De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Hulpdiensten beperken

Bekijk het origineel

Hulpdiensten beperken

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

In De Waarheidsvriend van 30 januari waarschuwt dr. P. van den Heuvel tegen het besluitvoorstel van de synode om hulpdiensten te beperken tot een periode van hooguit twee jaar en noemt het voorstel ‘onbegrijpelijk’. Is zijn zorg terecht? Het voorstel heeft forse consequenties voor de bestaande praktijk van veel gemeenten, die gebruik maken van de diensten van emeritus predikanten en bedreigd worden in hun voortbestaan. Wij willen een andere kant van de zaak belichten met een voorbeeld vanuit onze lokale praktijk.

In 2010 telt de protestantse gemeente Enschede zeven wijkgemeenten. De algemene kerkenraad draagt verantwoordelijkheid voor 5,5 zondagmorgendienst per week. In deze gemeente is 3 fte predikantsformatie werkzaam. De wijken worden door parttime predikanten bediend, die in meerdere wijken werken. Zo wordt de krimp ‘eerlijk’ verdeeld over de wijken. Niemand had hier een probleem mee. De consequenties van deze versnippering waren echter dat er 286 ‘preekbeurten’ waren, waarvoor er 178 keer gastvoorgangers nodig waren.

De wijkgemeenten realiseerden zich dat de continuïteit van de eredienst onder druk kwam te staan met zoveel gastvoorgangers: het is moeilijker met doorgaande lezingen te werken en de wijkgemeenten konden nauwelijks een eigen ‘kleur’ geven aan de eredienst. Dit ging uiteindelijk ten koste van de geestelijke opbouw van de gemeente.

Waar Enschede lang dacht dat het inzetten van gastvoorgangers dé oplossing was voor het probleem, ontdekte men dat dit veeleer een bestendiging was van een dieperliggend probleem: te kleine wijkgemeenten. Tegelijkertijd waren deze wijkgemeenten zozeer op hun eigenheid gesteld dat samenvoeging geen optie leek. Echter, door de keuze om niet samen te gaan, werd die ‘eigenheid’ op wezenlijke punten ingeleverd door de vieringen meer en meer over te laten aan willekeurige gast-voorgangers.

Landelijk zien we ook dat gemeentes gestaag kleiner worden. De tussenrapportage ‘Lichter verkend’ wijst erop dat juist voor kleine gemeentes zelfstandigheid een groot goed is. Zij pleit echter voor samenwerking. Niet ‘om het met elkaar nog een poosje vol te houden’, maar om ‘op de eigen plek betekenisvol te zijn, gericht op de bloei van iedere geloofsgemeenschap. Onzes inziens wordt ‘eigenheid’ te gemakkelijk als drempel opgeworpen, die vruchtbare bloei van gemeenten door middel van samenwerking ernstig belemmert.

In plaats van nog langer te kiezen voor lapmiddelen die het echte probleem ontkenden, heeft Enschede gekozen voor beleid waarin de problemen realistisch onder ogen werden gezien. De ingrijpende keuze was dat alle wijkgemeenten hun eigenheid moesten loslaten, hun eigen kerkgebouwen, en ook hun ‘heilige huisjes’. In 2015 gingen zij samen in één vernieuwbouwd kerkgebouw. Dat besluit is niet zonder zegen gebleken. Uit de opbrengst van de losgelaten gebouwen kon veel geïnvesteerd worden in de nieuwe kerkruimte. De nieuwe ervaring van ‘samen’ bleek een grote bron van nieuw kerkelijk elan. Vooral konden geloofsinhoudelijk krachten gebundeld worden: een team van vier predikanten bouwt nu met vele vrijwilligers aan de gemeente. De zondagochtenddiensten worden verzorgd door dit team, dat voldoende diversiteit bezit om de ‘brede’ gemeente te kunnen dienen. Er zijn geen gastpredikanten meer nodig, waardoor er sprake is van sterke continuïteit en structurele geloofsopbouw. Ook de andere velden van het gemeenteleven komt deze krachtenbundeling ten goede: pastoraat, toerusting, organisatie en bestuur, jeugdwerk, diaconie. Mutatis mutandis is de structurele inzet van gastvoorgangers in Enschede te vergelijken met het structureel inzetten van pastorale hulpdiensten in kleine en langdurig vacante gemeenten. Al te vaak is deze constructie niet de oplossing van een probleem, maar een bestendiging ervan. Mogelijk zelfs een versterking. Als een vacature meer dan twee jaar duurt, is er soms meer aan de hand in de gemeente. Als een vacature feitelijk eindeloos is, is hij in werkelijkheid geen vacature, maar zijn er ingrijpender maatregelen nodig om een gemeente bij haar roeping te houden als kerk in deze wereld te bloeien. Veel gemeenten zijn zeer klein geworden, terwijl tegelijk de weg van samengaan angstvallig wordt gemeden. Als dan gekozen wordt voor langdurige ‘hulpdiensten’, wordt het probleem op den duur alleen maar groter en lastiger oplosbaar. Of er werkelijk een predikantentekort zal ontstaan, is niet duidelijk. Het is echter niet het synodevoorstel dat tot problemen leidt. Het werkelijke probleem is dat kwetsbare gemeentes hun eigenheid als drempel opwerpen om samen te werken tot opbouw van de kerk. De synode kiest voor eerlijkheid en onze ervaring is dat op een dergelijke eerlijkheid Gods zegen zal rusten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juni 2020

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

Hulpdiensten beperken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juni 2020

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's