De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

PiO

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

PiO

4 minuten leestijd Arcering uitzetten

Geloof me maar: vroeger was alles beter. Vroeger, toen een PiO (deze oneerbiedige afkorting staat voor Predikant-in-Opleiding) nog een vicaris was.. Ik kan erover meepraten, ik was er zelf zo een. Als beginnend theologiestudent kwam je binnen bij de universiteit. Wij traden in Utrecht aan met een groep van 110 eerstejaars studenten in de theologie. Rijksuniversiteit, wel te verstaan. Dat was in 1978. Vier jaar later deed je kandidaatsexamen. Of vijf jaar later. Of nog iets later…. Dan was je kandidaat. Dat gaf toegang tot de kerkelijke opleiding. En je kon alvast op zondag gaan preken.

In je eerste gemeente

Als je tot zover gekomen was, had je eigenlijk nog nooit een persoonlijk gesprek gehad met een docent. Laat staat dat ooit iemand aan je had gevraagd wat je nu eigenlijk zelf geloofde. Je had nauwelijks een idee hoe een kerkelijke gemeente in elkaar steekt. Maar dat werd opgelost door het vicariaat: tien (!) weken lang mocht je met een oudere predikant meelopen om te kijken hoe het predikantschap werkt.

Als je in je eerste gemeente – een slaperig dorpje ergens aan de randen van de wereld, met een rustieke pastorie – bevestigd werd als predikant, wist je dus niets. Dat wist je zelf nog niet, maar de kerkenraad wist dat allang. Wijze ouderlingen stonden klaar om de kandidaat binnen vier jaar om te vormen tot een predikant. Jij was de zoveelste in de rij. Zulke gemeenten werden ‘kandidaatsgemeenten’ genoemd. Ze verdienen veel lof. Ze hebben veel betekend voor de kerk.

Stage

Dat is alles vergane glorie. Wie predikant wil worden, moet eerst ergens een bachelor behalen. Vervolgens moet je naar de Protestantse Theologische Universiteit (PThU). Je kunt daar in nog eens drie jaar de Master Predikantschap volgen. Het aantal theologiestudenten dat zich inschrijft, is gedecimeerd in vergelijking met 1978. Vanaf dag één ben je persoonlijk in beeld bij de docenten. Het geloofsgesprek is onontwijkbaar.

Het laatste jaar van de masteropleiding bestaat uit stages. Je wordt gedetacheerd in verschillende gemeenten. Je bent nu PiO. Elke handeling die je verricht in je stagegemeente, moet je documenteren. Je moet erop reflecteren. Je wordt beoordeeld op je competenties. Je moet werken aan jezelf. Hoe integreer jij persoon en ambt op een integere manier?

Begeleider

Ik ben deze dingen aan de weet gekomen, doordat ik een cursus heb gevolgd bij de PThU. Hierdoor mag ik begeleider zijn van een PiO. De sfeer was goed. Alle collega’s zijn dankbaar dat ze met een volgende generatie predikanten iets mogen delen van de moeite en de zegeningen die het predikantschap met zich brengt. Het is een mooie dienst aan de kerk. En de PiO houdt je een spiegel voor: waarom doe je de dingen zoals je ze doet?

Ik vraag nu even wat extra aandacht voor de PiO’s omdat dit jaar hun stage in het water dreigt te vallen, zoals dat met zovele andere stages ook het geval is. Hoe kun je de praktijk van het gemeenteleven leren kennen als er corona is? De PThU doet er alles aan om toch tot een goede afronding te komen.

Tactisch bijsturen

Kandidaatsgemeenten bestaan niet meer. Gemeenten die geduld met je hebben en je ruimte geven om fouten te maken, zijn er niet veel meer. Ouderlingen die je een beetje laten rommelen en je dan vervolgens liefdevol en tactisch bijsturen, ze zijn zeldzaam.

Stille dorpjes achteraf, zonder grotestedenproblematiek, ze bestaan niet meer. Het leven is geagiteerd, overal. Beginnende predikanten worden in het diepe gegooid.

Voorbede

Vroeger alles beter? Alles was in ieder geval ánders. De wereld waarin we kerk zijn, is uiterst complex. Mensen zijn stuurloos. Er zijn meer dan ooit evangelieverkondigers nodig, die Gods Woord weten te vertolken in de huidige situatie. Voorbede gevraagd! Dat God ons steeds nieuwe verkondigers zendt, mannen vol van de Heilige Geest, broeders die psychisch stevig op hun benen staan en bovenal innerlijk verankerd zijn in de Schriften. Voorbede, ook in de zondagse eredienst: voor de docenten en hoogleraren die nieuwe predikanten opleiden.

Ten slotte vraag ik een beetje clementie met beginnende predikanten. Wie veel voor hen bidt, zal ook wel een manier vinden om hen te helpen in geestelijke groei. En gun hun een beetje genade. Genade – daar moeten wij als predikanten van leven. Wat dat betreft blijven we levenslang PiO.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juni 2020

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's

PiO

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juni 2020

De Waarheidsvriend | 24 Pagina's