’Kom vrienden, ga met mij het Kindeke zoeken. Godzelf zal de Wachter der kudde wel zijn. Het ligt in de kribbe. in doeken gewonden. Dat zou - sprak de engel - het teken toch zijn? ’Zij spoeden zich voort in het nachtelijk duister. Nóg klinkt in hun oren de engelenzang. Zij jubelden: 'Ere z ...