessionele predikant tot nadenken gekomen. Je moest geloven en vertrouwen, zei hij. Dat sloeg bij me in, want ik had níets. Het was een accent dat we als hervormd-gereformeerden niet zo hoorden, maar ik had het nodig. Dat er meer is dan alleen vertrouwen, hoorde ik weer in Zoetermeer: de Heere schenkt het door het werk van de Heilige Geest.

Ik mocht ook aan het avondmaal. Dat gebeurde voor het eerst na een preek over Mefiboseth, de kleinzoon van Saul. De predikant zag de geschiedenis geestelijk: door het werk van de Heilige Geest. Om Jonathans wil nodigde koning David Mefiboseth aan zijn tafel. Ik kon niet meer blijven zitten. Vier maanden later was het weer avondmaal, dat gaf me veel spanning. Ik bad of God nog een keer wilde spreken. Bij de laatste tafel vroeg de gastpredikant: ‘Zijn er nog Mefiboseths? ’ Van die tijd af heb ik trouw willen zijn in het onderhouden van het sacrament. De Heere vraagt om overgave. Ik vind het een troost dat in het avondmaalsformulier staat dat het sacrament is voor wie middenin de dood ligt en het leven buiten zichzelf in Christus zoekt. Niet hééft maar zóekt.’ (…)

Naar buiten komen

Toen hun kinderen ouder werden, kozen Paul en zijn vrouw Anne er bewust voor om ’s winters wekelijks twee of drie avonden thuis te zijn. ‘We drinken koffie en lezen op de bank de krant of iets anders. Je kunt niet tegen je kinderen zeggen: ‘Ga eens zitten, ik wil nu dit of dat aan je vertellen.’ Dat werkt niet, je merkt dat kinderen ineens met een vraag komen. Op zaterdagavond bijvoorbeeld, als het wat later wordt. Daarom proberen we tijd voor hen te hebben en gelegenheden voor een gesprek te creëren. Als er rust is, kan dat op gang komen. Praten hoeft niet, maar kan wel. Er zijn vaak vragen die onderhuids leven, waar kinderen over nadenken. Wanneer moeten die naar buiten komen als je altijd werkt, op visite bent of visite hebt? ’ (...) Toen wij ouder werden, waren de gesprekken over wat bijbels was en wat niet er zeker. Niet speciaal rond de maaltijden, maar lopende weg kwamen allerlei onderwerpen langs. We wisten wat onze ouders van allerlei dingen vonden. We gingen niet speciaal aan tafel zitten om eens over het christelijke huwelijk te praten, maar je wist wel dat het belangrijk was wat voor vrouw je kreeg. Dat was geen jurk die je zo weer in de kast kon hangen. Dat je een geestelijke band met de ander zou hebben, werd belangrijk gevonden. We moesten niet denken dat je de ander gaandeweg wel zou bekeren tot het christelijk geloof. Mijn ouders vonden dat een hoogmoedige gedachte.’ (…)

Bijbeltekst

Als het gaat over bijbelteksten, dan is een bepaald vers een belangrijke rol in het leven van Paul gaan spelen: ‘Zijt getrouw tot de dood en Ik zal u geven de kroon des levens.’ ‘Het zijn de woorden die ik meekreeg toen ik, samen met mijn vrouw, belijdenis van het geloof aflegde. Ze zijn door de tijd heen steeds meer voor me gaan leven. Toen ik 28 was, stond ik kandidaat voor ouderling en moest ik een beslissing nemen. Hoe krijg je duidelijk of dat jouw plek is? Die zondag preekte een onbekende dominee over: ‘Zijt getrouw tot de dood

en Ik zal u geven de kroon des levens.’ Dat was weer een belijdenis. In die periode was het een vers dat leefde. Het gaat erom dat je trouw bent in de gemeente, op de plek waar de Heere je gesteld heeft. Ook als je het niet helemaal naar je zin hebt onder de preek. De tekst speelde ook in de tijd van de vorming van de Protestantse Kerk. Ondanks alle bezwaren die ik daartegen had, was voor mij duidelijk dat ik niet uit de gemeente weg kon. Zolang ik hier mijn geloof mag belijden, roept de Heere mij om trouw te zijn op mijn plaats, ook als ambtsdrager.’

Adriënne: ‘Het bijzondere is dat ik tegelijk met tien anderen belijdenis van het geloof aflegde, in een periode dat onze gemeente geen eigen predikant had. Ieder kreeg een andere tekst mee. Wat was mijn tekst? ‘Zijt getrouw tot de dood en Ik zal u geven de kroon des levens.’’

Opmerken

Jan: ‘Daar moeten we niet langsheen leven. Opmerken is beter dan brandoffers. Ik ben altijd bewogen als ik zie dat de Heere van geslacht op geslacht werkt. Mijn vader was aan het dementeren maar nog bad hij voor zijn kinderen en kleinkinderen. En hebben we geen biddende Hogepriester? Het is belangrijk dat we trouw zijn, omdat de Heere werkt door het omgaan met het Woord. Als je een probleem hebt, leg dat dan voor de Heere neer. Dan moet het natuurlijk niet zo zijn dat je er eens om bidt en er daarna niet meer aan denkt. Ik herinner me dat de notaris de erfenis wilde verdelen nadat vader overleden was maar moeder nog leefde. Ik las die dagen in Spreuken: ‘Als een erfenis in het eerste verhaast wordt, zo zal haar laatste niet gezegend worden.’ Niet doen dus. Als je zorg een gebedszaak voor je is, geeft de Heere vroeg of laat in de gang van het lezen antwoord.’

Paul: ‘Het is niet gewoon om concreet Gods aanraking met een tekst mee te maken. Toen we onze oudste lieten dopen, vroeg ik me af: Hoe kan ík nu laten dopen? Je leert dat de Heere begint, dat het de verbondstrouw van God is. Het ‘wie ben ik? ’ speelt ook als je kinderen opgroeien. Het is niet gemakkelijk om kinderen op te voeden. Hoe ver moet je ze laten gaan, wanneer moet je verbieden ­– dat is een zoektocht. De Heere zal het bloed van je kinderen eens van jouw hand eisen.’

Dezelfde dingen

‘Het bijzondere in de Bijbel vind ik dat God je telkens weer wijst op je zonden en op vergeving. Het valt me iedere keer weer op dat de begeerten van mensen in de bijbeltijd en nu, in een heel andere setting en andere cultuur, zo vergelijkbaar zijn. We zijn hetzelfde en doen dezelfde dingen. Zondagavond hoorden we een preek over David, over wat in zijn gezin gebeurde: het overspel met Bathseba, de zoon die de dochter verkracht, raadsheer Achitofel die meegaat in het kwaad. Ieder is op zichzelf gericht, op zijn lusten, op rijkdom, en dat is bepalend voor de mensheid van alle tijden. Wat zeggen wij van iemand die doet als David? Veroordelen we niet snel en voor altijd? God vergeeft David, omdat hij in zijn zonden weer God zoekt. Moeten wij ook niet meer vergevingsgezind zijn naar medechristenen? (…)’

Tineke van der Waal

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 2010

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's

Aangeraakt door een tekst

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 2010

De Waarheidsvriend | 28 Pagina's