'Want, o HEER, ik ben aan 't zinken en tot hinken ieder ogenblik gereed;' Hinken en zinken, vallen en afdwalen! Ben ik ver mis, als ik beweer dat menig kind des Heeren hierop moet zeggen: 'Dat is mijn leven!, want het goede dat ik wil, doe ik niet en het kwade, dat ik niet wil, dat doe ik!' Leeft ...