De psalmdichter maakt in dezen psalm eene vergelijking tusschen de wereld, die buiten God leeft, en degenen, die den Heere vreezen en op Zijne genade hopen. De Heere schouwt en ziet alle menschenkinderen, maar Zijn oog is inzonderheid gevestigd op de kinderen Zijns volks. Ofschoon God geen vleesc ...